De democratie van deze dagen

door GB op 13/04/2009

in Uncategorized

Ook J.L. Heldring sombert over de toekomst van de democratie. Hij was altijd al voorstander van ‘aristocratische democratie’. Maar zelfs de aristocratische democratie lijkt het toch niet te gaan redden. Fundamenteel probleem: het leiderschap is niet meer effectief genoeg om de huidige crisis op te lossen. Symptoom: Europa’s aanwezigheid op de G20 top.

De redenering van Heldring is min of meer omgekeerd. We moeten crises als de huidige duiden als vertraagde effecten van iets veel fundamentelers. En dat kan wel eens de ondergang van de ons bekende vormen van democratie zijn. Heldring, zelf 91: ‘Als deze crisis inderdaad meer is dan een economische crisis, is het te verwachten dat zij ook op den duur onze vertrouwde politieke ideeën en instituties zal aantasten. „Op de lange duur zijn we allemaal dood”, zei Keynes, die een revival beleeft. Waarom zou deze onweerlegbare waarheid niet ook gelden voor de democratie zoals wij die kennen? Zij is per slot van rekening een menselijke uitvinding.’

Een conservatieve site als De Dagelijkse Standaard weet er niet echt goed raad mee. Daar schrijft ene Van Baar: een wereld zonder democratie is niet realistisch meer. ‘De moderne wereld is ook niet te regeren zonder volkse en ‘geëmancipeerde’ stromingen erbij te betrekken. Zonder democratie is ‘zelfbestuur’ onmogelijk en ontstaat het risico van ongecontroleerde bovennationale bestuurslagen die in de lucht komen te hangen en elk contact met de werkelijkheid verliezen.’

Het begrip democratie dreigt op deze manier een tegenstrijdige lading te krijgen. De term ‘aristocratische democratie’ komt nog van Montesquieu, volgens mij. Het ziet op een democratie waarbij de leiders/gekozenen toch altijd uit een specifieke elite voortkomen. Maar Heldring heeft het dan vervolgens over ‘de democratie zoals wij die kennen’ en Van Baar slaat helemaal aan het goochelen met begrippen. Daarmee wordt democratie iets onopgeefbaars, iets ideaals, en tegelijk iets tijdelijks en ongeschikts. Je bent niet tegen het idee, maar je wilt wel verbeteringen doorvoeren. Heldring citeert instemmend Van Doorn op dit punt, maar doet volgens mij zelf hetzelfde.

Ik bedoel dit: er wordt gerefereerd aan de cirkelgang van staats- (of eigenlijk regerings-) vormen. Maar die veronderstelt een neutraal perspectief dat niet aanwezig is. Zodat het geheel toch een beetje vastloopt. De omtrekkende beweging van Heldring door de economische crisis als hefboom te presenteren, doet daar niet aan af.

Gelukkig hebben we dan nog het gewone staatsrecht om de neutrale begrippen te leveren voor een discussie. Teruglezend in de column van Heldring is het dan eenvoudig: hij wil de zittingstermijnen verlengen, en mogelijk het passief kiesrecht aan bepaalde eisen verbinden. Eigenlijk nog niet eens zo’n slecht idee. We kunnen het verlies aan checks and balances wellicht compenseren met het uitbreiden van de strafrechtelijke aansprakelijkheid van bestuurders en het revitaliseren van de strafrechtelijke ministeriële verantwoordelijkheid.

{ 1 reageer… read it below or add one }

1 WdH 14/04/2009 om 08:31

Niet de meest heldere column (van Heldring). Maar hij heeft wel gelijk: iedereen is voor democratie, maar wat het dan is, weten we eigenlijk niet.

(Behalve Verdonk: doen wat de meerderheid wil. En komt het EHRM niet altijd met pluriformiteit o.i.d.?)

Laten we het er maar op houden dat democratie gelijkberechtiging is, in de zin dat alle leden van een gemeenschap een gelijke aanspraak op de macht hebben. De problemen van deze definitie zijn direct duidelijk: gelijkheid en afbakening van een gemeenschap (wie zijn gelijk?) gaan onvermijdelijk gepaard met onderdrukking. En hoe verwezenlijk je de aanspraak op de macht?

Een mooi voorbeeld blijft de ‘eeuwige’ Atheense democratie. Elk volwaardig lid van de polis had daar het recht (op voet van gelijkheid) de volksvergadering toe te spreken. Voor de selectie van (een groot deel van) de bestuurders werd geloot (de ultieme operationalisering van gelijkheid).

Belangrijker wellicht nog is het principe van ‘rotatie’. Nadat een burger een tijdje zijn aanspraak op de macht heeft uitgeoefend moet die weer aan een ander worden overgedragen (nieuwe bestuurder, nieuwe spreker). Misschien is dat nog wel de belangrijkste eigenschap van democratie t.o.v. andere staatsvormen: de exit-strategie, de ‘ingebakken’ machtswisseling (is het niet zo dat voor iedere andere staatsvorm een machtswisseling het einde van dat regime betekent?).

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: