1989 was slechts einde van de Analoge Geschiedenis

door SvdL op 02/06/2011

in Varia

1989: Val van de Muur en het einde van de Analoge Geschiedenis. Het is wachten op de digitale opvolger – die woedt namelijk al, onzichtbaar, maar steeds merkbaarder. Uiteraard op internet.

Niet vrijheid, maar digitale dictatuur regeert in de wereld. Dat concluderen Frederik Erixon en Hosuk Lee-Makiyama in hun paper Digital Authoritarianism. Human Rights, Geopolitics and Commerce. Ondanks alle halleluja-verhalen over de bevrijdende werking van internet zijn miljoenen mensen verstoken van zowel fysieke als informatieve toegang tot internet. Gebruikers hebben geen telefoonverbinding of ‘kastje’ noch de mogelijkheid om te grasduinen in studies, boeken of sociale netwerken.

Dat gaat binnen afzienbare tijd ook niet gebeuren. Want na een korte voorsprong van de dissident 2.0 (de online activist die menig dictator het nakijken gaf) zijn steeds meer autoritaire regimes steeds beter geworden in het steeds meer reguleren van de toegang tot het wereldwijde web. De zwaardmacht tolereert geen dissidenten en slaat keihard – heel 1.0 zo u wilt – terug. Meer staten investeren in nieuwe technologie om te monitoren, op te sporen, te beïnvloeden en soms zelfs nogal plat de stekker eruit te trekken.

De strijd van burgers om zich aan de greep van de overheid te onttrekken, is vaak opmaat voor een mondiale trend. Denk aan de bevrijding van de Fransen door de Fransen in 1789. Het spleet de wereld in broederschap, vrijheid en gelijkheid. Denk aan de Europese Industriële Revolutie: die spleet de wereld in de haves en have nots. Denk aan de val van de Muur die onze ogen opende voor de internationale spanningen tussen religies en beschavingen. Elke strijd heeft een einde en elk einde een nieuw begin. Aan zo’n nieuw begin staan we nu.

Vier, vijf jaar geleden had Google in vier landen problemen met door hun aangeboden diensten. Nu zijn er al zestig naties die bijvoorbeeld toegang tot YouTube blokkeren. De informatiegigant houdt alle verzoeken om content van het net te halen bij. We mogen zienwelke landen het bedrijf hebben gesommeerd om informatie van het net te halen. Je zou heel wat bolletjes verwachten in het Midden-Oosten of in verlichte dictaturen in Azië.  Ook Europese overheden willen bepaalde informatie liever niet op het wereldwijde web. Staten proberen met man en macht de nieuwe onzekere verhouding tussen hun functioneren en de vrijheid van het individu onder controle te krijgen.

Die binnenlandse strijd om controle moet voor een staat geen probleem zijn. Boeken, pamfletten, kranten en magazines zijn er ook ‘onder’ gekregen en de content daarvan is gereguleerd. Nieuwe media zullen op dezelfde wijze binnen het recht worden gebracht (zijn dat grotendeels al). Soms zal het nog even wennen zijn. Zullen juristen moeten zoeken naar nieuwe balansen en zullen er oude paradigma’s voor nieuwe worden ingeruild. Vaststaat dat internet gereguleerd gaat worden (denk aan de verplichting van providers om op gezag van een OvJ sites te blokkeren op straffe van een dwangsom). Het is voor staten sowieso eenvoudig den individuele burger eronder te houden. Zeker met behulp van sociale media – een uitingsvorm bij uitstek die anonimiteit (voorwaarde voor een geslaagde vrijheidsstrijd) niet verdraagt.

De strijd tussen staten zal complexer liggen. De aanval van Stuxnet (computervirus) op vitale onderdelen van de Iraanse kerncentrales in Busher en Natanz (lees het uitstekende Cyberwar van Richard Clarke) is daarvan een voorbeeld. Maar ook de aanval vanuit (vermoedelijk) Rusland Op Estland in 2007 of diverse aanvallen op mainframes van de NAVO luiden het ontstaan van wat Amerikanen zo prachtig een nieuw theatre of war hebben gedoopt. Na de land-, zee- en luchtmacht is er nu ook cyberspace. En de VS hebben een commandostructuur, ondergebracht bij de luchtmacht, om er de strijdbijl op te nemen. In die oorlog zijn ook wij kwetsbaar. Denk aan  ’civiele’ structuren (banken, ziekenhuizen, verkeersregelsystemen) die door vijandige staten kunnen worden overgenomen of aangevallen.

Dachten we na 1989 klaar te zijn met onze geschiedenis, nu moeten we concluderen dat er toch een nieuw hoofdstuk wordt geschreven. Een nieuw hoofdstuk op die aloude vragen: wat kan wel, wat kan niet en wie bepaalt dat eigenlijk? Godzijdank is de politiek weer terug. Het heeft even geduurd, maar de nieuwe eeuw kan dan officieel van start gaan. Het is alleen wachten op een wereldwijde (virtuele) oorlog die die Nieuwe Tijd definitief aankondigt en de voorgaande, Analoge Tijd, dood verklaart.

Sebastiaan van der Lubben

{ 1 reageer… read it below or add one }

1 Mihai Martoiu Ticu 02/06/2011 om 22:31

De staten hebben twee problemen, moeilijk te overkomen:

(1) technologie + kennis worden steeds goedkoper, toegankelijker en vernietigender. De staten hebben tot nu toe de macht over individuen gehad omdat staten een technologische voorsprong op individuen hadden. Voordat het individu toegang had tot de betreffende technologie, had de staat een andere technologie. Deze technologie verschafte de macht. Bijvoorbeeld de staat had de tanks en de wapens. Tegenwoordig kan iedereen makkelijk vernietigende dingen maken. Neem bijvoorbeeld de twee sluipschutters in de V.S.

Deze gat tussen de macht van de staat en de macht van het individu is voortdurend kleiner geworden. Neem bijvoorbeeld het communistische dictaturen, die de technologie hadden om de burgers te bespioneren. Tegenwoordig kunnen de burgers net zo makkelijk de staat bespioneren.

En alle nieuwe technologieën vallen steeds sneller in de handen van individuen. Neem bijvoorbeeld de drones. De staten hadden een heel kleine voorsprong in het hebben van drones en tegenwoordig kan men zelf met gamma spullen en informatie van het internet zijn eigen drones maken.

(2) Staten hebben een klein aantal mensen in dienst, dat uiteindelijk een steeds groter worden massa informatie moet verwerken om beslissingen te nemen. De individuen handelen nu in ruimte verspreidde netwerken. Zij nemen snellere beslissingen dan staten en lopen daardoor de staten een stap voor.

Neem bijvoorbeeld de revolutie in Egypte. De staat liep steeds achter de feiten aan. Terwijl de staat verlamd was omdat men de informatie niet kon verwerken, handelden individuen in hun eentje. Men gaf het gewoon via sociale media door hoe je makkelijk een waterkanon kon saboteren.

Het enige wat de staten kunnen doen is automatiseren. Maar men moet beslissingen uit de hand geven. Computers moeten informatie verzamelen verwerken, beslissen wie gevaarlijk is en meteen maatregelen nemen. Met andere worden je wordt door een computer geëxecuteerd, voordat er voor een mens bekend is dat je gevaarlijk bent, zonder tussenkomst van een rechter.

Maar staten nemen met deze ontwikkelingen twee hoge risico’s: (1) Ze verliezen de controle over de beslissingen. Computers kunnen net zo goed foute inschattingen doen en de regeringsleiders doden. (2) Deze technologie komt in een snel tempo in de handen van de individuen. Zij kraken het systeem en nemen het over, of bouwen ze in een korte tijd hun eigen vergelijkbaar systeem.

Staten kunnen proberen om een technologische gat te maken door individuen in de stenen tijdperk te houden, maar dat is moeilijk. Ten eerste vooral omdat de kennis nu goedkoop is en makkelijk te verspreiden/verkrijgen. Individuen zullen daarmee zelf technologische ontwikkelingen maken.

Ten tweede, mensen hebben commerciële belangen om de technologie te verspreiden. Men wil de technologielozen technologie graag verkopen. Deze verspreiders kunnen buiten de staat zijn, of zakenmensen binnen de staat.

Dus zolang de staten niets uitvinden, die onze hersenen kan controleren, zich niet een mondiale dictatuur omvormen, verliezen de staten steeds meer macht ten gunste van individuen, groepen en netwerken individuen.

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: