De restzetel

door GB op 23/06/2009

in Haagse vierkante kilometer

Er speelt nog een dingetje over een restzetel in het Europees Parlement. Zowel de PVV als de PvdD maken daar aanspraak op. Naar ik begrepen heb, schieten Dion Graus en Marianne Thieme graag onder elkaars duiven, dus inhoudelijk is het belang van de dieren hoe dan ook gerepresenteerd. Daarmee is de kous echter niet af. Marianne Thieme roept nu al dat het ‘ondemocratisch’ is, en dat ze desnoods naar de rechter zal gaan om haar zetel af te dwingen. Moet ze vooral doen, want dat gaat interessante jurisprudentie opleveren. Ondertussen is de Tweede Kamer de vluchtheuvel van de Raad van State opgeschoten en heeft zij de kwestie voorlopig daar geparkeerd. Maar wat is er precies aan de hand?

Als het Verdrag van Lissabon in werking treedt, krijgt Nederland een 26e zetel. Die moet worden toegewezen en de Kiesraad werd gevraagd hoe dat het beste zou kunnen. By-elections voor één zetel vielen af. En dat gold ook voor het opnieuw vaststellen van de kiesdeler, dat is het aantal stemmen dat nodig is om een zetel te behalen. Zou dat namelijk gebeuren, dan zou het kunnen voorkomen dat partijen een zetel zouden kunnen verliezen halverwege de rit, of kandidaten hun voorkeurszetel. Het meest zuiver zou, volgens de Kiesraad, de situatie zijn waarbij er een uitslag voor 26 zetels wordt vastgesteld, terwijl één kandidaat zijn zetel nog niet kan innemen. Maar daarvoor is geen rechtsgrondslag, omdat er nu eenmaal nog geen 26 zetels zijn. Blijft over het toewijzen van de zetel als ware zij een restzetel – op basis van een gelijkblijvende kiesdeler.

Dan moet er nog wel een standpunt worden ingenomen over de ‘kiesdrempel’: in Nederland het minimum aantal stemmen dat nodig is om voor de restzetelverdeling in aanmerking te komen. Normaliter staat dat voor de Europese verkiezingen op de kiesdeler; je moet dus al een ‘volle’ zetel hebben gehaald om een restzetel te kunnen verdienen. Voor de Tweede Kamer geldt dat ook, maar voor kleine gemeenteraden staat de kiesdrempel op 75% van de kiesdeler.

De Staatssecretaris stelde voor om de kiesdrempel op de kiesdeler (die dus niet verlaagd werd) te houden, terwijl de Kiesraad adviseerde om de kiesdrempel te verlagen naar het niveau van de gemeenteraadsverkiezingen. Dit ter compensatie van het feit dat de kiesdeler niet verlaagd werd, terwijl het aantal te verdelen zetels toch om hoog gaat. Achterliggende motief: de verstoring van de evenredigheid zo beperkt mogelijk te houden. Dat op deze manier ook partijen in aanmerking zouden komen die anders niet aanmerking zouden komen voor een zetel, (de kiesdrempel daalt immers meer dan de kiesdeler zou dalen, met 1 extra zetel) beschouwt de Kiesraad als een nadeel wat voor lief kan worden genomen.

In afwijking van het advies van de Kiesraad besloot de Ministerraad om de kiesdrempel toch op de kiesdeler te houden. Aldus werd ook de Tweede Kamer bericht. Opvallend is dat daarbij niet wordt ingegaan op de door de Kiesraad opgeworpen kwestie. Er wordt, in plaats daarvaan, vanzelfsprekend aangenomen dat de kiesdrempel de kiesdeler blijft en de Kiesraad wordt opgevoerd als een warm voorstander van dit alles.

En jawel; de kwestie speelt op. Uit de uitslag volgt dat de Partij voor de Dieren 157.735 stemmen heeft gehaald. Daarmee valt ze onder de kiesdeler o.b.v. van 25 zetels (4.553.864/25 = 182.155) maar binnen 75 % daarvan (136.616). Echter, als de kiesdeler op basis van 26 zetels berekend zou zijn (de ideale situatie, aldus de Kiesraad), zou de PvdD nog altijd te weinig stemmen hebben gehaald. (4.553.864/26 = 175.149).

Ergo: de Partij voor de Dieren doet een beroep op een door de Kiesraad voorgestelde regel, waarbij de situatie van de PvdD zelf er een is die door de Kiesraad als een nadeel van die regel bestempeld wordt. Nu is dat op zichzelf geen argument, maar feit is wel dat de PvdD geen beroep kan doen op het doel wat de Kiesraad als ideale situatie voor ogen stond.

Wat er dan nog overblijft van de kreet ‘ondemocratisch’ is mij onduidelijk. Sterker: in een persbericht vlak na de verkiezingen roepen de dierenliefhebbers nog op om als kiesdrempel de kiesdeler-o.b.v.-26-zetels te nemen, dat zou het meest logisch zijn en recht doen aan de verkiezingsuitslag en weet ik wat. Al het andere ‘maakt de wens van de kiezer ondergeschikt aan de Haagse politiek.’ Nadat duidelijk is geworden dat ze de drempel waar ze zelf voor pleiten ook niet gehaald hebben, verschijnt er een ander persbericht, namelijk dat de regering het voorstel van de kiesraad om 75% van de kiesdeler te nemen had moeten volgen. Hoezo, Haage politiek?

{ 0 reacties… add one now }

Reactie achterlaten

{ 1 trackback }

Vorige post:

Volgende post: