Knoop de MP niet op aan de standpunten van de prins!

door Redactie op 08/03/2010

in Haagse vierkante kilometer

‘Prins zou moeite hebben met wet doodstraf’ luidde de kop van een artikel in de NRC van vorige week donderdag. Remco Meijer en Jan Hoedeman, redacteuren bij de Volkskrant, stellen in hun boek ‘Willem IV, van prins tot koning’ dat toenmalig minister-president Wim Kok een opmerking van Willem-Alexander in het interview met Paul Witteman heeft laten schrappen. Willem-Alexander had gezegd dat hij een wet waarin de doodstraf zou worden heringevoerd niet zou ondertekenen. Meijer en Hoedeman stellen dat Kok wilde voorkomen dat een debat over de geschiktheid van Willem-Alexander als koning zou ontstaan. De redacteuren: ‘als die zin was blijven staan, had Wim Kok […] aan de Tweede Kamer moeten verklaren waarom de kroonprins geen democratisch tot stand gekomen wet zou ondertekenen’.

De koning is niet verplicht om tot bekrachtiging over te gaan. In het geval dat de koning weigert een wetsvoorstel te bekrachtigen dan dient dit door de ministers te worden verantwoord. De koning is immers onschendbaar en de ministers zijn verantwoordelijk.

Maar Willem-Alexander is nog geen koning. Het niet bekrachtigen van een wet moet worden verantwoord op het moment dat hij dat daadwerkelijk is en dan weigert te bekrachtigen. De ministeriële verantwoordelijkheid gaat tenslotte in eerste instantie om de verantwoording over de uitoefening van bevoegdheden. De kroonprins heeft geen bevoegdheden. Dan hoeft er ook geen debat over te worden gevoerd.

Dat de Kamer wil weten wat de kroonprins nu precies met zijn opmerking bedoelde kan ik mij wel voorstellen. Het wetsvoorstel zou breken met een (relatief jonge) traditie. De doodstraf wordt niet opgelegd punt uit. De Grondwet verbiedt het. Internationale verdragen waar de staat partij bij is verbieden het. Daarnaast maakt Nederland zich hard voor de afschaffing van de doodstraf in het buitenland.

Daar komt nog eens bij dat alle hoofdrolspelers in het wetgevingsproces, de koning incluis, trouw zweren aan deze Grondwet. Voor ministers staat er zelfs een gevangenisstraf op het ondertekenen van een koninklijk besluit welk de Grondwet schendt.

Een dergelijk wetsvoorstel kan (en zal) dus eigenlijk niet (in de huidige situatie) worden aangenomen. Maar het is mogelijk om het E.V.R.M. op te zeggen. De bepalingen uit de Grondwet zijn te wijzigen. Maar of dit daadwerkelijk in de nabije toekomst staat te gebeuren?

De aanstaande koning wilde toch ook niet zijn handelen alvast verantwoorden in het (absurde) geval waarbij de Grondwet niet zou worden gewijzigd maar de wet er toch komt? Dan heeft hij weinig vertrouwen in onze eigen formele wetgever.

Grondrechten, maar ook (wettelijke) totstandkomingprocedures, zijn van rechterlijke toetsing uitgesloten. In eerste instantie hoeft men van de rechter in een dergelijk geval niet veel te verwachten. Dus als koning Willem-Alexander dan niet zou willen bekrachtigen, dan zou ik zeggen: hulde! Een koning die zich opwerpt als hoeder van, en daarmee trouw blijft aan, de Grondwet. Wat zou je nog meer willen van een koning? Niets van dat alles als: Ik Willem-Alexander, bij de gratie Gods of ja en amen roepen op alles wat maar langskomt, maar gewoon bij de gratie van de Grondwet!

De kroonprins heeft gewoon een principieel standpunt willen innemen: ik, Willem-Alexander, ben tegen de doodstraf wat er ook gebeurt. Dat is zijn goed recht. Hij heeft het recht zijn mening te uiten. Echter was het voor minister-president Kok blijkbaar een doorn in het oog. Waarom vond hij dat hij deze uiting moest beschermen?

Kok neemt aan dat hij verantwoordelijkheid draagt voor de uitlatingen van de kroonprins. De afgeleide ministeriële verantwoordelijkheid geldt volgens hem voor alle leden van het koninklijk huis indien hun handelen het openbaar belang raakt. Onomstreden is deze leer niet. Volgens Bovend’Eert zou het beletten dat de ministeriële verantwoordelijkheid in algemene zin een goede, eenduidige werking toekomt. Ook Kortmann heeft er zo zijn bezwaren tegen. Met het aannemen van een afgeleide ministeriële verantwoordelijkheid zonder dat de Grondwet noch een andere wettelijke regeling daartoe noopt, scheppen de regering en Raad van State verwarring over de monarchie en de ministeriële verantwoordelijkheid. Daarmee bewijzen ze, volgens Kortmann, ons constitutioneel recht geen dienst.

Ook de Afdeling bestuursrechtspraak doet hier aan mee. De afdeling vindt dat de kroonprins een dermate bijzondere positie inneemt als troonopvolger dat ook zijn mening beschermd moet worden. Anders zou de eenheid van de kroon, nu en in de toekomst, in gevaar kunnen komen. Kortmann noemt deze uitspraak en de opvatting van Kok voorbeelden van ‘irrationeel en mystiek denken’.

Met een dergelijk standpunt valt in te zien dat Kok de opmerking liet schrappen. Juridisch geredeneerd is het niet noodzakelijk. Het andere argument, dat hiermee een debat over de geschiktheid van de kroonprins kan worden voorkomen, komt niet sterk over. Gaat ons parlement over de eisen waaraan de koning moet voldoen? Als het parlement hier zo veel problemen mee zou hebben dan moeten ze voorstellen om de bekrachtiging door de koning uit de Grondwet te halen.

Het inperken van de macht van de koning gaat volgens Van Wijnen niet zo gemakkelijk. Kamerleden beloven bij de inhuldiging van de koning niet alleen trouw, maar zweren daarbij ook zijn onschendbaarheid en rechten van zijn kroon te handhaven. Daarnaast zweren de leden van de Staten-Generaal bij hun eigen beëdiging trouw te zijn aan de koning. Dan wordt het lastig om een debat aan te spannen waarin je pleit voor het afschaffen van het koningschap of het inperken daarvan.

Een andere mogelijkheid voor het parlement is afwachten of het allemaal zo’n vaart zal lopen. Als het toch zo ver komt kan de Kamer proberen de regering zo ver te krijgen om, op grond van artikel 35 of 36 Grondwet, respectievelijk de koning buiten staat te verklaren of tijdelijk de uitoefening van zijn gezag te laten neerleggen. Dan kan er een regent worden aangesteld die de wet ondertekent. Het is een ‘long shot’. Maar wie niet waagt wie niet wint.

Het voorval toont maar weer eens hoe krampachtig wij omgaan met de plek die ons koningshuis inneemt in onze parlementaire democratie. Staatsrechtelijk gezien is er geen verplichting om de ministeriële verantwoordelijkheid zo ver op te rekken De wenselijkheid daarvan valt ook te betwijfelen.

Als ik Kok was geweest had ik de opmerking niet geschrapt en, indien de Kamer verantwoording had verlangd, geroepen: de kroonprins bezit geen bevoegdheden, voor deze uitlatingen draag ik dus geen verantwoordelijkheid. Tot ziens. Mocht het parlement vinden dat de koning geen rol dient te spelen in de tot standkoning van wetten of in zijn geheel niet in een democratie: succes met de wetsvoorstellen.

En wat is er nu op tegen om Willem zijn mening te laten ventileren. Alsof een dergelijk opmerking van de kroonprins onze democratie of zijn erfopvolging daadwerkelijk schaadt. Ten aanzien van de erfopvolging misschien het tijdstip waarop, maar daar beslist de koning(in) over. En alle geheimzinnigheid ten spijt, we weten het nu 12 jaar na dato als nog.

Was het niet mooi geweest als Willem lekker in het nauw was gedreven door een verontwaardigde Witteman? Dan hadden Wim en Willem, misschien samen met Herman (Tjeenk Willink), nog even op een vrijdagmiddag langs Ferry kunnen gaan. Om het een en ander te verduidelijken. Het lijkt mij prachtige en informatieve televisie.

Pieter van Tilburg, masterstudent Staatsrecht UvA

{ 3 reacties… read them below or add one }

1 Friso Jansen 08/03/2010 om 17:57

Hulde Pieter voor deze principiële oproep. Helaas hebben niet alle Nederlanders hetzelfde scherpe inzicht in het Staatsrecht als jij hebt. Commotie was er sowieso gekomen, Kok had het waarschijnlijk druk met het land regeren (dat hoop ik dan maar) en wilde zich een nutteloos debat besparen.

2 JAdB 08/03/2010 om 20:58

Ik vraag me af of er iemand in Nederland zou zijn die zou zijn gaan klagen over het feit dat de kroonprins tegen de doodstraf is en daar dus ook niet aan wil meewerken door het ondertekenen van de wet. Als politicus kom je daar niet mee weg, en als journalist evenmin.

Toch begrijp ik Kok wel. Hij wilde gewoon geen gezeur aan z’n hoofd, hoe klein het risico daar ook op was, en hoe staatsrechtelijk onnodig de discussie ook zou blijken.

3 jit peters 09/03/2010 om 15:53

Heel goed stukje.
Kok wilde nooit gedoe en dat zou hij er wel mee krijgen. Immers nog niet lang geleden hadden we een minister die zich uitsprak voor de doodstraf. Daarvoor moest hij overigens wel verantwoording voor afleggen.
Jit Peters

Reactie achterlaten

{ 1 trackback }

Vorige post:

Volgende post: