Henk, Fatima & Kids

door JU op 18/10/2011

in Bestuursrecht, Grondrechten, Rechtspraak

Stel: je bent een man van middelbare leeftijd. Laten we je maar even voor het gemak Henk noemen. Je bent een vrolijke vent, maar je had de laatste jaren wel last van een knagend gevoel. Lag misschien aan je thuissituatie. Je kids waren irritant aan het puberen en je echtgenote liep rond in een vormeloze Ikeatrui. Dampende seks, zoals een bekende NRC-columnist het weleens uitdrukt, zat er al een tijdje niet meer in. Heel begrijpelijk dus dat jij de afgelopen jaren af en toe ‘een pakkie sigaretten ging halen’ na je werk.

Laten we aannemen dat jij daarbij op een gegeven moment terecht kwam bij een allochtone jongedame die we Fatima dopen. Jij dacht natuurlijk dat Fatima haar loopbaan in de geriefconsultancy vrijwillig had gekozen. Wij leven in een vrij land. Dus kwam het niet in jou op dat de jonge Fatima in het buitenland was geronseld en dat zij gedwongen werd om het jou, voor een extra voordelig tarief, naar de zin te maken. Misschien dacht jij zelfs dat zij daar gewoon prima mee verdiende.

Op een gegeven moment zag jij Fatima niet meer. Dat kwam omdat Fatima aan het bevallen was. Even niet goed opgelet. Niet gezegd trouwens dat het kind van jou was. Misschien wil je wel weten wat er sindsdien met Fatima is gebeurd?

Fatima was hier illegaal. Dus vroeg zij een verblijfsvergunning. Die kreeg ze niet. Toch mocht ze hier tijdelijk blijven omdat ze slachtoffer was van mensenhandel en uitbuiting. Om in haar levensonderhoud te kunnen voorzien kreeg ze wat geld via de bijstand. Toen bleek dat de boosdoener van dit verhaal niet te vervolgen was, werd haar verblijfstitel ingetrokken. Vanaf dat moment was ze hier weer illegaal en had ze ook geen recht meer op bijstand. Geen geld voor vliegtickets, zelfs niet voor huur of eten. Niet voor zichzelf, maar belangrijker: ook niet voor haar kind.

Fatima vraagt daarom aan de rechter om bijstand of om hulp in het kader van de Wet maatschappelijke opvang. Op geen van beiden heeft ze wettelijk recht want daarvoor moet je legaal in Nederland verblijven. Het koppelingsbeginsel heet dat.

Volgens Fatima en haar advocaat rust op de overheid op grond van artikel 8 EVRM een positieve verplichting om ervoor te zorgen dat toch tenminste dat kind voldoende eten en een dak boven het hoofd heeft. Volgens de overheid kunnen ze terecht in een zogenaamde Vrijheidsbeperkende Locatie in Ter Apel: een semi-gevangenis waar uitgeprocedeerden kunnen wachten op het busje naar Schiphol. Fatima wijst er dan weer op dat zij jarenlang is misbruikt – onder meer door jou Henk – en dat zij daarvoor onder behandeling is. Een vertrekcentrum lijkt haar niet de meest geschikte plaats voor haar en haar kind. Daar is het ook niet voor bedoeld, zo blijkt uit een brief van Justitie uit 2008.

Onlangs besloot de voorzieningenrechter in Assen dat de zaak te ingewikkeld voor hem is. Artikel 8 EVRM geeft het kind wel recht op ‘iets’. Het is kwetsbaar en dan moet het niet dakloos raken. Aan de andere kant betekent dat nog niet meteen een recht op bijstand of maatschappelijke opvang. Het is immers primair het bestuur dat bepaalt hoe aan die positieve verplichting handen en voeten wordt gegeven. De rechter verwijst de zaak dus naar een meervoudige kamer.

Daar laat hij het echter niet bij. Hij stelt vast dat het bestuur tot dusver nog niet echt heeft onderzocht hoe het nu precies zit met de juridische situatie van Fatima en haar kind. Wat is precies haar status? Wat zijn de plannen van de IND met haar? Gaat ze worden uitgezet en zo nee, waarom dan niet? Kan ze terecht in Ter Apel en hoe zijn de omstandigheden daar dan? Dat soort vragen. Hij geeft het College B&W van Emmen de opdracht daar nader onderzoek naar te doen. En terwijl we daar op wachten betaalt het College Fatima elke maand 700 Euro waarvan er 400 rechtstreeks mogen worden bijgeschreven op de rekening van de huurbaas.

Wat we hier zien is een rechter die uitstijgt boven zijn klassieke rechterlijke rol. De rechter, niet meer als geschillenbeslechter, maar als geschillenregisseur. Met de sigaar in de mondhoek bezig om een probleem effectief op te lossen. Zoals eerder op dit blog gesignaleerd worden Nederlandse rechters steeds vaker in die rol gedrukt. En waarom niet? Als we Maurits Barendrecht mogen geloven kunnen zij goed werk doen. Mits ze eerst alle regels opzij durven te zetten

Beste Henk. Jij kunt na het lezen van deze post drie dingen doen. Ten eerste kun je, in de beste traditie van dit blog, in je staatsrechtelijke modus schieten, Montesquieu afstoffen en roepen dat de rechter hier op de stoel van het bestuur gaat zitten en dingen aan het doen is waarvoor hij de capaciteiten niet heeft.

Ten tweede kun je boos naar de NRC schrijven. Over dat knettergekke Europese Hof dat er de schuld van is dat wij in Nederland niet mogen doen wat we willen. Ik zou er overigens aan toevoegen dat ‘zulke vrouwen er echt niet bij gebaat zijn dat zij in het keurslijf van de sociale zekerheid worden opgesloten’. Dan is tenminste duidelijk dat jij altijd het beste met Fatima voor hebt gehad.

Tot slot kun je natuurlijk ook gewoon even de advocaat van Fatima opbellen en aanbieden om een paar maanden huur te betalen. Als al haar oud-cliënten dat doen is ze zo uit de brand. Als fooi voor de prima service zullen we maar zeggen.

Ingrid vindt het vast niet erg.

(Foto Frederisco)

{ 4 reacties… read them below or add one }

1 PB 18/10/2011 om 14:30

Leuk stuk… geeft wel aan wat er mist in Nederland

2 ROVE 18/10/2011 om 14:54

Inderdaad: een schrijnend gebrek aan metaforen om ‘de gewone man (m/v)’ uit te beelden.
En ja, leuk stuk!

3 JAdB 21/10/2011 om 12:00

Goed stuk.

4 Pieter den Ouden 21/10/2011 om 18:49

Goed stuk

Reactie achterlaten

{ 1 trackback }

Vorige post:

Volgende post: