Benoeming Buruma II

door GB op 20/03/2011

in Haagse vierkante kilometer

Dit blog mag graag napruttelen over procedurele kwesties. Zo ook nu, over het verloop van de stemming over de voordracht van Buruma in de Hoge Raad.

Buruma kwam twee keer voor op een aanbevelingslijst. Een keer als tweede kandidaat voor een plek in de civiele kamer en een keer als eerste kandidaat voor een plek in de strafkamer. Over beide plekken werd schriftelijk gestemd. 142 kamerleden brachten hun stem uit, waarvan telkens 24 blanco en dus ongeldig waren. Het ligt voor de hand dat dat de 24 PVV’ers waren. Dat was in ieder geval de instructie van Wilders, zoals hij later aangaf. Of het nu zo schandalig was dat Wilders dit openlijk aangaf, vraag ik me af. Waarom Pechtold aan kwam hollen om verontwaardigd de woorden van de Voorzitter te herhalen overigens ook.

Er gebeurde echter nog meer. In de stemming over de voordracht van Buruma als runner up voor de voordracht in de civiele kamer was er één kamerlid dat het nodig vond om op Snijders te stemmen. Dat lijkt me een onoplettende slordigheid, omdat de Kamer even daarvoor besloten had om zonder schriftelijke stemming Snijders op de eerste plaats te zetten. En er werd door twee leden op een ander, namelijk op Groeneveld gestemd. In de tweede stemronde, over Buruma als eerste voordracht voor een plek in de strafkamer, waren er weer twee niet overtuigd van de geschiktheid van Buruma. Eén stemde op Aben, en de ander zag Polak wel zitten. In het gokspelletje wie die twee kamerleden zijn geweest zet ik mijn geld op de SGP. Die zijn ook niet zo gediend van vergelijkingen met Mussolini.

Opvallend was verder de opmerking van de Voorzitter dat een stem alleen geldig was als hij een van de zes namen bevatte die de Hoge Raad voor de betreffende vacature bedacht had. Wellicht was het bedoeld om te voorkomen dat de PVV weer op Job Cohen zou stemmen, zoals ze destijds deden met de benoeming van een Ombudsman. Ook toen maakte Wilders trouwens openbaar dat 24 van de 25 (?) op Job Cohen uitgebrachte stemmen van zijn club afkomstig waren.

Maar waar is zo’n beperking van de mogelijke kandidaten op gebaseerd? Artikel 1e van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren eist niet meer dan dat de kamer op de lijst van zes ‘zodanig acht zal slaan als zij zal dienstig oordelen.’  In het Reglement van Orde van de Tweede Kamer vind ik geen bepaling die stelt dat de voordrachten de keuze beperken, zodat het wellicht gebaseerd is op een apart besluit van de Kamer.

Maar welk besluit dan?

{ 0 reacties… add one now }

Reactie achterlaten

{ 1 trackback }

Vorige post:

Volgende post: