De Grondwet als basis van het Nederlanderschap?

door Ingezonden op 21/12/2010

in Haagse vierkante kilometer, Uitgelicht, Varia

Op 11 november 2010 heeft de Staatscommissie Grondwet haar rapport aangeboden aan het kabinet. Het belangrijkste onderwerp waar de Staatscommissie zich volgens het kabinet mee moest bezighouden was: ‘De toegankelijkheid en de betekenis van de grondwet voor burgers’. De commissie moest dus onderzoeken hoe de grondwet toegankelijker kan worden gemaakt voor burgers en hoe haar betekenis voor het Nederlandse volk duidelijk kan worden gemaakt. Het kabinet beschouwde de grondwet als een weerspiegeling van gemeenschappelijke waarden en geschiedenis van Nederland. De gemiddelde Nederlandse burger heeft de Nederlandse Grondwet echter nog nooit gelezen, laat staan dat zij enig gevoel van gemeenschapszin uit dit document afleidt. De onverschilligheid over de Nederlandse grondwet is echter niet iets van de laatste paar jaren. Al twee eeuwen lang wordt er bijna uitsluitend door staatsrechtgeleerden over de Grondwet gepraat. Hoe valt deze onverschilligheid te verklaren? En is het mogelijk om deze onverschilligheid te doorbreken en de Nederlandse Grondwet om te vormen tot een van de pijlers van het Nederlanderschap?

alternate

gezeten werkman: Hubt u't in de krant gezien? / kruidenier: Dat de koffie naar den kelder gaat? / gezeten werkman: Neen, baas, dat de grondwetherziening er door is. / Kruidenier: Zoo, zoo, hoe is't mogelijk! Maar wat zeg je wel van die koffie, he? ... (verschenen in de Lantaarn in 1887)

De afgelopen vier maanden heb ik mij beziggehouden met de beeldresearch voor een bronnenpublicatie over grondwetscommissies in boekvorm van het Instituut voor Nederlandse Geschiedenis. Het project beslaat de grondwetscommissies van 1883 tot 1983. Door mijn zoektochten in beeldbanken, archieven, tijdschriften en kranten heb ik een aardig beeld gekregen van de aandacht die er door de jaren heen in de media aan de Nederlandse grondwet is besteed. Daarbij is mij vooral opgevallen dat de aandacht voor de Nederlandse grondwet in de media gering is. Er wordt soms zelfs expliciet aandacht besteed aan de desinteresse voor de grondwet, zoals op de afbeeldingen bij dit stukje te zien is. Er is bij sommige grondwetscommissies wel behoorlijk wat media-aandacht maar die gaat dan vooral in op actuele politieke kwesties die eveneens in een grondwetsherziening aan bod komen en niet over de Nederlandse Grondwet an sich. In het begin van de 20e eeuw stond de grondwet wel in het middelpunt van de aandacht. De strijd voor algemeen kiesrecht, vrouwenkiesrecht en de schoolstrijd beheersten toen de politiek. Bij al deze kwesties werd er gestreden over het al dan niet herzien van de grondwet. Tijdens deze discussies ging het echter niet over de betekenis van de grondwet, maar over de inhoudelijke politieke kwesties. Het compromis dat bereikt werd, werd vastgelegd in de grondwet. Hiermee veranderde de symbolische betekenis van de grondwet niet. Het bleef primair een juridisch document.

verschenen in Elseviers Weekblad van 08-02-1947

De staatscommissies over de grondwet werden doorgaans ingesteld na een concrete aanleiding. Aan deze concrete aanleiding en in mindere mate de instelling van een dergelijke commissie werd wel aandacht besteed in de media. Zo werd de commissie Ruys de Beerenbrouck in 1918 ingesteld vanuit de angst voor een revolutie. De socialistische leider Pieter Jelles Troelstra had in november van dat jaar geprobeerd een socialistische revolutie te ontketenen. Hoewel deze revolutie een totale mislukking was, versterkte hij wel de angst voor een nieuwe poging. De commissie Ruys de Beerenbrouck voerde uiteindelijk geen concrete wijziging door die iets van doen hadden met de revolutiedreiging. Toen zij in 1920 rapport uitbracht was de angst al lang weer gezakt. Het instellen van een grondwetscommissie bracht dus meestal wel een kortstondige periode van aandacht voor de grondwet met zich mee, maar wanneer de vraagstukken waar de commissie zich mee bezighield niet langer actueel waren, zakte ook de aandacht voor de grondwet weer weg. Dat de aandacht voor de grondwet in de laatste jaren nog minder is geworden is niet vreemd. De laatste grote grondwetscommissie rondde haar werkzaamheden af in het begin van de jaren ’70 en de laatste grote wijziging was in 1983. Als er in Nederland inderdaad alleen aandacht wordt besteed aan de grondwet bij de instelling van een commissie of een belangrijke wijziging, doet dit vermoeden dat er al bijna 30 jaar geen significante aandacht aan de grondwet  is besteed. (Er zijn natuurlijk uitzonderingen: zie bijvoorbeeld deze afbeelding van Fokke en Sukke over de grondwet)

Het is duidelijk dat er in Nederland door de jaren heen weinig interesse is geweest voor de grondwet. Maar waar komt deze traditie van desinteresse nou vandaan? Een mogelijke verklaring is dat de Nederlandse grondwet geen grote ommekeer in het politieke landschap betekende. In sommige andere landen kwam de invoering van een nieuwe grondwet voort uit een revolutie. In deze landen stond de nieuwe grondwet symbool voor een nieuw begin. In Nederland daarentegen werd de eerste grondwet pas ingevoerd tijdens de Bataafse republiek in 1798. De oorsprong van de Nederlandse staat ligt veel eerder, bij de unie van Utrecht in 1579. De grondwet was dus meer een vastlegging van al bestaande gebruiken en stond voor de Nederlandse burger niet voor een nieuw begin. Ook al had de invoering van deze grondwet wel degelijk veel impact.

De huidige staatscommissie voor de Grondwet kan hoog en laag springen maar de Nederlandse grondwet zal geen symbool worden van het Nederlanderschap. De grondwet als symbool van onze gemeenschappelijke waarden past niet in de traditie van desinteresse. Een drastische hervorming van hoe de Nederlandse burger de grondwet ziet zou alleen kunnen bij een drastische hervorming van de Nederlandse staat. Dan zou de, sterk gewijzigde, grondwet een nieuw begin kunnen symboliseren. Tot die tijd blijft de Nederlandse grondwet een staatkundig document waar alleen aandacht aan wordt besteed door politici en staatsrechtgeleerden.

Mijke Dellemann. Beeldresearcher bij het project ‘Grondwetscommissies 1883-1983’ van het Instituut voor Nederlandse Geschiedenis

{ 0 reacties… add one now }

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: