Hypocrisie en religie

door CM op 02/02/2015

in Buitenland, Grondrechten

Post image for Hypocrisie en religie

Het is een koude dag in februari 2020. Enkele dagen eerder is het Amerikaanse leger van de Republikeinse president Ben Carson met groot machtsvertoon Jemen binnengevallen in het kader van de immer voortdurende War on Terror. Berichten over burgerslachtoffers (“collateral damage”) stapelen zich op in de media en ook in Nederland is de verontwaardiging groot. Een bont gezelschap demonstranten verzamelt zich bij de Amerikaanse ambassade om hun woede te uiten. Er zijn mannen met baarden, vrouwen met hoofddoeken, maar ook autochtone activisten, jong en oud. Op een gegeven moment tovert het gezelschap, een man of dertig groot, een enorme Amerikaanse vlag tevoorschijn. Daar wordt uitgebreid op gestampt en gespuugd, en ten slotte wordt de vlag in de fik gestoken. Terwijl het stuk stof brandt, breekt plotseling paniek uit. Een auto is met piepende banden tot stilstand gekomen. Uit de wagen springen twee gemaskerde mannen met machinegeweren. Ze openen het vuur op de menigte terwijl ze “Praise Jezus!” en “God bless America!” roepen. Er vallen minstens tien doden en evenzovele gewonden. Voordat de gemaskerde mannen terug in de auto springen, roepen ze nog “we hebben onze Vlag gewroken! Niemand komt ongestraft aan onze Vlag!”. Op de vlucht voor de politie stormen de mannen een halal slagerij binnen, waar ze ook zonder genade mensen doodschieten, voordat ze zelf in een kogelregen van de opgetrommelde ordediensten om het leven komen.

In de dagen na de aanslag is de verontwaardiging in het land enorm. Er zijn massale protestmarsen en hoewel eigenlijk niemand daar trek in heeft, besluit de Publieke Omroep “Mijn vrijheid, jouw vrijheid deel 347” uit te zenden. In de uitzending de bekende deelnemers. Oud-burgemeester Aboutaleb van Rotterdam roept Amerikanen in ons land op “maar op te rotten als ze zo sentimenteel worden van het verbranden van een stukje textiel”. Peter R. de Vries daarentegen laat weten de aanslag weliswaar te veroordelen, maar vraagtekens te plaatsen bij de vlagverbranding. “Ik vind dat nogal onverdraagzaam en intolerant”, zegt hij, “je kunt toch ook op een andere wijze je afkeer van de wandaden van een staat kenbaar maken? Het verbranden van een vlag is alleen maar om te provoceren.”.

De Vries krijgt bijval van een Amerikadeskundige. Die wijst erop dat de vlag voor veel Amerikanen niet zomaar een stukje stof is. De vlag is voor hen net zo dierbaar als de Koran en de profeet dat voor moslims zijn. Niet voor niets heeft president Carson in zijn eerste termijn bewerkstelligd dat – na eerdere mislukte pogingen – een verbod op het verbranden van de Amerikaanse vlag in de Constitution is vastgelegd. En nog wel vóór het beroemde First Amendment, het artikel over de vrijheid van meningsuiting. Dat was een actie van het Amerikaanse Congres zonder precedent. Het nieuwe artikel luidt:

“The Flag of the American nation is sacred. Desecrating it is sacrilegious and shall be prohibited by Congress.”

De deskundige legt uit dat natuurlijk maar heel weinig Amerikanen geweld zullen gebruiken tegen mensen die hun vlag verbranden. De overgrote meerderheid zal geweld stellig afkeuren, maar een klein groepje fanatiekelingen deinst er niet voor terug om aanklager, rechter en beul te spelen. Volgens de deskundige mag van demonstranten best enige zelfcensuur verwacht worden. Je mag natuurlijk puur juridisch bezien best een Amerikaanse vlag verbranden, maar moet het ook? Er zijn ook andere methoden om je mening over het beleid van een land kenbaar te maken. Het is wel heel Europees-chauvinistisch om Amerikaanse woede over vlagverbranding af te doen als nationalistisch, extremistisch en kinderachtig. Natuurlijk is het vermoorden van demonstranten die een vlag verbanden altijd af te keuren, maar een klein beetje hebben ze het wel zelf uitgelokt.

Wie vindt dat de deskundige in dit fictieve verhaaltje met zijn “ik keur het af, maar…” respectloos handelt en de slachtoffers berispt in plaats van alle schuld bij de moordenaars te leggen, heeft wat mij betreft 100% gelijk. Zullen we daarom het verbranden van een voor miljoenen Amerikanen bijkans heilige vlag eens naast het enkel tekenen van een historische figuur als Mohammed leggen? Vraag een willekeurige voorbijganger in Nederland of vlagverbranding eigenlijk onaanvaardbaar is, en je zult waarschijnlijk horen dat er niets mis mee is. Als je dezelfde voorbijganger vraagt of het eigenlijk onaanvaardbaar is om de profeet af te beelden, in de context van spot of niet, dan mag je hopen dat je hetzelfde antwoord krijgt. Maar ik vrees dat dat niet altijd het geval zal zijn. Voor velen zal gelden dat het geloof toch een hogere positie inneemt. En dat is hypocriet. Er is in de 21ste eeuw geen enkele reden meer om geloof op een voetstuk te plaatsen en religieuze gevoelens anders te behandelen dan ‘profane’ gevoelens. Nog hypocrieter is het onderscheid te maken tussen geloven. Charlie Hebdo heeft eindeloos veel vaker in cartoons de Paus – voor katholieken Plaatsbekleder van Jezus Christus op Aarde – op de hak genomen, maar kennelijk is het afbeelden van de historische figuur Mohammed met de vreedzame boodschap “tout est pardonné” voor sommige criticasters véél erger.

Als je een vlag mag verbranden ook al is dat pijnlijk voor miljoenen, als je de Grondwet en het EVRM als deurmat mag gebruiken, dan mag dat ook met de Koran en afbeeldingen van de profeet. Waarmee niet gezegd is dat het ook moet. Maar we moeten af van de “ik keur het af, maar…”- behandeling. De enige juiste reactie bij geweld tegen meningsuitingen is: ik keur het af. Punt.

{ 0 reacties… add one now }

Reactie achterlaten

{ 1 trackback }

Vorige post:

Volgende post: