De status van een overweging ten overvloede

door GB op 10/12/2010

in Haagse vierkante kilometer, Rechtspraak

In het kader van de voorgenomen drastische ingrepen in de studiefinanciering heeft een voormalige topambtenaar van Onderwijs en tegenwoordig bestuursvoorzitter van de Universiteit Nijmegen een interessante uitspraak gedaan. Hij rakelde de kwestie van de Harmonisatiewet op en stelde:

Daarover heeft de Haagse rechtbank gezegd dat dit in strijd was met het rechtszekerheidsbeginsel. De Hoge Raad heeft dat vonnis om juridische redenen vernietigd – er was getoetst aan de verkeerde wet – maar wel geschreven dat het voornemen inderdaad botste met het rechtszekerheidsbeginsel. Dit soort maatregelen is daarom sindsdien alleen van toepassing verklaard op nieuwe gevallen.

Roelof de Wijkerslooth, de auteur van deze opmerking, was van 1991 tot 2000 directeur generaal op het Ministerie van Onderwijs. Kennelijk is de terloopse overweging van de Hoge Raad in het Harmonisatiewetarrest van 1989 toch behoorlijk aangekomen op het ministerie. Zozeer zelfs, dat de rest van het fundamentele arrest over de toetsingsbevoegdheden van de rechter ten aanzien van een wet in formele zin ondersneeuwt tot iets technisch-juridisch. Ook zonder een formele bevoegdheid tot toetsing lijkt het standpunt van de Hoge Raad binnen het ministerie toch redelijk beslissend te zijn geweest. (Of: hoe Prufung geruisloos overgaat in Entscheidung?)

Voor zover De Wijkerslooth de opvatting binnen het ministerie tijdens zijn dienstjaren weergeeft, tenminste. Want minister Deetman, destijds, bleef tijdens een interpellatie in de Eerste Kamer te vuur en te zwaard volhouden dat de Harmonisatiewet niet in strijd was met de gerechtvaardigde verwachtingen van studenten. (Handelingen EK 88/89, 6-153 tot 6-164) Ook na de uitspraak van de Hoge Raad herhaalde hij dat standpunt (20.469, nr. 30), alhoewel er wel twee collegejaren overgangsrecht bijkwamen. Maar dat was – bezwoer Deetman de kamer – niet omdat de Hoge Raad gelijk had, maar omdat de rechterlijke uitspraken zoveel verwarring onder de studenten hadden veroorzaakt. Nota bene.

{ 1 reageer… read it below or add one }

1 MD 10/12/2010 om 10:46

Is dit misschien een mooie aanleiding om te constateren dat de Hoge Raad in het Harmonisatiewetarrest zijn boekje te buiten ging door überhaupt te overwegen dat de wet in strijd was met het rechtszekerheidsbeginsel? Hij zegt in feite: Het mag niet, maar ik kan er niks aan doen, terwijl hij overigens overweegt dat het niet zijn plaats is om te toetsen. Ten aanzien van de Grondwet zegt art. 120: ‘De rechter treedt niet in de beoordeling van…’. Als dat analoog op rechtsbeginselen moet worden toegepast, mocht hij ook überhaupt niet treden in de beoordeling van de vraag of de Harmonisatiewet in strijd was met het rechtszekerheidsbeginsel.

Reactie achterlaten

{ 2 trackbacks }

Vorige post:

Volgende post: