GroenZuid: ‘Lage voorkeurdrempel, hoge kiesdrempel: over een slecht huwelijk’

door Ingezonden op 03/05/2013

in Haagse vierkante kilometer

Post image for GroenZuid: ‘Lage voorkeurdrempel, hoge kiesdrempel: over een slecht huwelijk’

Eerst doen, dan denken. Te pas en te onpas lijkt het kabinet deze alternatieve tegelwijsheid in de praktijk te willen brengen. Het voorstel, gedaan in het kader van het Studentenparlement, om de voorkeurdrempel van 25% naar 12,5% terug te brengen, vormt daarop geen uitzondering. Het kabinet presenteert haar plan als een feestelijk ingepakt cadeau voor de democratie, maar blijft over het hoofd zien dat de drempelverlaging in de praktijk ongewenste consequenties kan hebben. Zelfs een stortvloed van kritiek heeft het kabinet niet tot het uitbrengen van een nota van wijziging doen bewegen. Zal de regering nog tot rede te brengen zijn?

Een verlaging van de voorkeurdrempel naar 12,5% zou kunnen resulteren in een versterking van de band tussen kiezer en gekozene. Op deze manier neemt de directe invloed van de kiezer op de democratie toe, wat een streven is dat uiteraard moet worden onderschreven. Het voorstel roept echter ook veel vragen op.

Wanneer het eenvoudiger wordt voor Kamerleden om met behulp van voorkeurstemmen een zetel te behalen, zal de verkiezingscampagne mogelijk vergaand individualiseren. Het wordt voor Kamerleden aantrekkelijk om een persoonlijke campagne te voeren waardoor zij, naast het partijprogramma, ook een individueel programma zullen hanteren dat vaak gericht zal zijn op een specifieke regio. De verhoudingen tussen partijgenoten komen hierdoor op scherp te staan. Hoe zullen Kamerleden omgaan met discrepanties tussen het partijprogramma en een individueel programma? Liggen interne verdeeldheid en fractieverbrokkeling niet op de loer?

Zo zitten er meer haken en ogen aan het voorstel. Het voorstel brengt het risico mee dat de positie van hooggeplaatste ‘oude rotten’ met veel kennis en ervaring wordt ingenomen door laaggeplaatste nieuwelingen. Welke gevolgen zal dit kunnen hebben voor het functioneren van de Tweede Kamer? Daarnaast kan de individualisering van de verkiezingsstrijd ook tot cliëntelisme en overmatig regionalisme leiden. Hoe denkt de regering deze gevaren te kunnen vermijden?

Dergelijke twijfels kwamen ook in 1997 naar voren bij de behandeling van een eerder wetsvoorstel dat tot doel had de voorkeurdrempel te verlagen tot 25%. Hierbij kwam ook de mogelijkheid ter sprake om de voorkeurdrempel nog verder te verlagen tot 10%. Dit idee werd afgewezen.

De bovenbeschreven problemen zijn overigens te verwaarlozen in vergelijking met de problemen die een kiesdrempel van 5% met zich brengt, maar over de combinatie van beide maatregelen in het wetsvoorstel moet toch nog het een en ander worden opgemerkt. De voorkeurdrempel blijkt ongelukkig getrouwd te zijn. De vermeende positieve effecten van de verlaging van de voorkeurdrempel worden namelijk teniet gedaan door zijn ‘betere’ helft, ofwel de voorgestelde verhoging van de kiesdrempel. Wanneer zowel de verlaging van de voorkeurdrempel als de verhoging van de kiesdrempel op de verkiezingsuitslag van 2010 wordt toegepast, zouden zes kandidaten wel de voorkeurdrempel behalen, maar de desbetreffende partij niet de kiesdrempel. Die kandidaten kunnen dan niet plaatsnemen in de Tweede Kamer terwijl ze wel het mandaat van de kiezer hebben gekregen. In 2012 zouden zelfs acht kandidaten wel de voorkeurdrempel behalen, maar de desbetreffende partij niet de kiesdrempel. Dit toont aan dat niet zozeer de verlaging van de voorkeurdrempel maar de verhoging van de kiesdrempel de boosdoener is.

Door zowel de kiesdrempel te verhogen als de voorkeurdrempel te verlagen, creëert het kabinet een staatsrechtelijke tweekoppige draak wiens hoofden elkaar niet kunnen luchten of zien. De verlaging van de voorkeurdrempel beoogt een sterkere band tussen kiezer en gekozene te creëren, maar door de verhoging van de kiesdrempel kan de gekozene niet plaatsnemen in de Tweede Kamer en gaat de stem van de kiezer daarmee verloren.

Kortom, een kritische houding is hier op zijn plaats. Het kabinet zal nog vele vragen moeten beantwoorden voordat met zekerheid kan worden gezegd of de verlaging van de voorkeurdrempel – met name in combinatie met de verhoging van de kiesdrempel – een acceptabele optie is, maar hierover valt op zijn minst te praten. Dat kan niet worden gezegd van de verhoging van de kiesdrempel. Als deze van de baan is, hangt GroenZuid de vlag uit!

Luuk van der Baaren & Sofie Wolf, Fractie GroenZuid Universiteit Maastricht

Noot van de redactie: Op 31 mei 2013 vindt de plenaire sessie van het studentenparlement plaats. Studenten-fracties van verschillende universiteiten debatteren dan in de zaal van de Tweede Kamer met elkaar over een door een regering van hoogleraren staatsrecht voorbereid voorstel. Deze post is in dat kader. Andere fracties die een bijdrage willen laten plaatsen kunnen mailen naar redactie@publiekrechtenpolitiek.nl

{ 0 reacties… add one now }

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: