De BESte oplossing?

door Redactie op 13/03/2014

in Decentralisatie, Haagse vierkante kilometer

Post image for De BESte oplossing?

De eilanden Bonaire, Sint Eustatius en Saba zijn ‘andere openbare lichamen’ in de zin van artikel 134 van de Grondwet. Hoewel ze er geografisch duizenden kilometers buiten liggen, maken zij juridisch deel uit van Nederland (het Koninkrijk der Nederlanden in enge zin) en worden ze vaak aangeduid als bijzondere gemeenten daarvan. De meeste ingezetenen hebben de Nederlandse nationaliteit en deze mensen kunnen uiteraard stemmen voor de Tweede Kamer. Internationale verdragen schrijven voor dat ingezetenen met de Nederlandse nationaliteit ook indirect invloed moeten kunnen uitoefenen op de samenstelling van de Eerste Kamer. Nederlanders in Europees Nederland kunnen dat immers ook, want die kiezen de provinciale staten die op hun beurt weer de leden van de Eerste Kamer kiezen. De BES-eilanden zijn echter niet provinciaal ingedeeld. Hier ontstaat dus een probleem.

Bonaire, Sint Eustatius en Saba kennen wel elk een eilandsraad, vergelijkbaar met een gemeenteraad in Europees Nederland. Nederlanders op de BES-eilanden hebben actief en passief kiesrecht voor die eilandsraad. Niet-Nederlandse ingezetenen zouden krachtens het gelijkheidsbeginsel óók dat kiesrecht moeten krijgen. Niet-Nederlanders in het Europese deel van Nederland mogen immers ook onder bepaalde voorwaarden stemmen voor de gemeenteraad of zich voor dit college kandidaat stellen. Er is geen reden Amerikanen en Egyptenaren in Rotterdam meer rechten te geven dan Venezolanen op Bonaire. Momenteel is dat echter wel de situatie op de BES-eilanden, dus hier ontstaat een tweede probleem. Een probleem waarvan de rechter al eens heeft vastgesteld dat het juridisch niet acceptabel is.

Het eerste probleem kun je oplossen door de eilandsraden mede de Eerste Kamer te laten kiezen. Nederlanders op de BES-eilanden kiezen dan de leden van de eilandsraden, die op hun beurt weer de leden van de Eerste Kamer kiezen. Probleem opgelost. Je moet daar wel de Grondwet voor aanpassen en inmiddels ligt een daartoe strekkend voorstel bij de Eerste Kamer. Het tweede probleem kun je oplossen door aan niet-Nederlanders op de BES-eilanden het actief en passief kiesrecht voor de eilandsraden toe te kennen onder gelijke voorwaarden als niet-Nederlanders in Europees Nederland kiesrecht hebben voor de gemeenteraden. Daarvoor moet je de Kieswet en de zogenaamde WOLBES aanpassen. Inmiddels staat een daartoe strekkende wet in het Staatsblad. Zijn alle problemen daarmee opgelost? Het antwoord is nee, want de genoemde wet is deels niet in werking getreden en wordt op het punt van de eilandsraden zelfs weer teruggedraaid. Er is nog geen enkel probleem opgelost en het heeft er alle schijn van dat dat voorlopig ook niet gaat gebeuren.

Het punt is namelijk dat het gezamenlijk doorvoeren van oplossing 1 en oplossing 2 weer nieuwe problemen met zich meebrengt. Als niet-Nederlanders op de BES-eilanden de eilandsraden mogen kiezen en daar zitting in mogen nemen, dan kunnen niet-Nederlanders ook invloed op de samenstelling van de Eerste Kamer uitoefenen. Als ze in de eilandsraad gekozen worden, kunnen ze zelfs rechtstreekse invloed uitoefenen. Zulke invloed hebben niet-Nederlanders in Europees Nederland niet. Ze kunnen zich op het gelijkheidsbeginsel beroepen om zulke invloed op te eisen. Immers, er is in principe geen reden Venezolanen op Bonaire meer rechten te geven dan Amerikanen en Egyptenaren in Rotterdam! Dit probleem is alleen te vermijden door het kiesrecht voor de eilandsraden te beperken tot Nederlanders. Dan hebben niet-Nederlanders geen invloed op de samenstelling van de Eerste Kamer, waar ze ook wonen in het Koninkrijk. Maar dat betekent ook weer dat de in Rotterdam wonende Amerikanen en Egyptenaren wel hun lokale volksvertegenwoordiging mogen kiezen en Venezolanen op Bonaire niet.

Het is om gek van te worden. De juridische constructie van de BES-eilanden lijkt geen ruimte te bieden voor goede, simpele oplossingen, hooguit voor minst slechte oplossingen. De Eerste Kamer heeft echter wel een idee hoe de kwestie aangepakt moet worden: er moet een apart kiescollege op de BES-eilanden komen náást de eilandsraden en dat kiescollege heeft als enige taak het verkiezen van leden van de Eerste Kamer samen met de leden van provinciale staten. Het kiesrecht voor de eilandsraden kun je dan toekennen aan alle ingezetenen – Nederlander of buitenlander – en het kiesrecht voor het speciale kiescollege alleen aan Nederlanders op de BES-eilanden. Iedereen kan dan het lokale bestuur kiezen, maar alleen Nederlanders oefenen invloed uit op de samenstelling van de Eerste Kamer. De commissies voor Binnenlandse Zaken en voor Koninkrijksrelaties van de Eerste Kamer hebben minister Plasterk onlangs per brief laten weten dat zij het zo willen hebben. Alleen de fractie van de PVV wenste niet mee te doen.

Probleem opgelost met creatief denken? Nou nee. Minister Plasterk had de Eerste Kamer eerder al laten weten dat hij niet veel voelde voor zo’n apart kiescollege. Veel te complex voor zulke kleine eilanden en bovendien onhandig omdat er dan weer een nieuw wetsvoorstel tot herziening van de Grondwet moet worden ingediend. Het nu aanhangige wijzigingsvoorstel kent immers geen kiescollege en zou dus ingetrokken en vervangen moeten worden. In een mondeling overleg heeft de minister ook nog het volgende aangevoerd:

“Wij hebben in Nederland 400.000 voor de gemeenteraad stemgerechtigde buitenlanders die wij niet laten stemmen voor Provinciale Staten. De enige reden waarom wij ze daarvoor niet laten stemmen, is dat Provinciale Staten de Eerste Kamer kiezen. Als wij nu voor deze 1.121 mensen op de BES de Grondwet zodanig wijzigen dat wij dit beletsel wegnemen, dan zie ik niet in waarom een Spanjaard die in Zeeland woont, niet het stemrecht zou kunnen verwerven voor de Provinciale Staten in Zeeland. Als het zo belangrijk is dat er een aparte grondwettelijke constructie komt om buitenlanders stemrecht te geven voor het decentrale bestuur, dan zou ik met u willen doordenken over de vraag waarom wij dat dan ook niet voor provinciebesturen aan de buitenlanders geven die daar wonen. Nogmaals, ik heb het nog eens goed nagevraagd, maar de enkele reden dat wij hun dat stemrecht onthouden, is dat Provinciale Staten het kiescollege vormen voor de Eerste Kamer.”

Dit argument is moeilijk te volgen. Als niet-Nederlanders op de BES-eilanden kiesrecht voor de eilandsraden krijgen, moeten ook Spanjaarden in Zeeland kiesrecht voor de provinciale staten verwerven? Dat slaat nergens op. Die Spanjaarden kunnen immers al stemmen voor de gemeenteraad. Venezolanen op Bonaire en Spanjaarden in Zeeland hebben geen van allen invloed op de samenstelling van de Eerste Kamer, dat hebben – als de Eerste Kamer haar zin krijgt – alleen Nederlanders in Europees en Caribisch Nederland, dus ook hier wordt niemand ongelijk behandeld. Geen wonder dat de Eerste Kamer niet onder de indruk was van de argumentatie van Plasterk.

De beide Eerste Kamercommissies verlangen nu blijkens hun brief van de minister dat hij in overleg te treedt met de Tweede Kamer en met haar de wenselijkheid te bespreekt van een nieuw wetsvoorstel tot herziening van de Grondwet dat een apart kiescollege BES regelt. De minister is zelf “op voorhand niet enthousiast” over de optie van een kiescollege, dus zal een forse duw van de Tweede Kamer nodig hebben om ‘om’ te gaan. Die Tweede Kamer zelf moet er ook nog van overtuigd raken dat het kiescollege de beste oplossing is; ze nam eerder immers in eerste lezing een wetsvoorstel tot wijziging van de Grondwet aan waarin werd gekozen voor de optie dat de eilandsraden de Eerste Kamer kiezen. Eigenlijk maken de genoemde Eerste Kamercommissies hier heel slim gebruik van een soort mix tussen een verkapt recht van amendement en een verkapt recht van initiatief. Zelf kunnen Eerste Kamerleden een wetsvoorstel wijzigen noch aanhangig maken. Maar een tamelijk indringende suggestie neerleggen bij de organen die dat wél kunnen, behoort zeer wel tot de mogelijkheden. De Eerste Kamer wil niet het voorstel dat nu bij haar ligt, maar een kiescollege BES en zij heeft het laatste woord in het (Grond)wetgevingsproces. De andere betrokkenen zorgen er dus maar voor dat het er komt!

{ 3 reacties… read them below or add one }

1 L.J.M. Bolks 14/03/2014 om 14:07

De oplossing is eigenlijk heel simpel: deel de BES-eilanden in bij een bestaande provincie, net zoals we dat in 1952 met de Grenscorrectiewet deden met de drostambten Elten (Gelderland) en Tudderen (Limburg). Je moet er in dit geval wel voor zorgen dat de rechtsstelsels niet nodeloos doorelkaar heen gaan lopen. Zorg er dus voor dat provinciale verordeningen alleen van toepassing zijn in het Europese deel van de provincie (tenzij uitdrukkelijk anders is bepaald) en zorg er met een fictiebepaling voor dat voor Europees-Nederlandse wetten de provincie wordt geacht alleen het grondgebied in Europees-Nederland te omvatten. Pas de Kieswet aan en zorg dat de Provinciewet ook op de BES-eilanden van toepassing is. Zo kunnen de Nederlandse BES-ingezetenen volgend jaar nog hun invloed uitoefenen op de samenstelling van de Eerste Kamer.

2 G.C. van der Meij 06/08/2014 om 19:51

Binnen de staatkundige struktuur van Nederland is de meest passende oplossing de BES-eilanden onder te brengen in een nieuwe provincie. Dan behoeft er op geen enkele manier “creatief” gedacht te worden.

Overigens snijdt de benaming “bijzondere gemeenten” geen hout. De gezaghebbers hebben andere en beduidend ruimere bevoegdheden dan een burgemeester.

3 CR 07/08/2014 om 12:42

De kern van het probleem is niet dat de BES-eilanden niet provinciaal zijn ingedeeld. De eilanden zijn immers zo klein dat er geen reden is om tussen het Rijk en het eilandsniveau nog een extra bestuurslaag in te bouwen.
De kern van het probleem is wel dat provinciale staten een extra taak hebben: naast provinciaal parlement zijn ze kiescollege voor de Eerste Kamer. Die taak is zo onlogisch dat we nu in de problemen zijn gekomen. De structurele oplossing is dus: bedenk een andere methode om de Eerste Kamer te kiezen. Maar tegen die oplossing staan grondwetten in de weg en praktische bezwaren.
(Nog structureler: begin aan een fundamentele herziening van het middenbestuur. Niet overal in de Randstad hoeft een provincie te zijn. Voor zo’n herziening is met het wegvallen van de Noordvleugel-plannen ruimte gekomen. Maar dat stuit op nog meer wetten en praktische bezwaren.)
Een pragmatische oplossing zou zijn: geef de niet-Nederlandse ingezetenen op de BES kiesrecht voor de eilandsraden, laat de eilandsraden meestemmen voor de Eerste Kamer en accepteer dat er dan niet-Nederlanders zijn die invloed hebben op de samenstelling van de Eerste Kamer. Die invloed is getalsmatig zo gering dat we niet hoeven te vrezen voor een overname volgens het Krim-model.

Reactie achterlaten

{ 1 trackback }

Vorige post:

Volgende post: