Federalist Papers no. 38 – The same subject continued, and the incoherence of the objections to the new plan exposed

door JAdB op 29/01/2014

in Buitenland, Grondrechten

Post image for Federalist Papers no. 38 – The same subject continued, and the incoherence of the objections to the new plan exposed

De tegenstanders van de voorgestelde constitutie van de VS gingen, net zoals de schrijvers van de Federalist Papers, verscholen achter kleurrijke pseudoniemen: Brutus, Cato, The Federalist Farmer. De boodschap die uit die pseudoniemen opgemaakt kan worden is duidelijk: zuiver in de leer (Cato), tegen overheersing (Brutus), en voor het volk (Federalist Farmer).  Hoe mooi het ook klinkt, Madison trekt flink van leer tegen de criticasters van de voorgestelde constitutie.

Na een bespreking van (mythische) voorgangers van de convention waarop het voorstel voor de constitutie tot stand kwam – genoemd worden o.a. Minos, Lycurgus, en Romulus – gaat Madison in op de kritieken van de anti-federalists. Hij vergelijkt de huidige toestand van Amerika met een patiënt die op sterven ligt, en waarvoor een behandeling dus zeer urgent is. Nadat een behandeling door een aantal artsen is vastgesteld, en een plan van behandeling is bedacht, komt een aantal heerschappen vertellen dat de voorgestelde behandeling nog erger is dan de kwaal. Geadviseerd wordt dan ook de behandeling niet te ondergaan. Deze heerschappen doen echter geen voorstel voor een alternatief, hoewel zij weten hoe precair de situatie van de patiënt is.

Zo is het ook met de critici van de voorgestelde constitutie. Zij weten ook wel dat er iets moet gebeuren – althans, dat beweert Madison – maar volstaan met het afkraken van het voorstel en komen zelf niet met een eigen voorstel. Dat gaat ook niet gebeuren, stelt Madison, want de groep critici is daarvoor te heterogeen: ze vinden allemaal wat anders en tot overeenstemming komt men – anders dan de convention, hetgeen blijkens het vorige paper een cyclopische taak was – dan ook niet, zelfs niet als ze zich in een vergadering zouden verenigen zoals de convention. Madison acht de kans dat het voorstel, indien aangenomen, eeuwig zal duren, dan ook redelijk:

I leave it to be decided […] whether the Constitution, now before the public would not stand as fair a chance for immortality, as Lycurgus gave to that of Sparta, by mnaking its change to depend on his own return from exile and death, if it were to be immediately adopted, and were to continue in force, not until a BETTER, but until ANOTHER should be agreed upon by this new assembly of lawgivers.

Uiteindelijk blijkt Madison een realist. Hij zegt niet dat alle kritiek ongegrond is. Hij stelt alleen dat het voorstel beter is dan het huidige stelsel (op basis van de Articles of Confederation). En aangezien het onmogelijk is om tot een ander voorstel te komen, hebben we het hier maar mee te doen. Als voorbeelden van punten van verbetering noemt hij een aantal bevoegdheden van het congres: het heeft zowel de bevoegdheid om onbeperkt geld te lenen als om, zonder beperking, legers op de been te brengen. Madison stelt de retorische vraag of dat niet gevaarlijk is. De echo van het beginsel van machtsverdeling is duidelijk te horen.  In het voorstel van Madison en de zijnen, zoals dat is aangenomen, staat trouwens dat het congres de bevoegdheid heeft “To raise and support Armies, but no Appropriation of Money to that Use shall be for a longer Term than two Years”. De beperking zit hem dus in de tijdsduur waarin budget mag worden vrijgemaakt voor het leger. Of deze beperking nu veel geholpen heeft valt te bezien, gelet op het enorme leger dat de VS constant, in binnen- en buitenland, op de been heeft. In theorie heeft Madison echter een punt.

Interessant is verder nog dat Madison verwijst naar Article 1, section 9 van de constitutie. Daarin wordt het het congres verboden om tot 1808 verboden uit te vaardigen op het importeren van personen (lees: slaven). Madison is er niet blij mee dat een dergelijk verbod minstens 20 jaar op zich laten wachten; het is dus een imperfectie in het voorstel.  Desalniettemin is het beter dan het huidige stelsel, waarin het importeren van slaven voor altijd toegestaan zou zijn. Madison gaat hier te kort door de bocht; de Articles of Confederation stellen niet dat het importeren van slaven altijd toegestaan moet blijven. Het zwijgt over het onderwerp; ik heb er in ieder geval niets over kunnen vinden. Medunkt dat de staten zelf gewoon bevoegd waren om slavenimport te verbieden. Of de staten daartoe ooit over zouden zijn gegaan, zoals de federale overheid uiteindelijk wel deed middels de Act Prohibiting Importation of Slaves van 2 maart 1807, is een andere vraag – maar het kan in ieder geval niet worden uitgesloten.

Madison sluit af met het herhalen van zijn standpunt omtrent energy. Een overheid dient de bevoegdheden te hebben om de opgedragen taken te kunnen vervullen. De Articles of Confederation bieden onvoldoende energy. Dat blijkt uit het feit dat het congres allerlei regelingen heeft bedacht ten aanzien van de onontgonnen gebieden in het westen van Amerika. Het congres is het aan het ontwikkelen, gaat over tot vorming van nieuwe staten, en bepaalt waar de opbrengsten van de ontwikkeling van deze gebieden terecht komen:

A GREAT and INDEPENDENT fund of revenue is passing into the hands of a SINGLE BODY of men, who can RAISE TROOPS to an INDEFINITE NUMBER, and appropriate money to their support for an INDEFINITE PERIOD OF TIME.

De Articles voorzien evenwel niet in de bevoegdheden van het congres ten aanzien van deze westelijke gebieden.  Madison erkent dat de getroffen regelingen nodig zijn, maar ziet de machtsuitoefening toch liever op een deugdelijke manier geregeld – dus verdeeld en van beperkingen voorzien – in de constitutie.

{ 0 reacties… add one now }

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: