De Grondwet: ook maar een mening?

door GB op 20/07/2009

in Haagse vierkante kilometer

Afgelopen week had de Grondwet twee opvallende mediaoptredens. Het eerste was in verband met het voornemen van het kabinet om de koningin wat meer als de nieuwe Martin Luther King naar voren te schuiven. Een paar dagen later had de Volkskrant zijn zaakjes op een rijtje:

Volgens staatsrechtgeleerden kleven er echter ook juridische bezwaren aan een visionaire Troonrede. Artikel 64 van de Grondwet stelt dat het staatshoofd op de derde dinsdag van september ‘een uiteenzetting van het door de regering uit te voeren beleid’ geeft. Een visionair verhaal gaat een paar bruggen verder, stelt Carla van Baalen, hoogleraar parlementaire geschiedenis. Het gaat immers om de hoofdzaken van beleid, er is vrijwel geen ruimte voor visie. ‘Ik zie het om die reden niet gebeuren.’

Over de Grondwet valt te twisten. Maar dit lijkt me toch echt buiten die marge vallen. (Dat geldt overigens ook voor het feit dat het om artikel 65 gaat, en niet om 64 – maar dat terzijde). Afgelopen vrijdag zette D66 senator Hans Engels in een ingezonden brief de boel op dit punt gelukkig weer recht: ‘Het argument dat er geen ruimte zou zijn voor meer dan het opsommen van de hoofdlijnen van het regeringsbeleid,zoals hoogleraar parlementaire geschiedenis Carla van Baalen meent, gaat niet op.’

Bonter was het in de GPD-bladen. Op de voorpagina van de weekendbijlage ging Kees van der Linden helemaal los met het idee dat Karst Tates daadwerkelijk de koninklijke bus had opgeblazen. Jawel: dan was Amalia koningin geworden. Maar wie zou er dan regent moeten zijn? De krant kijkt daarvoor naar Bernhard jr. Daarna komt (als we toch in de what-if modus zitten) de vraag op wat er had moeten gebeuren als Bernhard jr. had geweigerd. Er komt een ‘Haagse historica’ aan het woord die stelt dat hier geen regels over zijn. ‘Je kunt je niet op alles voorbereiden.’ Kees belt nog even verder en komt bij Paul Bovend’Eert uit. Die wijst – het is zijn vak – geduldig op het bestaan van artikel 38 Grondwet (de Raad van State oefent het koninklijk gezag uit als niemand anders dat doet) en artikel 30 Grondwet (voorzieningen bij het ontbreken van een troonopvolger). Volgens de beste journalistieke principes staan beide standpunten dan rustig op een rijtje voor de lezer.

Ik ben erg voor hoor en wederhoor. En ik wil ook niet arrogant gaan doen. Maar als er één iemand zegt dat iets niet geregeld is, en de ander lepelt de Grondwet op, is dat dan allebei een mening?

Er is werk aan de winkel. Niet alleen voor de Staatscommissie die zich het lot van de Grondwet zou moeten aantrekken. Misschien kan de ChristenUnie zijn initatiefwetsvoorstel uitbreiden en ook Grondwetsontkenning strafbaar stellen.

{ 0 reacties… add one now }

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: