Dualisme 2.0

door GB op 13/03/2009

in Uncategorized

Wat ook kan: een motie van afkeuring tegen een collega-raadslid indienen. Dat lot trof de heer Verheggen, raadslid te Weert voor de partij Weert Lokaal. Hij had in zijn verleden als partijbaron, wethouder en raadslid iets te veel petten tegelijk gedragen en werd toen door het Bureau Integriteit Nederlandse Gemeenten op de korrel genomen.

De motie heeft als dictum:

keurt de handelwijze van het raadslid ten zeerste af en roept hem op hieraan de enig juiste consequentie te verbinden door zijn raadslidmaatschap neer te leggen.

Details en handtekeningen hier. Tijdens een heftige vergadering reageert Verheggen dan zo. De gemeente Weert is snel&digitaal.

Elzinga heeft vanuit Groningen in het Limburgs Dagblad al uitgelegd dat alleen een strafrechtelijke veroordeling juridisch tot het verlies van een zetel leidt. Dat is echter minimaal.

Ik vraag me af of het voorzitterschap deze motie niet buiten de orde had moeten verklaren. Vooral de uitspraak ‘het enig juiste gevolg’ lijkt me pertinent onjuist, en zelfs in strijd met het recht. De kiezer sanctioneert, of tussendoor de rechter. Figuren waarbij raadsmeerderheden hun collega’s kunnen uitschakelen die zich in hun ogen voor de functie gediskwalificeerd hebben, lijken mij uitermate dubieus. Kan een motie eigenlijk voorgedragen worden voor vernietiging?

Update

UPDATE: Op basis van het Handboek Gemeenterecht (36.3): Moties kunnen niet voorgedragen worden voor vernietiging, omdat die in de regel niet op een rechtsgevolg gericht zijn. Voor 1992 kon elk ‘besluit’ van de raad vernietigigd worden, en werden moties ook wel eens door zo’n vernietiging getroffen. Bijvoorbeeld een motie waarin opgeroepen werd tot burgerlijke ongehoorzaamheid. Inmiddels is duidelijk dat alleen beslissingen gericht op enig rechtsgevolg voor vernietiging in aanmerking komen. (art. 268 GemW) Tijdens de parlementaire behandeling is aandacht besteed aan de moties:

Voorts vroegen deze leden om opheldering over de vraag wanneer moties als object voor vernietiging kunnen worden aangemerkt. Zij gingen er daarbij van uit dat in moties een wens wordt uitgesproken tot een bepaalde aanwending van bevoegdheden door een ander bestuursorgaan. Bij nadere beschouwing moet met deze leden worden geconstateerd dat een motie – op zichzelf genomen – vooral een politieke uitspraak is en nog niet op rechtsgevolg is gericht. Het is niet de motie zelf, maar de daarop volgende aanwending van bevoegdheden die eventueel onderwerp van vernietiging zal kunnen zijn. Bij moties die aandringen op financiële ondersteuning zal dat dus de daarna te nemen beslissing over die ondersteuning zijn. Wel kan naar aanleiding van een motie eventueel al worden kenbaar gemaakt dat – mocht de motie worden opgevolgd – de inzet van het vernietigingsinstrument zal worden overwogen. Ook daarbij geldt dan uiteraard als uitgangspunt de terughoudendheid die in het algemeen wordt betracht bij de inzet van dit instrument. Eerste Kamer, vergaderjaar 2001–2002, 27 547, nr. 44a, 2

De vraag is hoe een motie van wantrouwen jegens een lid van het college hierin past. Je zou nog kunnen volhouden dat die motie wel op een rechtsgevolg is gericht. Voor een motie waarin een collega-raadslid de wacht krijgt aangezegd, is dat niet mogelijk, omdat die bevoegdheid niet bestaat.

{ 1 reageer… read it below or add one }

1 LD 13/03/2009 om 13:30

“Ik vraag me af of het voorzitterschap deze motie niet buiten de orde had moeten verklaren. Vooral de uitspraak ‘het enig juiste gevolg’ lijkt me pertinent onjuist, en zelfs in strijd met het recht. De kiezer sanctioneert, of tussendoor de rechter. Figuren waarbij raadsmeerderheden hun collega’s kunnen uitschakelen die zich in hun ogen voor de functie gediskwalificeerd hebben, lijken mij uitermate dubieus.”

Deze analyse deel ik niet. Ik zie niet in op welke grond de motie buiten de orde had moeten worden verklaard. Een motie is in de regel niet meer dan het uitspreken van een wens of een mening door een vertegenwoordigend orgaan. Er is geen rechtsregel die stelt dat een motie tot de regering of tot het dagelijks bestuur van een provincie of gemeente moet zijn gericht. De Tweede Kamer heeft bijvoorbeeld wel eens moties aangenomen waarin bepaalde verzoeken aan de informateur(s)worden gedaan. Ook op lokaal niveau zijn ‘moties van wantrouwen’ tegen collega-raadsleden wel voorgekomen, als ik me niet vergis in 2002 in Rotterdam. Dat zulke moties niet vaak voorkomen en inderdaad wat vreemd overkomen maakt ze nog niet dubieus of zelfs illegaal.

Dat de raadsmeerderheid op deze wijze raadsleden kan ‘uitschakelen’ lijkt me ook wat overdreven gesteld. Blijkens de links in je bijdrage is de raad zich zeer goed bewust dat zijn motie niet meer is dan een advies. Zie bijvoorbeeld de quote van het PvdA-raadslid: “Meer dan adviseren kunnen wij ook niet. Wij kunnen hem het raadslidmaatschap niet ontnemen, hij is gewoon gekozen als raadslid.” Nergens wordt gesteld dat Verheggen juridisch verplicht zou zijn zijn zetel op te geven. ‘Het enige juiste gevolg’ is geen juridische uitspraak, maar een ethische. Daar komt nog bij dat blijkens het geluidsfragment dhr. Verheggen zelf heeft gesteld dat hij zijn beslissing om zijn zetel op te geven afhankelijk had gesteld van een aantal factoren, waaronder het oordeel van de raad. En dan zou die raad geen oordeel mogen geven?

Overigens ben ik het wel met je eens als je stelt dat moties gericht tot wethouders wellicht wel op rechtsgevolg gericht zijn en dus vernietigd kunnen worden. Het rechtsgevolg is immers dat de raad de bevoegdheid krijgt een wethouder te ontslaan indien deze niet uit eigen beweging ontslag indient (art. 49 Gem.wet). Ook een motie van wantrouwen tegen een burgemeester lijkt me dan op rechtsgevolg gericht (art. 61b Gem. wet).

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: