Dibi, Leers & Costa

door GB op 16/02/2011

in Grondrechten, Haagse vierkante kilometer

Het gaat lekker, tussen dit kabinet en GroenLinks. Tofik Dibi had gehoord dat er ergens weer uitgeprocedeerde Irakezen op een vliegtuig werden gezet en dus riep bij Leers ter verantwoording tijdens het vragenuurtje. Maar Leers kwam met een goed verhaal en een brief: iedereen had zijn kansen gehad, onder andere om het EHRM te hulp te roepen. Dibi was tevreden en bond in.

Ondertussen hangt Jean-Paul Costa, de president van het EHRM, aan de noodklok. Zijn Hof is de laatste tijd aan het verzuipen in de verzoeken om interim-measures. In 2006 nog 112, in 2010 een dikke 4700 verzoeken. Voor een Hof dat al voor meer dan 30 jaar achterstallig werk op de plank heeft liggen geen aangename ontwikkeling.  Met name tussen oktober 2010 en januari 2011 ging het mis, aldus Costa.

In particular, between October 2010 and January 2011, the Court received around 2,500 requests for interim measures concerning return to one particular State, including 1,930 such requests against Sweden. The vast majority of those applications were incomplete, with insufficient information and documentation to permit the Court to make any proper assessment as to the risks attendant on return. In addition, in 2010, more than 2000 requests were made in respect of the United Kingdom, 400 against the Netherlands and more than 300 against France.

Zweden en het Verenigd Koninkrijk herkennen we als de landen die Leers destijds in november nog noemde als voorbeelden van landen die wel gewoon Irakezen waren blijven uitzetten. En Nederland dus nog boven Frankrijk. Interessante vraag is trouwens wel wat nu precies veroorzaakt dat juist deze landen zo hoog scoren.

Voor Costa is het reden om advocaten nog maar eens toe te spreken dat kansloze en incomplete aanvragen het Hof alleen maar frustreren. Maar ook de lidstaten krijgen instructies:

Member States provide national remedies with suspensive effect which operate effectively and fairly, in accordance with the Court’s case-law and provide a proper and timely examination of the issue of risk. Where a lead case concerning the safety of return to a particular country of origin is pending before the national courts or the Court of Human Rights, removals to that country should be suspended. Where the Court requests a stay on removal under Rule 39, that request must be complied with.

Dat het EHRM er bij de lidstaten op aandringt binnen de normen van het EVRM te blijven, is begrijpelijk. Maar de oproep om tijdens een ´lead case´ bij zowel de nationale rechters als het EHRM uitzetting naar het betreffende land over de hele linie op te schorten, is volgens mij wel nieuw en wellicht een reactie, mede op de Nederlandse handelwijze van eind vorig jaar.

In ieder geval is het voortaan dus de bedoeling dat Tofik zich afvraagt of er ergens een ´lead case´ over de veiligheid in Irak aanhangig is. Het EHRM kan immers niet naar elke Irakees kijken.

{ 0 reacties… add one now }

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: