Deze week in Luxemburg 2014/7

door AJM op 17/02/2014

in Europa

Post image for Deze week in Luxemburg 2014/7

Hoe moet een richtlijn op voldoende nauwkeurige en duidelijke wijze worden omgezet als je werkt met een common law systeem? Die vraag komt in de jurisprudentie van het Hof zo nu en dan aan de orde. Nu opnieuw in een inbreukprocedure tegen het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland over de verplichting om de in richtlijn 2003/35/EG bedoelde gerechtelijke procedures niet buitensporig kostbaar te maken. Hoe de kosten van een procedure worden verdeeld, volgt in het VK uit de rechtspraak zelf. Dat is volgens het Hof als zodanig geen probleem, maar in dit specifieke geval kan met de in de rechtspraak ontwikkelde voorwaarden volgens het Hof niet de naleving van de richtlijn worden gewaarborgd, en is de daaruit volgende kostenregeling te onvoorspelbaar. Daarmee heeft het VK de richtlijn dus niet juist omgezet.

De afgelopen week heeft nog meer interessante uitspraken te bieden. Vandaag zet ik ze ongesorteerd op een rijtje.

Het Hof bevestigt, nu op het gebied van het belastingrecht, dat een nationale rechter die een dwingende regel van nationaal recht ambtshalve in het geding mag brengen, dit ook moet doen met een dwingende regel van Unierecht. Om het door een richtlijn beoogde resultaat te bereiken moet hij binnen zijn bevoegdheden daarnaast al het mogelijke doen.

Standpunten die de Europese Commissie heeft geuit in het kader van de uitvoering van een terugvorderingsbesluit (staatssteun) zijn niet verbindend, maar moeten door de nationale rechter wel in aanmerking worden genomen als beoordelingsfactoren in het kader van het bij hem aanhangige geding. Als het terugvorderingsbesluit zelf niet heeft aangeduid wie door de steun worden begunstigd en met welk bedrag, kan een nationale rechter concluderen dat het terug te betalen bedrag gelijk is aan nul, wanneer dit voortvloeit uit de berekeningen die hij heeft uitgevoerd op basis van alle relevante gegevens die hem ter kennis zijn gebracht.

Het Hof verklaart zich onbevoegd om in een zaak over het verhuur van motorvoertuigen met chauffeur uitleg te geven over artikel 49 VWEU. In deze zaak hebben de partijen, nadat de zaak door de A-G in breder perspectief was geplaatst, tevergeefs gevraagd om de mondelinge behandeling te heropenen.

In Oostenrijk toegepaste demografische criteria voor de opening van nieuwe apotheken zijn onverenigbaar met de vrijheid van vestiging. Door geen afwijkingen toe te staan om rekening te houden met lokale bijzonderheden eerbiedigen deze criteria niet het coherentievereiste.

Richtlijn 96/34/EG verzet zich tegen een regel waarbij een zwangere werkneemster die een onbetaald ouderschapsverlof in de zin van die richtlijn onderbreekt om met onmiddellijke ingang met zwangerschapsverlof te gaan in de zin van richtlijn 92/85/EEG, geen recht heeft op behoud van de bezoldiging waarop zij recht zou hebben gehad indien zij vóór dat zwangerschapsverlof haar werk gedurende een minimumperiode zou hebben hervat.

En tot slot een zaak die voor opschudding zal zorgen in de wereld van het computerrecht. De eigenaar van een website kan, zonder toestemming van de houders van het auteursrecht, via hyperlinks (see what I did there) doorverwijzen naar beschermde werken die op een andere website vrij beschikbaar zijn. Dit geldt zelfs wanneer bij de internetgebruikers die op de link klikken, de indruk wordt gewekt dat het werk wordt getoond op de website waar de link zich bevindt.

{ 0 reacties… add one now }

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: