Democratie en de markt

door WVDB op 09/06/2010

in België

Post image for Democratie en de markt

Doorheen Europa waart een geest: een geest van angst voor de volgende bokkensprong van de financiële markten. Geïllustreerd door de Griekse saga (‘tragedie’ is zo weinig vernieuwend) struikelen de meeste campagne-voerende politici over elkaar om de greep van de markt op het democratisch proces te vervloeken, en te bezweren.

Zowel in Groot-Brittannië, als momenteel in de laatste hete dagen van de Belgische federale kiesstrijd, werden gelijkaardige vaststellingen gedaan: het democratisch proces, zoals de lengte van de regeringsvorming, kan niet zijn normale gang gaan, wegens de nervositeit op de internationale kapitaalmarkt ten aanzien van enig teken van politieke instabiliteit.  Sterker nog, naast het ietwat Marxistisch aandoende discours “het is allemaal de fout van die wilde cowboykapitalisten”, werd dit fenomeen zelfs een politiek verwijt. In België werd eerst de Open Vld de zwarte piet toegeschoven, het opzeggen van het vertrouwen in de regering leidde immers – onafwendbaar? – tot verkiezingen met stuurloosheid van ’s lands financiën tot gevolg. Vervolgens werd de NVA kop van jut, die ‘separatisten’ dreigen immers de splitsing van België door te voeren, en destabiliseren aldus de positie van de Belgische rente t.a.v. de Duitse. Dit alles met potentiële gevolgen voor de komende regeringsonderhandelingen, die in België wel eens durven aanslepen (de laatste maal, in juni 2007 zelfs een goede 7 maanden).

Twee tegenwerping dringen zich op. Een eerste juridisch van aard, het wordt namelijk in de Belgische kiesstrijd herhaaldelijk als argument aangevoerd, dat de huidige periode van economische malaise geen verandering van stuurman duldt, of dat een huidige regering in lopende zaken zich machteloos acht tegen eventuele calamiteiten.  Onder andere de duur van de regeringsvorming zou onderworpen zijn aan het ongeduld van de financiële markten; of een te ‘radicale’ partij moet worden uitgesloten van de onderhandelingen wegens te grote institutionele onzekerheid in hoofde van dat amorfe ‘kapitaal’.
Soortgelijke argumentatie werd ingeroepen om, als voorlaatste handeling van het Parlement– alvorens de verklaring tot grondwetsherziening aan te nemen –  aan de regering beperkte ‘bijzondere machten‘ toe te kennen om op te treden ingeval een ernstige en onmiddellijke onheilstijding door het verlengen van bepaalde crisismaatregelen en de bevoegdheid de termijnen hiertoe te wijzigen.  Nu valt de rechtsfiguur van de lopende zaken uiteen in drie categoriën: zaken van dagelijks bestuur, verderzetting en uitvoering van reeds regelmatig genomen politieke beslissingen, en dringende zaken die het algemeen belang raken. M.i. zou een eventuele financiële onheilstijding zeker onder deze laatste ressorteren, en aldus een ontslagnemende regering zeker niet machteloos achterlaten.  Of dit dus een valide argument inhoudt, valt ten zeerste te betwijfelen. Wat de politieke uitroep naar behoud van stuurman betreft: het is aan de kiezer om zijn tevredenheid daarover uit te drukken.

Een tweede tegenwerping treft het wezen van onze sociaal-democratische welvaartsstaat, die we als zo moreel dominant voorstellen. Dankzij de beperkte tijdshorizon van politici – verkiezingen volgend elkaar sneller op dan christelijke feestdagen, nam de schuldgraad van de openbare sector in de meeste West-Europese landen onbeheersbare en onbevattelijke proporties aan. Met als rechtstreeks resultaat dat elke druppel nu voldoende kan zijn om de spreekwoordelijke emmer van financieel wantrouwen te doen overvloeien.  Democratie en regeringsvorming worden aldus slechts in die mate beheerst door financiële markten als ze zichzelf hiertoe kwetsbaar heeft opgesteld, omwille van overwegend electorale redenen. Wat is er nu eenmaal mooier als politicus om elders geld te lenen en het nationaal uit te delen, in de wetenschap dat de rekening enkele legislaturen (of generaties) later pas gesteld wordt.

Af te wachten of de Belgische kiezer zondag valt voor dergelijke argumentatie.Een zaak is zeker: welke partij ook regeert de komende jaren (hopelijk), naast een staatshervorming wacht België ook een enorme financiële uitdaging. En net deze combinatie maakt de op til zijnde hervorming zo uniek: in het verleden werden compensaties voor institutionele verzwakkingen (afhankelijk van standpunt) steeds ‘ge-olied’ met voldoende geldstromen. Nu deze ontbreken, wordt het pas echt een scherpe vraag naar institutional design.

WV

PS – een comparatieve noot (H-T AM) blijkbaar heeft in NL dhr. Rutte aangekondigd een regering te willen vormen voor 1 juli, dat lijkt me ook erg kort, misschien schuilt hierachter gelijkaardige argumentatie?

{ 1 reageer… read it below or add one }

1 WVDB 15/06/2010 om 15:03

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: