Herrie in de Senaat VI: het schorsen van de beraadslaging

door GB op 11/10/2010

in Haagse vierkante kilometer

Post image for Herrie in de Senaat VI: het schorsen van de beraadslaging

Nu waarschijnlijk nog deze week een kabinet aantreedt dat niet kan rekenen op een structurele meerderheid in de Eerste Kamer, zullen de komende tijd vele ogen op die Eerste Kamer gericht zijn. Misschien dat de Eerste Kamer daar zelf niet zo blij mee is. Soms gebeuren er namelijk wel eens dingen waar je als senator liever niet teveel de aandacht op vestigt. Afgelopen dinsdag bijvoorbeeld behandelde de Senaat een initiatiefwetsvoorstel ter introductie van een verbod tot het houden van dieren voor hun pels. CDA, VVD en SGP zijn tegen, maar kunnen met hun in totaal 37 zetels het voorstel niet van tafel vegen.  De overige fracties zijn allemaal vóór het verbod, maar de fractie van de ChristenUnie (4 zetels) weet nog niet of zij ook voor het wetsvoorstel zal stemmen. De fractie is op zichzelf voor een verbod op het houden en doden van pelsdieren, maar twijfelt of getroffen pelsdierhouders wel voldoende gecompenseerd worden. Tijdens het debat kondigden de initiatiefnemers aan dat zij bereid waren naar flankerende maatregelen te kijken en dat zij eventueel een (inmiddels tweede) novelle overwogen. Deze aankondiging ging gepaard met het verzoek om schorsing van de beraadslaging voor langere tijd. En bij de behandeling van dit verzoek ging het mis.

Nadat de woordvoerders in het debat hun oordeel over het schorsen van de beraadslaging hadden gegeven, constateerde de voorzitter, op dat moment mevrouw Dupuis, dat er een meerderheid voor voortzetting van de behandeling was. De fractievoorzitter van de ChristenUnie, de heer Schuurman, was het niet met deze conclusie eens. Hij stelde dat de woordvoerder van de Partij voor de Dieren ook namens de – op dat moment afwezige – fractie van D66 en de fractie Yildirim had gesproken, en dat de zetels van die fracties moesten worden meegeteld. Schuurman kreeg daarop van de voorzitter een nogal merkwaardige repliek:

“Ik vraag de heer Schuurman om de interpretatie van het Reglement van Orde aan de griffier over te laten.”

Uiteraard komt de interpretatie van het Reglement van Orde niet aan de griffier toe. De senatoren dienen daar zelf over te beslissen. Niettemin heeft die griffier wel gelijk. Er is geen enkele staatsrechtelijke regel die bepaalt dat Kamerleden van fractie X ook een stem namens fracties Y en Z kunnen uitbrengen als zij mede namens die fracties het woord hebben gevoerd. Zo’n vorm van ‘volmachtverlening’ is aan het Nederlandse staatsrecht vreemd. Als fracties Y en Z afwezig zijn bij het debat, kunnen ze niet meestemmen. In casu waren de fracties van D66 en Yildirim klaarblijkelijk al vertrokken wegens belangrijkere zaken dan de beraadslaging (bij aanvang van de vergadering waren ze er nog wel). De voorzitter heeft hun stemmen daarom terecht niet meegeteld bij het beoordelen van de vraag of een meerderheid het verzoek om schorsing van de beraadslaging steunde. Zij constateerde klaarblijkelijk, zo kan op basis van het stenogram worden geconcludeerd, dat de fracties van CDA, VVD en SGP tegen schorsing waren, en die van PvdA, PvdD, ChristenUnie, SP en GroenLinks vóór, waardoor het aantal tegenstanders van schorsing groter was. Een goede beslissing dus.

Of toch niet? In het debat vinden we nog een intrigerende gedachtewisseling tussen de heer Schuurman en de voorzitter:

“De heer Schuurman (ChristenUnie): Mevrouw de voorzitter. Op grond waarvan concludeert u dat er een meerderheid voor voortzetting is? Als u naar de fracties kijkt, is dat niet het geval.

De voorzitter: De fracties staan voor een aantal leden. Zo gaat dat.

De heer Schuurman (ChristenUnie): Dat begrijp ik, maar dan kom ik tot het tegenovergestelde.

De voorzitter: Het is een gecompliceerde situatie. Daarom gaan we stemmen per fractie. Ik vraag degenen die voor opschorting zijn, te gaan staan. We kijken naar de fracties.”

Wat bedoelt de voorzitter met de frases ‘de fracties staan voor een aantal leden’, ‘we gaan stemmen per fractie’ en ‘we kijken naar de fracties’? Toch niet dat fracties voor een vast aantal leden staan? Dat als van de 21-koppige fractie van het CDA maar 14 leden aanwezig zijn, er toch altijd 21 stemmen uitgebracht worden? (behalve bij hoofdelijke stemming uiteraard) Dat zou wel een ernstige uitholling zijn van het principe dat iedere senator een eigen mandaat heeft en zelf over zijn of haar stem beschikt. De stem komt hem of haar toe, niet de fractie. In de woorden van Van der Pot:

“Het is volstrekt duidelijk dat het niet de fracties zijn die stemmen, maar de individuele leden van de kamers.”

Merkwaardige consequentie is verder dat een senator die ziek thuis zit niet meetelt voor het bepalen van het quorum, maar wel middels zijn fractie een stem uitbrengt. En hoe zit het met dissidenten? Moet senator Van de Beeten bij de voorzitter gaan aangeven dat zijn stem niet door de CDA-fractie mag worden uitgebracht, of moet hij gewoon standaard hoofdelijke stemming aanvragen? Volgens het Reglement van Orde is hoofdelijke stemming de hoofdregel, maar in de praktijk is het eerder de uitzondering  (artikel 108).

Bij de opening van de vergadering van afgelopen dinsdag waren blijkens het stenogram maar 65 leden aanwezig. Nogal wat leden hadden buitenlandse verplichtingen, een enkeling was ziek en de fractie van de OSF was op verkiezingswaarnemingsmissie in het onbekende ‘Kirzigstan’. De twee senatoren van D66 en SP-afvallige Yildirim verlieten als gezegd reeds voor het einde van het debat het gebouw. Als dan gestemd wordt bij zitten en opstaan (het EK-alternatief voor stemmen bij handopsteken, zoals dat in de Tweede Kamer gebeurt) dient de voorzitter te kijken of het aantal senatoren dat gaat staan groter is dan het aantal senatoren dat blijft zitten. Is dit niet duidelijk – wat in casu goed voorstelbaar was gezien de verdeeldheid en de meer dan tien afwezigen – dan moet hoofdelijke stemming plaatsvinden. Dat kost extra tijd en is dus niet aantrekkelijk. Uitgaan van vaste zetelaantallen is dan wel zo gemakkelijk, maar constitutioneelrechtelijk niet zuiver. En juist van de Eerste Kamer, ons constitutionele geweten in deze gepolariseerde tijden, mogen we de nodige zuiverheid verwachten.

Zeker in tijden waarin CDA, VVD en SGP in de Senaat mogelijk een nieuw kabinet in de lucht moeten houden.

{ 0 reacties… add one now }

Reactie achterlaten

{ 4 trackbacks }

Vorige post:

Volgende post: