Column Jit Peters: De petten van Lodewijk Asscher

door Redactie op 29/03/2010

in Haagse vierkante kilometer

Lodewijk Asscher was bij de raadsverkiezingen lijsttrekker van de PvdA in Amsterdam, de grootste fractie toen en nu in de Gemeenteraad van Amsterdam. Tevens was hij wethouder en loco-burgemeester. De kiezers hebben zijn fractie, ondanks een behoorlijk verlies, weer het grootst gemaakt in de verwachting dat Asscher de politieke onderhandelingen in zou gaan en op zou komen voor het verkiezingsprogramma van de PvdA. Ook lag het in de verwachtingen van de kiezers dat hij wel weer wethouder zou worden wanneer de PvdA in het college zou komen. De vergelijking met Balkenende gaat niet geheel op, nu de laatste al van tevoren heeft aangekondigd dat hij geen ambities heeft om Tweede Kamerlid te worden hoewel hij zich daarvoor kandidaat heeft gesteld.

Asscher had blijkbaar andere ambities dan die wij konden vermoeden toen hij zich kandidaat stelde voor het lijstaanvoerderschap. Asscher doet niet mee met de onderhandelingen en stelt zich als waarnemend burgemeester op als man boven de partijen. In eigen woorden, volgens de NRC van 25 maart jl, ‘ik heb politiek profiel, maar nu even niet’. Hoe bewonderenswaardig kunnen politici van profiel veranderen. Want zo meteen is wel weer een politiek profiel gewenst. Ik heb begrepen dat zijn waarnemerschap van het burgemeesterschap deel uit maakt van de collegeonderhandelingen. Daar zijn nu zelfs twee informateurs bij te hulp geschoten.

De burgemeester blijft een merkwaardige positie innemen in ons staatsbestel. Aan de ene kant is de burgemeester voor zijn benoeming tot burgemeester, zeker van een grote stad, een politicus. Dat was Job Cohen ook. Hij wordt ook door politici benoemd. De feitelijke keuze geschiedt door de politici van de Gemeenteraad. Maar zodra hij benoemd is houdt hij op politicus te zijn en verandert hij van profiel. Hij wordt een neutraal persoon die boven de partijen staat. Als zodanig krijgt hij allerlei bevoegdheden op het terrein van openbare orde en veiligheid. Hij vervult een soort magistratelijke functie. Maar tegelijk blijft hij met handen en voeten gebonden aan de Gemeenteraad die hem niet alleen heeft gemaakt maar hem ook kan breken. Zijn broodheer blijven de politici.

Nu kent de benoeming van de burgemeester een duidelijke procedure. Uiteindelijk heeft de Raad het voor het zeggen. Er is dan ook geen reden om te wachten tot er weer een volwaardig kabinet is voordat men tot benoeming overgaat. Volgens waarnemend Commissaris van de Koningin mevrouw Post verwacht men de benoeming voor de zomer. Alleen wanneer een kabinet van plan is af te wijken van de aanbeveling van de Raad  ligt het voor de hand zo’n belangrijk politiek besluit als de benoeming van een burgemeester van Amsterdam, niet te laten nemen door een demissionair kabinet.

Zo nauwkeurig als de procedure van de benoeming van een burgemeester vastligt in de Gemeentewet zo weinig ligt er vast over de benoeming van een waarnemer: helemaal niets. Daar kan de Commissaris van de Koningin nog eens zijn gang gaan. Bevriende oud-politici kunnen nog eens op deze manier aan een tijdelijk baantje worden geholpen. De invloed van de Raad is minimaal, meestal wordt men geconfronteerd met slechts één kandidaat. Waarnemers plegen te worden benoemd wanneer een burgemeester is vertrokken wegens politieke moeilijkheden met de Raad of wanneer een herindeling van de betreffende gemeente mogelijkerwijs in het verschiet ligt. Zo’n waarneming kan nogal eens lang duren. Ik ken een oud-burgemeester die op die manier jarenlang via waarnemerschappen aan de kost is gekomen.

Lag het nu in Amsterdam voor de hand een buitenstaander te benoemen als waarnemer of iemand uit het zittende college? Het voordeel van de benoeming van Asscher is dat hij de gemeente kent en ook als loco de burgemeester al vervangen heeft. Hij kent naar eigen zeggen de dossiers. Het voordeel van een buitenstaander is dat diegene niet belast is met collegeonderhandelingen en werkelijk de schijn kan ophouden dat hij boven de partijen staat. Nu het college van B en W demissionair is, had het mijns inziens voor de hand gelegen een buitenstaander te benoemen als waarnemer. Voor een ervaren oud-burgemeester is het niet zo erg wanneer hij de stad niet goed kent. Hij heeft zijn adviseurs op het stadhuis en de wethouders zullen hem toch ook wel willen bijstaan. De benoemingen van Van Opstelten in Tilburg en Mans in Maastricht als waarnemer werden niet als probleem gezien. Zouden voor Amsterdam andere wetten gelden? Echter waarnemend Commissaris van de Koningin Elisabeth Post (VVD) heeft anders besloten en Asscher als waarnemer benoemd. Een zeer onverstandig besluit. Want wat zijn de gevolgen? D66 boos op PvdA in Amsterdam, beschuldiging van machtsspelletjes, twee informateurs nodig om deze malheur te herstellen, onderhandelingen over het waarnemerschap van Asscher, Asscher die niet mee onderhandelt en binnen een paar maanden minimaal twee keer van kleur verschiet.

Dan nog het probleem wanneer hij weer wethouder wil worden en nog waarnemer is. Kan de kiezer dit proces van kleur verschieten meemaken of keert hij zich van dit spel af?

Kortom, wat heeft Asscher bewogen zo graag benoemd te worden als waarnemer? IJdelheid? Zelf zegt hij dat het enige motief is, het dienen van de stad. Dat laatste doet hij niet met het voortdurend van  kleur verschieten. Het komt het gezag van het burgemeesterschap ook niet ten goede.

Jit Peters

{ 2 reacties… read them below or add one }

1 LD 29/03/2010 om 14:35

Senator Hans Engels (D66; dat kan geen toeval zijn) heeft over de aanstelling van Asscher inmiddels schriftelijke vragen gesteld:

https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-58696.pdf

2 MN 29/03/2010 om 15:44

Dat het Asscher moeite kost om niet terug te vallen in zijn oude rol van sociaaldemocratisch voorman blijkt vanochtend uit de chocoladeletters op de Telegraaf: Asscher betrapt bij PvdA college-sessie (zie http://tinyurl.com/yfn9sde).

Reactie achterlaten

{ 1 trackback }

Vorige post:

Volgende post: