De opzet van Atzo

door PWdH op 01/06/2009

in Haagse vierkante kilometer

Na de uitzending van Buitenhof gisteren bleef de kijker in verwarring achter. Want wat hadden Mark en Atzo nu beoogd met hun actie ‘verruim de vrijheid van meningsuiting’? Aanzetten tot geweld moest vooral strafbaar blijven en vooral ook voor wie dat deed in combinatie met het ontkennen van de holocaust. Alleen de ‘blote’ ontkenning daarvan door de eenzame studeerkamergeleerde zou niet strafbaar moeten zijn, maar bestreden moeten worden in het maatschappelijk debat, met behulp van de boekenkasten vol bewijs.

Zoals gisteren al in kaart gebracht door LD, is dat laatste nu ook al niet strafbaar in ons land, anders dan in – onvermijdelijk – bijvoorbeeld Duitsland. Bij mij rees daarom de vraag: wat wilden de liberalen nu, anders dan in het openbaar pleiten voor een (nog) liberalere interpretatie van de strafwet ten aanzien van de vrije meningsuiting in het kader van de publieke discussie? En is het aanpassen van de wet daarvoor nu de aangewezen weg?

Uit de opzet van Atzo blijkt het concrete plan (zie p. 10). Ten eerste is dat het toevoegen aan art. 137c Sr (groepsbelediging) van het woord ‘onmiddellijk’. Daarmee zou de ook al op dit weblog besproken ‘gezwel’-uitspraak van de Hoge Raad worden gecodificeerd en de ‘indirecte’ belediging onomstotelijk worden gedecriminaliseerd. Je kunt je afvragen of dit nodig is, nu de Hoge Raad hiertoe niet geneigd blijkt en minister Hirsch Ballin zijn wetsvoorstel dit juist wel strafbaar te stellen heeft ingetrokken.

Als tweede concrete maatregel noemt de opzet het erkennen van bedreiging van een ander ‘wegens diens gebruik van de vrijheid van meningsuiting’ als strafverzwarende omstandigheid.

Ten derde twee alternatieven. ‘Methode 1’ behelst het schrappen van art. 137c Sr (groepsbelediging), het schrappen van aanzetten tot haat uit art. 137d Sr en ‘eventueel’ ook het schrappen van aanzetten tot discriminatie uit datzelfde artikel. ‘Methode 2’ behelst een vrijwaring van vervolging voor al wie ‘zijn mening uit in het kader van de openbare discussie’ zolang hij niet aanzet tot ‘(discriminatie en) geweld’.

Ten aanzien van de laatste maatregelen zou ik het volgende willen opmerken. Mij bekruipt het gevoel dat doel en middelen hier niet op elkaar aansluiten. Wat Nicolai en Rutte in feite doen is het neerleggen in de wet van handreikingen voor de invulling van (i) het opportuniteitsbeginsel door het OM en (ii) de beoordeling door de rechter.

Van vervolging kan worden afgezien op gronden aan het algemeen belang ontleend (art. 167 lid 2 Sv). Ik zou zeggen dat dit algemeen belang al snel meer gewicht krijgt in het kader van vervolgingsbeslissingen in gevallen waar de vrije meningsuiting in het publieke debat aan de orde is. Dat blijkt ook: politici worden zeer zelden vervolgd (met de betreurenswaardige uitzondering van Hans Janmaat). Ook Wilders ontsprong de dans, tot aan het gehonoreerde beklag over niet-vervolging. En ik geloof ook niet dat we moeten vrezen dat de vrije meningsuiting bij de Hoge Raad niet in goede handen zou zijn. Bovendien meen ik – zoals eerder naar voren gebracht – dat we zo zuinig mogelijk moeten zijn met algemene strafverzwarings- of -uitzonderingsgronden. Een algemene regel dat participatie in het publiek debat zonder immuniteit oplevert lijkt me te grof: beter is het dat van geval tot geval te bekijken, met één – helder afgebakende – uitzondering: het parlement (art. 71 Gw).

Uit de opzet blijkt dat Rutte en Nicolai eigenlijk reikhalzend uitkijken naar freedom of speech the American way: het onderscheid tussen ‘public’ en ‘private speech‘ en de hierarchie van grondrechten met de vrije meningsuiting in top, slechts beperkt ingeval van ‘imminent danger‘. Hoe aansprekend dit ook moge zijn en hoe rationeel ook te rechtvaardigen, betwijfel ik toch of deze wel erg liberale blauwprint zomaar kan worden overgeplant van de VS naar Europa. Twee continenten toch met een volstrekt andere geschiedenis en daarmee identiteit. De VS als vrijgevochten en nimmer bezet land van immigranten versus het tot grofweg veertig jaar geleden tamelijk uniforme Europa met zijn twee wereldoorlogen: ik kan me voorstellen dat zo verschillende contexten de vrije meningsuiting beinvloeden.

Desalniettemin is de opzet van Atzo op zichzelf alleszins redelijk en evenwichtig (het gonst ook van het ‘fatsoen’ en ‘verantwoordelijkheid’). Het is toch wel sneu dat deze door het onhandige optreden van Mark nu wellicht niet de aftrap vormt van een discussie waarvan de liberalen terecht menen dat die moet worden gevoerd.

{ 0 reacties… add one now }

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: