A Bit Rich

door JU op 04/09/2010

in Haagse vierkante kilometer

‘Exit Klink en Koppejan’. Samengevat was dat volgens GB gisteren de enige manier om Wilders en Rutte nog gerust te stellen. Nog diezelfde dag blijkt Wilders de banenmachine van het CDA niet af te wachten. Het argument dat de CDA-achterban wekenlang zoet moest houden:‘wacht de onderhandelingen af en oordeel dan’, was niet alleen voor die achterban moeilijk te verteren maar kennelijk ook voor Wilders zelf. Het kan verkeren.

Wilders, zelf voormalig eredissident van de VVD-fractie, nam het D-woord gisteren met zichtbare afkeer een keer of twintig in de mond. Het opvalllendste en ongetwijfeld meest besproken element van zijn persconferentie gisteren was het blok waarvoor hij het CDA had gezet: de uitkomst van het CDA-congres moest voor de fractie bindend zijn. Kwam er daar een Klink in de kabel, dan moesten er Koppejannen rollen.

Die bezorgdheid van Wilders over de interne partijdemocratie van het CDA is op zijn zachtst gezegd merkwaardig. Niet alleen vanwege het dissidente verleden van Wilders zelf, maar ook vanwege het ontbreken van elke vorm van partijcongres binnen de PVV. ‘A bit rich’  dus dat deze partij van CDA-Kamerleden eist dat zij zich houden aan moties van een partijcongres terwijl men zelf van zo’ n congres niets wil weten. Als de uitkomst van de onderhandelingen inderdaad zo aanvaardbaar voor CDA en VVD zou zijn geweest als de drie partijleiders ons wekenlang hebben doen geloven, heeft de PVV dan niet heel veel concessies gedaan waarvan bij de achterban de wenkbrauwen omhoog zouden zijn  gegaan?

De vraag is overigens wel of het staatsrecht zich inderdaad verzet tegen deze eis van Wilders zoals Verhagen en de meeste commentatoren gisteren aan tafel bij de Kneveltjes kennelijk aannamen. Zeker, Klink noch Koppejan of Ferrier is verplicht zo’n verklaring te ondertekenen en zouden zij dat doen dan is een dergelijke verklaring staatsrechtelijk niets waard. Maar daarmee is niet gezegd dat de belofte politiek niets voorstelt, en evenmin dat zij staatsrechtelijk niet kan of mag. De belofte zich gebonden te voelen aan moties van een partijcongres lijkt me als zodanig allerminst immoreel. Het is toch iets anders dan beloften aan vastgoedmagnaten of iets dergelijks. Dat wil niet zeggen dat men zich altijd moet binden aan uitspraken van een partijcongres: die zijn immers vaak van een wat algemener karakter en kunnen betrekking hebben op de lange termijn. Maar wanneer de partij voor een zeer tastbare tweesprong staat en het congres zich over te varen koers duidelijk uitlaat zie ik niet in waarom Kamerleden zich daar niet aan gebonden zouden kunnen voelen. Het is dan niet het toekomstige kabinet, niet de beoogde coalitiepartner, maar het belangrijkste partijorgaan dat de koers van de fractie – en indirect de samenstelling ervan – bepaalt. 

In het verleden zagen wij verschillende dissidente Eerste en Tweede Kamerleden hun zetel ter beschikking stellen nadat de meningsverschillen tussen henzelf en de partij of de fractie onoverbrugbaar waren gebleken. Daartoe waren zij staatsrechtelijk zeker niet verplicht. Niettemin wordt zelden of nooit verdedigd dat het opgeven van hun zetel staatsrechtelijk onmogelijk of onkies was. Verschillende partijen achtten zich in het verleden bovendien geregeld gebonden aan uitslagen van referenda, of die nu over burgemeesters of over de Europese Grondwet gingen. Op de zin van dergelijke beloften valt best wel wat af te dingen, maar toch niet dat daarmee het staatsrecht geweld wordt aangedaan? Wie zou menen dat een volksvertegenwoordiger jegens hem een onrechtmatige daad heeft gepleegd door zich niet aan zijn belofte te houden, die zou misschien nog eens de Grondwet moeten openslaan. Maar overigens zie ik geen staatsrechtelijke problemen met de eis van VVD en PVV. Net zoals met het, wat mij betreft zeer terechte, antwoord van de drie CDA’ers trouwens.

{ 2 reacties… read them below or add one }

1 MN 05/09/2010 om 12:00

Het is in elk geval opmerkelijk dat Verhagen zich zo ferm uitspreekt over het verbod van last, terwijl het in veel partijen (ook het CDA) gebruikelijk is om bij het aanvaarden van een plek op de lijst een verklaring te ondertekenen waarin de kandidaat plechtig belooft in geval van conflict afstand te doen van zijn zetel. Ook dat soort afspraken zijn juridisch waardeloos ( zie Verkiezingsafspraak Elsoo, Arubaanse verkiezingsafspraak), maar daar gaat het niet om: Verhagens constitutionele flinkheid is flinterdun.

2 WJLH 05/09/2010 om 17:12

Misschien moeten we Verhagens uitleg van ons staatsrecht als volgt gebruiken: parlementariërs behoren een last te kunnen aanvaarden, maar uitsluitend voor zover hen gegeven door de partijleiding.

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: