Column Wim Voermans: ‘The most vulnerable branch of government’

door WV op 08/05/2017

in Buitenland, Uitgelicht

Post image for Column Wim Voermans: ‘The most vulnerable branch of government’

Ik was vorige week in Caïro Egypte voor de OESO. Die organisatie heeft daar verschillende projecten lopen om de economie en het landsbestuur vooruit te helpen. Egypte heeft het moeilijk na zijn twee revoluties van de afgelopen jaren – een uit 2011, die leidde tot de afzetting van Horsi Moebarak en de daaropvolgende uit 2013 die leidde tot de afzetting van president Muhamed Morsi. Nadat in 2013 de grondwet tijdelijk werd opgeschort en generaal Abdel Fattah al-Sisi als bewindvoerder aan de macht kwam, lijkt de democratisch rechtsstatelijke rechtsorde inmiddels hersteld. Er is een nieuwe grondwet en er zijn verkiezingen geweest waarbij president Sisi – niet langer generaal – werd verkozen. De internationale gemeenschap – een veelheid van VN-organisaties en andere organisaties en instituties – hebben er in 2013 bij de Egyptenaren zeer op aangedrongen dat de democratie en rechtsstaat snel werden hersteld na de turbulente periode waarin de leden van de oude regering geleid door de Moslimbroederschap verdwenen achter de tralies en het land zonder grondwet en met een niet democratisch verkozen leider werd bestuurd. Dat lijkt dus te hebben gewerkt. Internationale druk is tegenwoordig niet te onderschatten. Achter de woorden van de internationale gemeenschap gaan allerlei machtige mechanismen van financiële, handels- en militaire relaties schuil. Een land dat niet luistert, krijgt het moeilijk. Dat redt het niet alleen. En dan hebben we het nog niet eens over economische sancties. Die internationale gemeenschap met zijn talrijke organisaties en hele verschillende verschijningsvormen, is erg invloedrijk en een drijvende kracht voor vrede, veiligheid en democratisch- rechtsstatelijk bestuur (rule of law), alsook een machtige superinspecteur. Je zou het niet zeggen als je het (half)acht-uur journaal dagelijks bekijkt, maar de cijfers laten zien dat de wereld door de bemoeizorg van deze gemeenschap de laatste decennia heel veel veiliger, vreedzamer, democratischer en ‘rechtsstatelijker’ is geworden. Tenminste…

Op papier heeft Egypte het voor het oog van het kerkvolk voor elkaar. Het is, als je de grondwet leest, een democratische rechtsstaat die voldoet aan een flink aantal van de eisen die we daaraan tegenwoordig in de wereldgemeenschap stellen. Die eisen volgen niet uit hele duidelijke definities in verdragen of zo, maar meer uit codes en onderlinge vergelijkingen. Er bestaan van allerlei wereldwijde metingen en vergelijkingen die rapporteren over de democratische of rechtsstatelijke staat van een land is. Zo is er de invloedrijke democratie-index van de economische ‘Intelligence Unit’ en Rule of law-index van de Wereldbank. Ook bestaan er commissies, zoals de Venetië-commissie van de Raad van Europa, die een oogje in het zeil houden (die dan alleen voor Europa natuurlijk). Zo wordt de vinger aan de pols gehouden, zeker bij die landen waarin er sprake is van politieke problemen, conflicten of instabiliteit.

Toch ziet dat systeem er misschien mooier uit dan het lijkt. Want wat die lijstjes en controles vooral doen, is kijken of er sprake is van democratisch bestuur, van open en eerlijke verkiezingen, van controle van de regering over het leger en de politie, van mensenrechtenbescherming en bescherming van minderheden. Ook ligt er in de lijstjes grote nadruk op transparantie en corruptiebestrijding. Veel minder aandacht is er voor de posities van de scheidsrechters in het land zelf, de rechterlijke macht. Om mensenrechten waar te maken, minderheden te beschermen en er voor te zorgen dat de spelregels bij en rondom verkiezingen op de juiste manier worden toegepast, is de rol van onafhankelijke en onpartijdige rechtspraak wezenlijk. De meeste grondwetten van de wereld (bijna 190 van de ca. 200 staten in de wereld heeft zo’n document tegenwoordig) garanderen op papier een onafhankelijke en onpartijdige rechterlijke macht, maar in de praktijk wordt er door heel veel staten tot geknaagd aan de positie van die rechter. Dat kan op heel subtiele manieren en blijft daarmee ook nogal eens buiten het zicht van die internationale gemeenschap. Het gebeurt ook steeds vaker. Want wie de scheidsrechter kan beïnvloeden kan, in voetbaltermen, de politieke wedstrijd op eigen voorwaarden spelen en winnen (tegenstanders intimideren, beleid doorzetten en verkiezingen winnen). Dat zien we bijvoorbeeld gebeuren in Turkije. Daar werden na de mislukte staatsgreep van 15 juli 2016 maar liefst 2700 rechters en openbaar aanklagers uit hun functie gezet en vele van hen zelfs gearresteerd. Dat gaat gewoon nog door. Weliswaar kent Turkije op papier nog steeds een onafhankelijke en onpartijdige rechterlijke macht – de geschorsten en ontslagen rechters werden vervangen – maar de rechters en de rechterlijke macht worden tegelijkertijd geïntimideerd en gegijzeld door de enorme druk die er door de politieke leiders wordt uitgeoefend. Toch gaat het gesprek inmiddels over de bevoegdheden van Erdogan en de grondwet. Niet zo direct over die rechters. In Venezuela leidde die druk en politieke controle – via een gericht rechterlijk benoemingsbeleid van de regering – pasgeleden tot de schertsvertoning waarbij het Hooggerechtshof via een uitspraak de taken van het parlement over wilde nemen en de president dat corrigeerde. Kennelijk voerde dat hof gewoon de instructies van de regering uit. Op papier zie je daar niets van terug.

Zoiets is er ook aan de hand in Egypte. Egypte heeft net als Nederland een Raad voor de rechtspraak – een rechterlijk orgaan dat als intermediair tussen de regering en de rechtelijke macht optreedt en zorgt voor opleiding van rechters, tuchtrechtspraak, voordrachten voor rechterlijke benoemingen, zorg voor het budget en meer in het algemeen voor het reilen en zeilen van rechterlijke organisaties. Goed voor de onafhankelijke positie van de rechterlijke macht, natuurlijk, zo’n vorm van zelfbestuur door rechters. Je houdt daarmee de politiek op armafstand van het rechterlijke bedrijf. De afgelopen weken zijn de Egyptische rechters onderwerp van een politiek steekspel. Het parlement (dat in de afgelopen 4 jaar bijna 3 jaar buiten spel stond omdat president Sisi per decreet regeerde) heeft besloten dat de leden van die Egyptische Raad voor de rechtspraak anders zullen worden benoemd. Niet langer zal de jaarlijks aangewezen voorzitter van die raad (met daarin 8 hoogste rechters) de oudste rechter van die raad met de meeste ervaring zijn, maar zal die voorzitter door de president worden gekozen uit een voordracht van drie kandidaten. Een voordracht die door de verschillende gerechtelijke geledingen van de Egyptische rechterlijke macht wordt opgemaakt. Kiest de president de eerste kandidaat van die lijst, dan wordt die voor een jaar voorzitter, wordt nummer twee aangewezen, dan wordt die twee jaar voorzitter, nummer drie zal, mits aangewezen, drie jaar voorzitter zijn. Niks mis mee toch? Dat zou je zeggen. Zo worden in Nederland de leden van de Hoge Raad ook uit een voordrachtlijst met verschillende kandidaten na raadpleging in het parlement benoemd. Zeker niet iets waar de internationale gemeenschap op aan zal slaan. En toch is dit nou juist een schoolvoorbeeld om op geraffineerde manier de rechterlijke macht in Egypte onder controle van de regering te krijgen. Hoe dat nou zo? Nou, degene die het aankomende jaar (de oudste in rang) voorzitter zou worden (en even zou blijven) is ook president van een hof dat zich kritisch heeft opgesteld ten opzichte van het bestuur van de president en ook degene die een aantal belangrijke besluiten (ook gerelateerd aan de verhouding bestuur parlement, en de behandeling van de aan de kant gezette moslimbroeders) van de regering heeft vernietigd. Door de benoemingswijze te laten veranderen door het parlement, kan Sisi de rechterlijke macht in een keer onder controle van gelijkgezinden krijgen. Zijn getrouwen zitten in de gerechten die de lijst moeten opmaken en – als hij de benoeming van een hem gezinde voorzitter erdoor kan krijgen wordt de baan ook verder vrij gemaakt voor de benoeming van Sisi-aanhangers in heel veel andere (vooral de hogere) gerechten in Egypte. Die voorzitter van de Raad voor de rechtspraak vervult daarin een sleutelrol.

Dat laat de achilleshiel zien van het controlesysteem dat de internationale gemeenschap aanlegt op het bestuur van landen: heel veel aandacht voor democratie en mensenrechten – zeer belangrijk natuurlijk – maar heel veel minder aandacht voor de positie en benoeming van de scheidsrechters in zo’n land. Dat is ook allemaal technische materie – zeker – en ook moeilijk na te lopen. Maar ja, wat heb je nou aan een boel nette regels op papier als wereld-KNVB, als je lokale scheidsrechter ze niet toe kan passen of niet toepast? Heel weinig vrees ik.

{ 1 reageer… read it below or add one }

1 LJMB 08/05/2017 om 10:04

Staten kennen een “rechtsprekende macht”. “Rechterlijke macht” daarentegen is geen staatsmacht maar een typisch Nederlands/Belgisch begrip om rechters (die tot de rechtsprekende macht behoren) en openbaar aanklagers (die tot de uitvoerende macht behoren) gezamenlijk te kunnen aanduiden.

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: