Buitenlands bericht: het Nederlandse staatsbestel is kapot

door CM op 22/12/2013

in Europa, Haagse vierkante kilometer, Uitgelicht

Post image for Buitenlands bericht: het Nederlandse staatsbestel is kapot

In Nieuwsuur mochten de oud-politici Aart Jan de Geus (CDA), Rick van der Ploeg (PvdA) en Hans Hoogervorst (VVD) filosoferen over het Nederlandse staatsbestel. Alle drie hebben ze hun sporen op het Binnenhof verdiend als Kamerlid, minister of staatssecretaris. Door hun langdurig verblijf in Frankrijk, Duitsland, Italië en Engeland kunnen ze bovendien met een andere bril naar de politieke situatie in ons land kijken. Het leverde een korte, uitermate warrige reportage op, met het gebruikelijke onheilspellende muziekje op de achtergrond en veel losse soundbites. De conclusies waren betrekkelijk voorspelbaar: het Nederlandse staatsbestel is vastgelopen, Nederland moet toe naar een kiesdrempel en de Eerste Kamer moet worden hervormd.

Voor die ideeën had Nieuwsuur echt niet naar Londen hoeven afreizen. Het is bovendien nog maar zeer de vraag of een kiesdrempel ons veel voordeel gaat opleveren. Hoogervorst noemde in dit verband een drempel van 5%. De Tweede Kamer kent nu 11 fracties (de pseudo-fractie van Bontes niet meegerekend). Als we de uitslag van de verkiezingen van 2012 opnieuw zouden berekenen mét toepassing van een kiesdrempel van 5%, zouden er zes fracties overblijven: VVD, PvdA, PVV, SP, CDA en D66. Met als resultaat dat VVD en PvdA met een paar zetels meer nog steeds tot elkaar veroordeeld zouden zijn, net zoals dat nu het geval is. De reportage bevatte waarschijnlijk onbedoeld de bekende uitspraak van Mark Rutte “deze twee partijen denken heel verschillend over heel veel zaken in Nederland” en dat zal door invoering van een kiesdrempel echt niet veranderen.

De vergelijking met Duitsland en het Verenigd Koninkrijk gaat in dit verband ook wat mank. In Duitsland heeft de kiesdrempel ervoor gezorgd dat Merkel niet kan regeren met haar meest natuurlijke bondgenoot de FDP, maar het gevolg is dat ze het nu moet doen met haar grote ideologische tegenstander in de campagne, de SPD. Mét kiesdrempel zit Duitsland dus in een vergelijkbare situatie als bij ons. En het Verenigd Koninkrijk kent geen kiesdrempel, wel een heel ander kiesstelsel dat gebaseerd is op het behalen van meerderheden in districten. Daar kun je met iets meer dan een derde van de stemmen een comfortabele meerderheid in het Lagerhuis halen. Merkwaardig genoeg sprak Van der Ploeg van een ‘tweepartijenstelsel’, terwijl momenteel toch echt een coalitie van Conservatieven en Liberaal Democraten het land regeert, voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog. Over een kiesdrempel in Nederland valt best te discussiëren. De een zal het verdwijnen van dierenpartijen, mannenbroederspartijen en partijen voor ouderen betreuren, de ander zal het toejuichen. Maar beiden kunnen het erover eens zijn dat zo’n kiesdrempel het land echt niet gaat redden.

Hervorming van de Eerste Kamer wel? Als je kijkt naar het aantal verworpen wetsvoorstellen zou je zeggen van niet. De Eerste Kamer heeft onder Rutte I en II zes wetsvoorstellen verworpen, waarvan drie initiatiefwetsvoorstellen en drie wetsvoorstellen die al onder eerdere kabinetten waren ingediend. Kortom: de Eerste Kamer heeft nog niet één wetsvoorstel van Rutte en zijn team afgeschoten. Niettemin hangt de dreiging van afschieten wel boven ieder nieuw plan. Het valt niet te ontkennen dat de moeizame akkoorden over wonen, pensioenen en begrotingen zijn gesloten omdat het kabinet geen meerderheid in de Eerste Kamer heeft. Onze niet-rechtstreeks gekozen Eerste Kamer heeft dan wel erg veel macht en Hoogervorst breekt terecht een lans voor een terugzendrecht. Dat idee is echter al zo oud als de Eerste Kamer zelf. Recent kon u er al in ietwat gewijzigde vorm over lezen op Publiekrecht & Politiek. De Geus ziet liever geen Eerste Kamer meer, maar dan moet de Tweede Kamer wel verkleind (?) worden en extra ondersteuning krijgen. Alsof we met extra ambtenaren meer dualisme krijgen.

Kortom, de in de reportage genoemde ideeën zijn niet nieuw en in het geval de kiesdrempel waarschijnlijk ook niet zo vreselijk behulpzaam. Veel interessanter was dan ook de analyse van Hoogervorst over het gebrek aan gevoel van urgentie in Nederland. Hij voorspelde dat het met betrekking tot de politieke situatie allemaal nog veel erger moest worden voordat men zou overgaan tot grote staatkundige hervormingen. Waarom is dat zo? En waarom hebben de geïnterviewden er in het verleden, toen zij nog Kamerlid of bewindspersoon waren, niet zelf voor gekozen wetsvoorstellen in te dienen om ons te behoeden voor het vastlopen van het politieke bestel? De in de reportage genoemde ‘oplossingen’ zijn immers al tientallen jaren bekend. Wat is er voor nodig om wél een besef van urgentie te creëren? Nieuwsuur mag er in een volgende uitzending eens bij stilstaan.

{ 2 reacties… read them below or add one }

1 Martin Holterman 23/12/2013 om 21:01

Ik zou trouwens nog niet zo snel zeggen dat in een kamer met VVD, PvdA, PVV, SP, CDA en D66 de eerste twee weer tot elkaar veroordeeld zouden zijn. Ik zou e.e.a. even moeten narekenen, maar me dunkt dat in dat geval een coalitie over links of over rechts veel gemakkelijker zou zijn.

2 CR 24/12/2013 om 10:00

@MH Zoiets kun je beter eerst uitrekenen.
Bij zes partijen, en ervan uitgaande dat de kiezers niet anders gestemd zouden hebben dan ze hebben (wat natuurlijk wel het geval zou zijn), en dat ook hier de restzetels zouden worden verdeeld volgens het systeem van grootste gemiddelden:
VVD 46
PvdA 43
PVV 17
SP 16
CDA 14
D66 14
Als we er verder van uitgaan dat de PVV niet geschikt zou zijn bevonden als coalitie- of gedoogpartner, zou inderdaad alleen een Bruggenslaanderscoalitie mogelijk zijn. QED

Reactie achterlaten

{ 1 trackback }

Vorige post:

Volgende post: