Ankersmit: Alleen Nationale Vergadering kan democratie nog redden

door PWdH op 18/04/2010

in Varia

Volgens inmiddels emeritus hoogleraar intellectuele en theoretische geschiedenis Frank Ankersmit is Nederland geen democratie maar een electieve aristocratie (‘verkozen aristocratie’?). Trouw/Letter & Geest publiceerde gisteren de verkorte versie van zijn afscheidsrede, die ik helaas niet online heb kunnen vinden.

In het voetspoor van Rousseau constateert Ankersmit dat we onszelf en ‘de burger’ bedriegen door onze ‘representatieve democratie’ ‘democratie’ te noemen: we moeten de zaken niet mooier voorstellen dan ze zijn. Eens in de vier jaar slechts is het volk echt aan de macht en kan het zijn soevereiniteit botvieren tussen de drie schotten van het stemhokje. De gekozen volksvertegenwoordigers zijn vervolgens aan hun eigen inzichten overgeleverd wat te doen met de macht: leden van de kamers stemmen immers ‘zonder last’ (artikel 67 lid 3 Gw).

Is dat erg? Ja, vindt Ankersmit, want op termijn zal de verkozen aristocratie ontaarden in een oligarchie: we worden dan geregeerd door een zelfzuchtige elite. Dat uit zich in zichzelf verrijkende managers die opereren op de grens van de publieke en de private sector, zonder dat zijzelf of een ander daarover verantwoording hoeft af te leggen. De ‘degenererende aristocratie’ komt ook tot uiting in de afkalving van het middenveld, in het bijzonder de politieke partijen als verenigingen. De oplossing ligt voor de hand: laat zo nu en dan een verse elite aantreden. De politicoloog Robert Dahl sprak van een polyarchie: een stelsel waarin verschillende elites trachten de macht te veroveren. Problematisch is dat in ons land het niet meevalt zittende politici weg te stemmen, onder meer door het proportionele lijstenstelsel.

Ankersmit is dan ook niet tegen democratisering door bijvoorbeeld referenda. Dit soort ingrepen blijven echter lapwerk. Van ‘een beetje meepraten’ moeten we niet te veel verwachten. Hij stelt een radicalere oplossing voor: de invoering van een nieuwe institutie, het Tribunaat. Dit is een idee van de Franse politiek theoreticus Emmanuel Sieyès.

Diens oplossing voor de spanning tussen de parlementarier als vertegenwoordiger van zijn achterban enerzijds en de parlementarier als autonome behartiger van het algemeen belang anderzijds is het helder scheiden van deze rollen in twee afzonderlijke instituties. De eerste rol wordt ondergebracht in het Tribunaat, die tot taak heeft de noden en wensen van de achterban te vertalen in wetsvoorstellen, als eenvoudig gevolmachtigde. Daarnaast is er een uitvoerende en een wetgevende macht. De laatste beslist over de voorstellen van het Tribunaat, gehoord hebbend de uitvoerende macht. De wetgevende macht spreekt als het ware een oordeel uit over het debat tussen Tribunaat en uitvoerende macht. Het tribunaat is democratisch omdat het slechts doorgeefluik is, de wetgevende macht democratisch omdat het zelf geen voorstellen mag doen.

Sieyès gaat daarmee stappen verder dan bijvoorbeeld Hannah Pitkin, die in haar conceptuele studie van het representatiebegrip de beide rollen van vertegenwoordigers (doorgeefluik en onafhankelijk beoordelaar van voorstellen) niet in verschillende instituties onderbrengt. Zij stelt voor beide rollen als aspecten van representatie te zien. Vertegenwoordigers doen dan afwisselend aan ‘standing for’ en ‘acting for’: aan afwisselend getuigenispolitiek ter bediening van de achterban, afgewisseld door min of meer autonome behartiging van het algemeen belang (waarmee ook de belangen van de achterban worden gediend).

Hoe het ook zij, Ankersmit eindigt naar eigen zeggen ‘half in scherts’ met de oproep tot een Nationale Vergadering. Iedereen mag meedoen, zolang er na twee jaar maar een nieuwe Grondwet en constitutie ter ratificatie aan het volk kan worden voorgelegd. De oude mag daarbij als uitgangspunt dienen. Bevoegdheden van parlement en regering ten aanzien van de Grondwet worden tijdelijk opgeschort. Als dat in 1798 kon, aldus Ankersmit, waarom dan nu niet opnieuw? Eerste concepten zijn welkom bij de redactie.

{ 7 reacties… read them below or add one }

1 Bigmans 18/04/2010 om 17:35

Ankersmits constatering dat op termijn de verkozen aristocratie zal ontaarden in een oligarchie, is bepaald niet nieuw. Al ruim een eeuw voor Christus omschreef Polybius het verval van het gezag als een natuurlijke eeuwige kringloop.

Polybius, daarbij teruggrijpend op Plato en Aristoteles, onderscheidt in zijn boek VI van zijn werk Histories drie enkelvoudige bestuursvormen: de heerschappij van één, van enkelen en van velen, met voor iedere vorm een goede (monarchie, aristocratie en democratie) en een slechte variant (tirannie, oligarchie en ochlocratie). Bij concentratie van de macht in één persoon of orgaan, heeft elk van de bestuursvormen – vanwege de inherente zwakte van de enkelvoud – de neiging te ontaarden in zijn tegenhanger. Een ontaarde bestuursvorm wordt bovendien opgevolgd door een goede opvolgende vorm. De monarchie slaat om in tirannie, omdat door erfelijkheid van de macht de monarch niet meer regeert op grond van zijn excellentie en er zodoende geen incentive meer is om de staat te dienen. De tiran zal uiteindelijk afgezet en vervangen worden door degenen die dicht genoeg bij de troon zitten om zijn corruptie op te merken: de aristocraten. Deze aristocratie vervalt in oligarchie, op grond van hetzelfde mechanisme als de monarchie-tirannie, waarna het volk uiteindelijk de verantwoordelijkheid voor haar eigen bestuur ter hand zal nemen. Zolang de herinnering aan de onderdrukking nog levendig is, zal zij haar vrijheid met kracht bewaken, maar toekomstige generaties die niet beter weten, zullen hun verworvenheden niet langer koesteren, zodat de democratie vervalt tot een ochlocratie. In deze tijden van overheersing door een redeloze massa is sprake van de door Hobbes getypeerde natuurtoestand van “een oorlog van allen tegen allen” en ontstaat de behoefte aan een sterke leider die orde op zaken stelt. Deze zal opstaan in de vorm van de monarch, waarna de hele cyclus opnieuw begint.

Kortom: ons rest in de huidige staat van onze democratie – die ik eerder zou typeren als neigend naar een ochlocratie – te wachten op de verkiezingswinst van degene die thans zich profileert als de sterke leider, die orde op zaken zal stellen. Helaas lijken we de daarbij de goede vorm van heerschappij door één over te gaan slaan….

2 PWdH 18/04/2010 om 18:55

Zeker, Ankersmit zelf noemt Polybius ook met zoveel woorden. Dat die in de post niet wordt genoemd, komt dan ook voor mijn rekening. Formeel kun je overigens niet spreken van een ochlocratie – en dat is volgens mij het punt van Ankersmit – nu de machtsuitoefening van de burger is beperkt tot het uitbrengen van een stem eens in de vier jaar.

3 Bigmans 18/04/2010 om 20:11

Ochlocratie betekent letterlijk “heerschappij van het gepeupel”. Het is democratie, verpest door demagogie, de tyrannie van de meerderheid en het heersen van de passie boven de rede. Het kenmerk is niet de frequentie waarmee het volk zijn stem kan laten klinken (daarom moet het niet verward worden met directe democratie), maar dat de macht van het volk boven de wet verheven is. Illustratief voor mijn mening dat we neigen naar een ochlocratie is bijvoorbeeld de maatschappelijk breed gesteunde actie van Peter R. de Vries, die zijn eigen oordeel boven die van de rechter stelt.

Hoe dan ook, ik denk niet dat wij – en Ankersmit – het met elkaar oneens zijn dat de democratie op dit moment niet optimaal functioneert. Maar wat de oplossing zou moeten zijn? Eerlijk gezegd zie ik die ook niet in die van Ankersmit. Wellicht het vervangen van politieke partijen door kieskringen die zichzelf na verkiezingen weer opheffen?

4 LD 18/04/2010 om 21:12

Wordt de actie van Peter R. inderdaad breed gesteund door de maatschappij? Ik heb daarover nog geen peilingen kunnen vinden, noch demonstrerende massa’s bij de Rechtbank Amsterdam gezien. Wellicht heb ik iets gemist?

5 Bigmans 18/04/2010 om 22:42

@ LD: Het Dagblad van het Noorden heeft een poll openstaan met de vraag “Ook Peter R. de Vries moet uitspraak van rechter respecteren”. Van de 426 respondenten is bijna de helft het oneens met deze uitspraak. Dat vind ik persoonlijk schokkend veel; ook al betekent dit dat iets meer dan de helft het eens is met de stelling. Ook de reacties bij de nieuwsartikelen in casu in de diverse online kranten en tijdschriften laat het beeld zien dat een behoorlijk aantal mensen van mening is dat Peter R. de Vries de rechterlijke uitspraak naast zich neer mag leggen.

6 WJLH 20/04/2010 om 09:54

Hier is het artikel in Trouw te vinden: http://www.trouw.nl/digitalekrant/TR/20100417___/4_076/article1.html . Zijn afscheidsrede was mede vormgegeven als een reactie op het boek Representative democracy. Principles and Genealogy (Chicago UP 2009) van N. Urbinati. Ankersmit noemde dit boek ‘op dit moment het standaardwerk over de representatieve democratie’, hoewel ‘de grootste tekortkoming van het boek is, wellicht, dat het nergens een reflectie biedt op het begrip representatie’.

Dit gebrek heeft kennelijk ook zo’n invloed op Ankersmit gehad, want waar hij elders hamerde op het belang, de betekenis en de waarde van representatie voor onze democratie, ging hij er in zijn lezing geheel aan voorbij. Sterker nog, zijn pleidooi voor het Tribunaat is een keuze tegen representatie!

Ankersmit stelt zich namelijk een Tribunaat voor dat slechts de wensen van het volk in wetsvoorstellen hoeft te verwoorden waardoor er geen vertekening plaatsvindt van de wensen van het volk. Helaas zal dit Tribunaat ook keuzen moeten maken. Immers, een wensuiting is nog een wetsvoorstel. Bovendien is er altijd het probleem van zender-ontvanger: de kans bestaat dat de leden van het Tribunaat de volkswensen niet goed begrijpen.

7 PWdH 20/04/2010 om 11:46

Het laatste probleem wordt soms afgedaan als slechts een ‘empirisch’ probleem. Hoe dan ook, misschien is Ankersmit zijn geloof in representatie verloren? Of niet: of het Tribunaat een keuze is tegen representatie hangt af (flauw wellicht) van de definitie daarvan. In haar standaardwerk over representatie laat Pitkin zien dat die velerlei zijn. Ook de leden van het Tribunaat kunnen doorgaan voor vertegenwoordigers. Haar oplossing is als gezegd twee type representatie (‘standing for’ en ‘acting for’) als twee aspecten van representatie te zien. Maar dat is misschien conceptueel niet geheel bevredigend.

Reactie achterlaten

{ 5 trackbacks }

Vorige post:

Volgende post: