De hertellingen na de gemeenteraadsverkiezingen

door Redactie op 07/03/2010

in Grondrechten, Haagse vierkante kilometer

Waarom zorgen politieke partijen er niet voor dat wanneer op de verkiezingsdag de stembussen sluiten ten minste één vertegenwoordiger in ieder stembureau aanwezig is om de stemopneming te observeren? Een pleidooi voor bijscholing van politici in het Nederlandse kiesrecht en een meer proactieve opstelling van politieke partijen in het verkiezingsproces. Raadsleden in het stembureau? Ja, graag!

In verschillende (deel)gemeenten was het deze week lang wachten op de uitslag van de raadsverkiezingen. In Geldrop-Mierlo en Lelystad werden, na volledige hertellingen, pas op donderdagavond voorlopige uitslagen bekendgemaakt. In Lopik, Neder-Betuwe en Druten werden wel al enkele uren na afloop van de stemming uitslagen gepresenteerd, maar werd op vrijdagochtend alsnog besloten tot een hertelling, die in alle drie de gemeenten later die dag nog werd afgerond. Ook in Helmond en Capelle aan den IJssel werd vrijdagochtend besloten tot een hertelling, maar daar zullen de centrale stembureaus pas maandagochtend de definitieve uitslagen vaststellen en bekendmaken. In de Rotterdamse deelgemeente Hillegersberg-Schiebroek werd eerst een gedeeltelijke en vervolgens een algehele hertelling ondernomen. In Maastricht werd vrijdag niet overgegaan tot een hertelling, maar werden wel de processen-verbaal van alle stembureaus opnieuw door het centraal stembureau in de computer ingevoerd. En in Rotterdam, ten slotte, heeft Leefbaar-voorman Pastors 53 bezwaren ingediend tegen de door het centraal stembureau inmiddels vastgestelde uitslag. Pas op 16 maart zal hierover door de gemeenteraad in oude samenstelling worden besloten.

Als zondebok voor alle problemen, met uitzondering van die in Rotterdam, wordt gewezen naar het rode potlood. Althans, door het Genootschap van Burgemeesters, dat daarom zaterdag pleitte voor herinvoering van de stemcomputer, zoals eerder de Groningse burgemeester Rehwinkel al deed. Het ministerie van Binnenlandse Zaken is echter niet overtuigd en lijkt juist erg tevreden met de hertellingen omdat precies hierdoor alle twijfel bij de kiezer zou worden weggenomen. Volgens mij slaan zowel de burgemeesters als het ministerie de plank hier mis. Niet het rode potlood, maar de passiviteit waarmee politieke partijen het verkiezingsproces aan zich voorbij laten trekken, is het eigenlijke probleem. En hertellingen zorgen helemaal niet voor minder twijfel bij de kiezer over de eerlijkheid van verkiezingen; een secure initiële telling is waar op zou moeten worden ingezet.

Allereerst de mening van de burgemeesters. Natuurlijk pleiten er argumenten voor herinvoering van de stemcomputer. Er moeten nu voor de stemopneming ambtenaren ’s avonds en vaak ook ’s nachts worden ingezet en financiële middelen moeten worden vrijgemaakt om alle stembureaus van voldoende tellers te voorzien. En dan kan een voorlopige uitslag ook vaak pas gepresenteerd worden als het verkiezingsavondje op het stadhuis al langzaam ten einde loopt en veel kiezers al zijn gaan slapen. Deze argumenten wegen echter niet zwaar genoeg om ook maar een miniem risico op onzorgvuldigheid te accepteren. Zeker, de meeste fouten kunnen nagenoeg worden uitgesloten wanneer van stemcomputers gebruik zou worden gemaakt. Dat geldt bijvoorbeeld voor een geval als in Maastricht, waar ambtenaren die in het holst van de nacht duizenden cijfertjes in de computer moesten invoeren per ongeluk het cijfer van de kieskring op een proces-verbaal aanzagen voor dat van het stembureau. Dit was een menselijke fout, die een computer niet zou maken – en een programmeur hopelijk ook niet. Bovendien kunnen ook technische problemen die zich met stemcomputers mochten voordoen, inmiddels worden hersteld. Het behoort tegenwoordig tot de mogelijkheden via een stemcomputer te stemmen en toch een ‘paper trail’ achter te laten. Daar vestigden woensdag de gemeenten Doetinchem en Oost-Gelre nog eens de aandacht op. Dat het daarmee mogelijk is technische fouten te herstellen is duidelijk, maar de vraag blijft open hoe er überhaupt kan worden achterhaald dat er bij de stemopneming door de computer zodanige fouten zijn gemaakt dat zij van invloed op de zetelverdeling kunnen zijn, zoals voor een hertelling wordt vereist in art. P21 Kieswet. Zolang fouten en manipulatie niet volledig kunnen worden uitgesloten, lijkt het daarom raadzaam het potlood te handhaven.

Betekent dit dat fouten bij de stemopneming moeten worden geaccepteerd en dat heil moet worden gezocht in hertellingen als summum van de democratie? Absoluut niet. Niemand kan toch in redelijkheid beweren dat een hertelling als in Hillegersberg-Schiebroek – waar na de eerste, gedeeltelijke, hertelling de laatste restzetel toch niet bij D66 maar bij GroenLinks terechtkwam en waar na de daaropvolgende volledige hertelling die zetel plots door de PvdA bleek te zijn gewonnen – het vertrouwen van burgers in de eerlijkheid van het stemopnemingsproces vergroot? Want als dergelijke fouten dáár zijn gemaakt waar wel tot een hertelling is overgegaan, wie kan dan nog garanderen dat ze niet ook in (deel)gemeenten zijn gemaakt waar niet tot een hertelling is overgegaan? En in Maastricht bleken uiteindelijk de voorlopige en definitieve zetelverdeling na herstel van de fout weer overeen te komen, maar de stemmenverschillen tussen de uitslag die woensdagavond werd gepresenteerd en die die vrijdagochtend werd vastgesteld zijn zo groot (CDA +16, PvdA -18), dat ook ik er mijn hand niet voor in het vuur durf te steken dat de 12 stemmen die het CDA uiteindelijk te kort kwam om de laatste restzetel van de PvdA af te snoepen toch niet per ongeluk op een verkeerde stapel zijn beland.

Aangenomen dat stemcomputers nog te onveilig en hertellingen ongewenst zijn, wat kan dan wel de integriteit van het stemopnemingsproces garanderen? Een eenvoudige oplossing is voorhanden. In de meeste van de gemeenten waarin tot een hertelling is overgegaan, gebeurde dit nadat oplettende kiezers in het (centrale) stembureau onregelmatigheden hadden geconstateerd en mondelinge bezwaren hadden geuit in de zin van artikel J35 lid 2, N8 lid 3, N9 lid 1 en P20 lid 3 van de Kieswet. De zittingen van de stembureaus zijn immers openbaar (artikel J35 lid 1 Kw) en kiezers kunnen het gehele proces observeren. Dit geldt dus ook voor de kandidaat-raadsleden en hun achterban. Hoe komt het dan toch dat politieke partijen op de avond van de verkiezingen nog steeds niet standaard een vertegenwoordiger in elk stembureau aanwezig hebben? In een stad als Maastricht, bijvoorbeeld, met 63 stembureaus zou dit geen enkel probleem mogen zijn voor partijen met ieder 30 kandidaten en tientallen vrijwilligers die tijdens de campagne zijn ingezet. Toch vinden zij het blijkbaar interessanter om vanaf 21 uur op het stadhuis een verkiezingsavond te vieren en de uitslagen passief af te wachten.

Op vrijdagmiddag vond in Maastricht de herinvoering van alle processen-verbaal in de computer van het centraal stembureau plaats. Zeven ambtenaren brachten vier uur lang alle cijfers nogmaals van het papier naar het scherm. Journalisten van onder andere RTL en De Limburger schoten kiekjes en hielden interviews en een aio publiekrecht sloeg geïnteresseerd het schouwspel gade. Maar waar waren de politici wier zetels hier op het spel stonden? Zij bevonden zich in de naastgelegen ruimte waar hen als een soort schoolklasje door middel van een PowerPointpresentatie werd uitgelegd wat er woensdagnacht nou mis was gegaan. Na afloop ging het gesprek op de gang vooral over de restzetelverdeling. Niemand bleek te snappen hoe dat nou eigenlijk werkte, hoe het CDA ruim 1500 stemmen meer had gehaald dan de PvdA en de partijen toch evenveel zetels kregen, en hoe dat alles nou samenhing met de lijstverbindingen die voor de verkiezingen waren afgesloten. Vervolgens werden de politici nog even rondgeleid in het zaaltje waar de ambtenaren ijverig doorwerkten, maar echte interesse was er niet: na twee minuten was men weer op de gang alwaar het gesprek werd voortgezet.

Wie de beelden van de Amerikaanse presidentsverkiezingen in Florida of, recenter, van de senaatsverkiezingen in Minnesota nog op het netvlies heeft staan, kan zich alleen maar verbazen over zoveel amateurisme. Ik zou zeker niet willen pleiten voor Amerikaanse toestanden, waar iedere stem met een vergrootglas op gebreken wordt gecontroleerd en waar partij-juristen liefst iedere stem op een andere kandidaat ongeldig verklaard zien. Wel denk ik dat je van politici en hun achterban mag verwachten dat zij niet enkel investeren in de campagne, maar ook bijdragen aan het zorgvuldige verloop van de stemopneming. Verwacht mag worden dat zij zich tevoren verdiepen in het kiesrecht en dat zij niet direct om 21 uur, maar pas nadat alle stembureaus het werk naar tevredenheid hebben afgerond, in het stadhuis het glas heffen op de goede afloop. Ik hoop dan ook van ganser harte op 9 juni as. om 21 uur in mijn stembureau een grote groep goedgeïnformeerde PVV-ers, D66-ers en andere partijmannen en -vrouwen aan te treffen om er samen voor te zorgen dat iedere stem telt, bij voorkeur precies één keer.

Rob van de Westelaken

{ 1 reageer… read it below or add one }

1 Ruudt 09/03/2010 om 11:03

Als je even googelt, zijn er in veel gemeenten verzoeken om de stemmen opnieuw te tellen. Soms wordt daaraan tegemoet gekomen, maar soms ook niet. Opvallend genoeg, lees je (nog) weinig verzoeken om over te gaan tot herstemming. Opmerkelijk, want het geloofsbrievenonderzoek in de gemeenteraad vindt morgen al plaats. Als je de beschuldigingen van partijen als Leefbaar Rotterdam mag geloven, hebben zich onregelmatigheden voorgedaan, waaraan een hertelling niets verandert. Is aannemelijk dat dit van invloed geweest op de zetelverdeling, dan is ook een herstemming – eventueel beperkt tot de stemdistricten waar dit zich heeft voorgedaan – een reëel verzoek.
Als jurist ben ik wel benieuwd hoe dit gaat aflopen. Voorheen was in de Kieswet opgenomen dat beroep kon worden ingesteld bij de Raad van State, tegen het besluit van de raad om de geloofsbrieven van de gekozenen goed te keuren. Via die weg kon de Raad van State zich ook uitlaten over de vraag of ten onrechte niet was besloten tot herstelling of herstemming.
Deze effectieve beroepsmogelijkheid is helaas afgeschaft, maar dat betekent niet dat politieke partijen nu machteloos zijn. Zij kunnen zich namelijk wenden tot de civiele rechter, zo heeft ook de Kiesraad in het verleden gesteld. Van die mogelijkheid is nog nooit gebruik gemaakt, maar met een beetje geluk (of zo u wilt, pech) zou het er deze keer wel eens van kunnen komen.
Dat zou een juridische noviteit zijn, met veel onduidelijke consequenties, bijv. wat betreft beroepstermijnen, kort geding, hoger beroep etc. Als we echt die kant op gaan, lijkt het mij dat de wetgever snel actie zou moeten ondernemen om weer een effectieve beroepsmogelijkheid te introduceren. Die hebben we echt nodig in het rode potlood-tijdperk.

Reactie achterlaten

{ 2 trackbacks }

Vorige post:

Volgende post: