In beslotenheid beslissen

door LD op 30/11/2009

in Haagse vierkante kilometer

Tot de meest controversiële wetsvoorstellen die op dit moment bij de Eerste Kamer voorliggen behoort – naast het voorstel over het kraakverbod en het voorstel voor de Crisis- en herstelwet – het voorstel tot invoering van een landelijk elektronisch patiëntendossier, het zogenaamde EPD. Dit wetsvoorstel werd tien maanden geleden reeds door de Tweede Kamer aangenomen, maar de Senaat neemt – terecht – de tijd om het voorstel op zijn juridische en ethische merites te beoordelen. Naast het gebruikelijke schriftelijke onderzoek zal tevens een expertmeeting plaatsvinden, georganiseerd door de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport / Jeugd en Gezin in samenwerking met het Rathenau Instituut. Deskundigen, vertegenwoordigers van de beroepsgroepen en andere betrokkenen zullen de senatoren voorlichten over de ins en outs van het EPD.

Tot zover is het allemaal niet heel nieuwswaardig, maar de beslissing om de expertmeeting achter gesloten deuren te houden heeft tot verontwaardigde reacties geleid. Marc Chavannes, journalist, blogger en verklaard tegenstander van het EPD, spreekt er in zijn column Opklaringen op beschaafde toon schande van. Iets minder beschaafd is Joep Schrijvers, uit wiens toetsenbord de fraaie volzin “Deskundigen zijn toch geen mietjes die alleen de waarheid durven te zeggen in beslotenheid van een mottig boudoir?” voortvloeide. Deze klachten zijn gezien de zorgen over de besluitvorming rond het EPD zeer begrijpelijk, maar wat nog veel ernstiger is: ze snijden juridisch bezien hout.

Vergaderingen van commissies van de Eerste Kamer zijn besloten en niet toegankelijk voor het publiek. Artikel 42 van het Reglement van Orde, geplaatst onder het kopje ‘Vertrouwelijkheid’, bepaalt dat “naast hetgeen in een officieel schriftelijk of mondeling uitgebracht verslag wordt geopenbaard, (…) hetgeen in de vergadering van de commissies is besloten in beknopte vorm openbaar (wordt) gemaakt”. Dus: behalve officiële verslagen en beknopte besluitenlijsten (zogenaamde Korte Aantekeningen) is er geen openbaarheid, en zeker geen recht op toegang tot commissievergaderingen. Dit alles staat nogal in contrast met artikel 37 van het Reglement van Orde van de Tweede Kamer, dat bepaalt dat de vergaderingen van commissies in principe openbaar zijn. Het interessante is echter dat het Reglement van Orde van de Eerste Kamer een aparte bepaling bevat over ‘hoorzittingen’. Er is weinig fantasie voor nodig om een expertmeeting aan te merken als een hoorzitting. Hoorzittingen zijn krachtens artikel 53 van het Reglement wél openbaar, tenzij de verantwoordelijke commissie anders besluit. En in casu heeft de commissie dus anders besloten.

Waarom die beslotenheid? Onder de column van Chavannes wordt namens het Rathenau Instituut als motivering gegeven: “De belangrijkste reden hiervoor is de wens dat deelnemers vrijuit kunnen spreken, opdat de Kamerleden optimaal geïnformeerd worden over de voors en tegens van invoering van een landelijk EPD. Het is onze inschatting dat bij aanwezigheid van bijvoorbeeld pers deelnemers minder geneigd zullen zijn het achterste van hun tong te laten zien.” Met zo’n (klaarblijkelijk op een ‘inschatting’ gebaseerde) redenering kun je natuurlijk iedere hoorzitting besloten houden: zij kan bij ieder controversieel wetsvoorstel ingezet worden. De door het Reglement gegarandeerde openbaarheid wordt zo een wassen neus. Als bepalingen uit dat Reglement met speels gemak opzij gezet kunnen worden, dan heeft de Eerste Kamer bovendien een geloofwaardigheidsprobleem. Dat van de expertmeeting wel een verslag zal worden gemaakt – wat overigens een week of vier kan duren – is niet meer dan een pleister op de wond.

Vorige post:

Volgende post: