De rechter-commissaris en de rechterlijke onafhankelijkheid

door IvorenToga op 30/07/2013

in Rechtspraak, strafrecht

Post image for De rechter-commissaris en de rechterlijke onafhankelijkheid

Het instituut rechter-commissaris bestaat in lang niet alle landen. Als ik ons Nederlandse strafrechtstelsel aan buitenlandse juristen probeer uit te leggen, moet ik vooral in Angelsaksische landen moeite doen de functie en positie van onze onderzoekrechter duidelijk te maken. Een rechter die geen zittingen doet, maar wel beslissingen in strafzaken neemt en onderzoek voor de zitting verricht, is een wat vreemde vogel in landen die met een common law systeem werken waarin al het bewijs op de zitting wordt gepresenteerd.

Het gebruik van een term als Investigating Magistrate wil nog weleens helpen, al staat magistrate soms voor een functionaris die zaken van gering belang of overtredingen berecht. Nog ingewikkelder wordt het, als het Franse of Spaanse equivalent erbij wordt gehaald. Een Franse juge d’instruction heeft immers, anders dan onze rechter-commissaris, ook de bevoegdheid de inhoud en omvang van de tenlastelegging te bepalen en staat in dat opzicht weer dichter tegen de officier van justitie aan.

Met de op 1 januari 2013 ingevoerde wet die de positie van de rechter-commissaris moet versterken (de Wet versterking positie rechter-commissaris), is het er allemaal niet makkelijker op geworden, niet alleen om aan buitenlanders uit te leggen hoe het in elkaar zit, maar ook voor ons om te begrijpen wat we moeten doen. In veel rechtbanken en kabinetten wordt nog naarstig gezocht naar de balans in verantwoordelijkheden die de nieuwe wet beoogt, en naar de wijze waarop daarmee in de praktijk moet worden omgegaan.
Zo zijn vragen gerezen als: hoe verhoudt de regiezitting van de rechtbank zich tot de bij de nieuwe wet ingevoerde regiebijeenkomst bij de rechter-commissaris? Moet de zittingscombinatie bij de laatste zijn vertegenwoordigd? Zo ja, mag dan alleen worden geluisterd? Staat de aanwezigheid van zittingsrechters niet op gespannen voet met ons, in de wet vastgelegde, algemene principe dat een rechter-commissaris niet aan de behandeling ter terechtzitting kan deelnemen? Of is het niet juist erg praktisch en voorkom je daarmee niet dat op een volgende openbare zitting weer van alles ter discussie wordt gesteld waarover de rechter-commissaris in een regiebijeenkomst na overleg met betrokkenen een beslissing heeft genomen?

En als de rechter-commissaris dan beslissingen neemt waarmee raadslieden of de officier van justitie het niet eens zijn, kun je daarvan dan in hoger beroep? Voor beslissingen die zijn genomen, voordat de zaak op een openbare terechtzitting heeft gestaan, lijkt het antwoord hierop bevestigend te zijn. Art. 182 lid 6 Wetboek van Strafvordering legt die appelbevoegdheid bij de raadkamer van de rechtbank, een panel van drie rechters dat in een besloten zitting moet bepalen of de rechter-commissaris bijvoorbeeld een verzoek een getuige te horen terecht heeft afgewezen.
Zo’n raadkamer moet zich het dossier van de zaak dan in een zodanige mate eigen maken dat hij een goed gemotiveerd oordeel over de beslissing van de rechter-commissaris kan geven. In zaken met kleine dossiers hoeft dat niet veel tijd in beslag te nemen. We hebben echter in sommige strafrechtelijke onderzoeken langzamerhand dossiers van een zo grote omvang dat een raadkamer in een dergelijk geval enige tijd nodig zal hebben om tot zijn oordeel te kunnen komen.

En hoe zit het vervolgens, als dezelfde zaak – bijvoorbeeld voor een zogenaamde proformabehandeling – op een openbare terechtzitting komt? Kunnen de beslissingen van de rechter-commissaris en de raadkamer dan opnieuw ter discussie worden gesteld? Dat lijkt haast onvermijdelijk, als wordt bedacht dat het uiteindelijk de zittingscombinatie is die moet bepalen welke informatie zij nodig heeft om zich over de zaak een afgewogen oordeel te kunnen vormen. Kortom, het wordt er niet eenvoudiger op.

Misschien kan het een beetje helpen, als de raadkamer en de zittingscombinatie een personele unie vormen. Dan kan ook het aantal rechters dat naar zo’n zaak moet kijken, worden beperkt. Het bespaart dus tijd en menskracht. Sommigen zullen echter zeggen dat de rechterlijke onafhankelijkheid in gevaar komt, als dezelfde rechters in elke fase van het proces beslissingen nemen. Zij wijzen er bijvoorbeeld op dat de raadkamer gevangenhouding en een zittingscombinatie in een proformazitting beslissingen over de voorlopige hechtenis moeten nemen. Stel dat zij daarbij bepalen dat tegen de verdachte voldoende “ernstige bezwaren” bestaan (een van de twee pijlers voor een beslissing de voorlopige hechtenis voor te zetten). Kunnen ze dan bij de uiteindelijke inhoudelijke behandeling nog met een voldoende open mind oordelen dat diezelfde ernstige bezwaren onvoldoende bewijs voor een veroordeling opleveren?

Mijn antwoord op deze vraag is dat dat kan, omdat wij professionele rechters zijn die bewijsmateriaal objectief op zijn merites kunnen beoordelen. Wie daarin voorzichtiger wil zijn, neemt naar mijn mening een te krampachtige houding aan. Dat de rechter-commissaris niet aan de openbare terechtzitting mag meedoen, is een andere zaak. Hij ziet namelijk, bijvoorbeeld bij doorzoekingen, dingen die de rechters op de zitting alleen op papier gepresenteerd krijgen. Maar als de rechter-commissaris – als organisator en leider van regiebijeenkomsten – uitsluitend een soort regisseur van de zaak zou worden, ligt dat weer anders. Want dan is zijn inhoudelijke kennis van de zaak geen andere dan die van de zittingsrechters.

Ik kom op dit onderwerp nog terug.

Willem F. Korthals Altes
Senior rechter Rechtbank Amsterdam

Deze post is de onderdeel van een reeks bijdragen over de rechtspraak en de organisatie daarvan die tegelijk hier en op de blog IvorenToga.nl verschijnen. Reacties worden gesynchroniseerd.

{ 1 reageer… read it below or add one }

1 a.zecha 16/08/2013 om 16:21

Het lezen van het artikel over de “Wet versterking positie rechter-commissaris” doet vragen rijzen als:
– Is diens positie dan zo zwak?
– Tegenover en/of ten koste van welk gezag behoeft zijn positie versterking?
Zulke vragen zijn in het artikel anders gesteld: begin cit.: “…… wordt nog naarstig gezocht naar de balans in verantwoordelijkheden die de nieuwe wet beoogt, en naar de wijze waarop daarmee in de praktijk moet worden omgegaan.” einde cit..
Onafhankelijke uitspraken van rechters zijn menigmaal in het verkeerde keelgat van onze partijvertegenwoordigers in de Staten Generaal en regering geschoten. Het is m.i. geen euvele veronderstelling dat de rechterlijke onafhankelijkheid meer politiek “beheersbaar” moet worden gemaakt. Dat zou mede bereikt kunnen worden door de positie van de rechter-commissaris te versterken. “Verdeel en Heers” is een adagium dat m.i. geen levenselixer behoeft. Van meer macht, zeggenschap en aanzien zijn weinig op zich nobele zielen vies.
a.zecha

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: