Het manifest als uitdaging voor de rechtspraak

door IvorenToga op 22/01/2013

in Rechtspraak

Post image for Het manifest als uitdaging voor de rechtspraak

In een weblog over de organisatie van de strafrechtspraak is het lastig om niet over het veelbesproken manifest te schrijven. Laten we het manifest en de daarin (onder meer) geuite klacht over de werk/productiedruk eens als een gegeven beschouwen. Gek is dat niet, omdat het zich gevangen voelen in productie-eisen een fenomeen is dat zich niet tot rechters beperkt. Van slager tot politieman, van vakkenvuller tot producer, van dj tot timmerman, iedereen heeft het tegenwoordig druk. Recente sociologische studies (zie R. Wielers, Waarom wij werken. Recente literatuur over het arbeidsethos, TvA 2012, nr. 1) wijzen erop dat we in Nederland minder tijd besteden aan (betaald en onbetaald) werk en dat we minder geneigd zijn om het privéleven ondergeschikt te maken aan werk. Deze door Wielers aangeduide teloorgang van het arbeidsethos, zou een verklaring kunnen zijn voor het feit dat we het met z’n allen zo druk hebben. Wanneer we het leven naast het werk belangrijker gaan vinden, gaat hetzelfde (en vooral dezelfde hoeveelheid) werk immers zwaarder wegen. In die zin valt te verwachten dat klachten over de werkdruk voorlopig nog wel zullen blijven bestaan en nog wel zullen toenemen. Deze sterk normatief getinte maatschappelijke opvatting over de werkdruk is een gegeven waar een antwoord op zal moeten worden gevonden, ook binnen de rechterlijke organisatie.

Gelijk we de ervaren werkdruk als gegeven kunnen beschouwen, kunnen we er echter ook wel vanuit gaan dat er niet meer middelen beschikbaar zullen worden gesteld en dat de noodzaak tot het leveren van productie zal blijven bestaan. De staatskas kan niet meer missen en daaruit zal de rechtspraak toch uit moeten worden betaald. Financiering door de gebruikers van de rechtspraak is immers, mede na protest door de Raad voor de rechtspraak en vele rechters, thans niet meer aan de orde. Het korten op salarissen binnen de rechtspraak, ligt als voorstel misschien nog wel in het verschiet. De afgelopen weken lijkt het maatschappelijk taboe op loonoffers minder te worden, maar laten we er vanuit gaan dat ook een dergelijk voorstel geen bijval zal vinden. Kortom: aan de financiële kaders zal niets veranderen. Ook dat is een gegeven.

Dat de minister het manifest als een uitdaging ziet, is zo beschouwd zo gek nog niet. Het is namelijk zaak om tegemoet te komen aan de werkdruk door met gelijkblijvende middelen toch goede rechtspraak te blijven leveren. Het ligt dan voor de hand om in de eerste plaats de beschikbare middelen doelmatiger te besteden en in de tweede plaats de rechtspraak te gaan beperken tot zijn kerntaak.

Met het oog op de doelmatigheid is er in dit blog al het nodige geschreven over het terugdringen van aanhoudingen en het indammen van (de behandeling van) het hoger beroep, maar er zou bijvoorbeeld ook voor kunnen worden gekozen om bij bekennende verdachten niet alleen de uitspraak maar ook de behandeling verder te versoberen. In wezen zou het in die gevallen slechts over de strafmaat hoeven te gaan en zou je er zelfs voor kunnen kiezen om dergelijke zaken helemaal niet meer aan de strafrechter voor te leggen. Een in die lijn liggend voorstel is in het begin van de jaren 90 gedaan door een subcommissie van de Commissie ‘Herijking Wetboek van Strafvordering’ (‘Commissie Moons’). Dit voorstel is uiteindelijk ook wetsvoorstel geworden, maar tot wetgeving is het nooit gekomen na zware kritiek vanuit de strafrechtswetenschap. Een gedegen analyse gaat het bestek van deze bijdrage te boven en zou zeker nog moeten plaatsvinden. Te verwachten valt in ieder geval dat al snel zal worden gewezen op de Schiedammer en Puttense moordzaak. Die strafzaken bewijzen echter juist dat ook betrokkenheid van rechters dergelijke onterechte strafopleggingen niet kunnen voorkomen. Ook in het huidige systeem zal dit nimmer voorkomen kunnen worden. Vergelijk het met een arts die bij een routineoperatie geconfronteerd wordt met een complexe complicatie die alleen voor de allerbesten in zijn beroepsgroep zichtbaar is. Bovendien lijken de bekennende verdachten buiten de zaken die het nieuws halen het strafbare feit waarvan ze verdacht worden, gewoon te hebben gepleegd. Ten slotte is er natuurlijk niets op tegen om een voorziening te creëren waarop veroordeelden die bekend hebben maar op een gegeven moment menen dat de veroordeling onterecht is een beroep kunnen doen. Materieel verandert er dan niet eens zoveel.

Met het richten op de kerntaak van de rechtspraak valt ook veel winst te behalen. De rechtspraak doet denken aan de steeds mooier wordende kerstboom die vorige maand in onze huizen stond, terwijl de kerstboom toch echt mooier en groter wordt wanneer die gewoon in het bos blijft staan. De rechtspraak wordt door wetgever, bestuurders en rechters zelf evenzeer opgetuigd met allerlei nobele doelen: meer maatschappelijk begrip door meer motivering, meer begrip bij de verdachte door een uitgebreidere behandeling en meer begrip bij het slachtoffer door meer slachtofferrechten. Rechters besteden daar veel tijd aan en in de daarvoor benodigde overhead gaat veel geld zitten. Voor de vele miljoenen Euro’s die heengaan met beveiliging en communicatie en andere modieuze bedrijfsactiviteiten kunnen talloze juristen worden aangetrokken. De strafvorderlijke en organisatorische overhead heeft weinig meer van doen met het oorspronkelijk doel van strafvordering: waarheidsvinding, rechtsbescherming en het bepalen van een geëigende straf. De vraag of een en ander daadwerkelijk tot meer begrip leidt, laat ik maar even buiten beschouwing. Een herbezinning op de kerntaak van de strafrechter zou behoorlijk veel tijd en geld kunnen opleveren. Daarmee zou de ervaren werkdruk kunnen verminderen en tijd en geld kunnen worden vrijgespeeld voor het leveren van kwaliteit voor wat betreft die kerntaak.

Ik geef toe: toegeven aan de tijdsgeest van de werkdruk gaat mogelijk ten koste van andere tijdsgeesten. Doelmatigheidsvoorstellen leiden snel tot vermeende aantastingen van de rechtstaat, terwijl een herbezinning op de kerntaak van de strafrechter lastig zal zijn te verenigen met eisen van responsiviteit. We kunnen nu eenmaal niet alles hebben, maar zonder kerstboom viel kerst door mij in ieder geval ook echt nog te vieren.

Rick Robroek
Stafjurist Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, wetenschappelijk medewerker vakgroep Strafrecht RUG en rechter-plaatsvervanger rechtbank Maastricht

Deze post is de onderdeel van een reeks bijdragen over de rechtspraak en de organisatie daarvan die tegelijk hier en op de blog IvorenToga.nl verschijnen. Reacties worden gesynchroniseerd.

{ 1 reageer… read it below or add one }

1 a.zecha 26/01/2013 om 13:27

In het teken van de woorden van Juliet Capulet (uit Romeo and Juliet):
“What’s in a name? That which we call a rose. By any other name would smell as sweet.”
twee aantekeningen ter aanvulling op de aansprekende titel en inhoud van onderhavig artikel.
I.e. uit de “ontwikkelingspsychologie” en uit de “humane historie”.

Om een manifest tegen de verhoging van de “werkdruk” – i.e. om meer producten per tijdseenheid te eisen bij gelijk blijvende of zelfs minder middelen als – als een “uitdaging” te benoemen doet m.i. geen volledig recht aan het probleem dat door het politieke paradigma van de liberale marktwerking wordt veroorzaakt. En dus ook niet aan een oplossing ervan, alhoewel het inderdaad wèl in technisch-manupaltieve zin een vaak gebruikte moderne snelle en bovenal goedkope methode is om anderen tot meer presteren aan te zetten.
Puberale leeftijdsgenoten gebruiken intuïtief dergelijke methoden om andere te verleiden tot risicovolle handelingen en gedragingen. In ontwikkelingspsychologische “rapporten” komt dit fenomeen aan de orde.

In de humane historie en in verscheidene hedendaagse staten waren en worden hiertoe meer fysieke middelen aangewend. “De zweep erover” is nog een bekende uitdrukking; al moet worden gezegd dat hedendaagse partijpolitieke afgevaardigden liever spreken over “snelrecht”, “hogere straftoemeting”en “lik op stuk beleid” of het woord “uitdaging” gebruiken. .
a.zecha

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: