Indië-weigeraars kunnen om ‘amnestiewet’ vragen

door GB op 27/06/2013

in Haagse vierkante kilometer, Rechtspraak

Post image for Indië-weigeraars kunnen om ‘amnestiewet’ vragen

Rechtspraak is uit de aard der zaak retroperspectief. Het is daarom zo kwestsbaar voor het grote gelijk van achteraf, de laatste tijd bekwaam aangevoerd door advocaat Zegveld. Terwijl we stevig geld uitgeven aan een Canon, een Nationaal Museum en aan de herdenking van 200 jaar Koninkrijk, bladert zij juist terug naar de zwarte bladzijden van onze geschiedenis. En die zijn er genoeg. Binnenkort zal ze de inval van de Romeinen in Friesland wel voorleggen aan het Internationaal Gerechtshof, en naar het schijnt voldeed de Tiendaagse Veldtocht ook niet aan het Handvest van de Verenigde Naties. Wat daar verder allemaal van zij; ze creëert in ieder geval interessante jurisprudentie. Getuige ook weer de meest recente loot aan de stam: de weigering van de Hoge Raad om de strafzaken tegen Indië-weigeraars te heropenen.

Om een strafzaak heropend te krijgen, moet een zogenaamd ‘novum’ gesteld en aangenomen worden: als iemand anders bekent het misdrijf te hebben gepleegd waar jij voor vastzit, bijvoorbeeld. Mr. Zegveld betoogde dat de gewijzigde rechtsopvatting ten aanzien van Indië-weigeraars ook iets nieuws was. Dat is knap gevonden. Zou de Hoge Raad daarin meegaan, dan zou er een behoorlijke deuk in de rechtszekerheid worden geslagen of, in potjeslatijn, aan het beginsel van lites finiri oportet geknaagd. Het zou een regelrechte oproep aan iedereen zijn om eens goed na te denken of hij niet ooit voor naaktlopen is veroordeeld of een boete heeft gekregen op een stukje snelweg waar je naar huidige rechtsopvatting inmiddels wel 130 km per uur mag rijden. Aan de andere kant is het wel lullig om, terwijl je je straf voor godslastering uitzit, te lezen dat het artikel inmiddels is afgeschaft. Voor deze spanning heeft ons rechtssysteem een oplossing: er kan gratie worden gevraagd en verleend krachtens artikel 122 Grondwet. Gratie wil zeggen dat de strafrechtelijke gevolgen van een vonnis worden verminderd of opgeheven. Anders gezegd: je blijft wel veroordeeld, maar je straf wordt niet meer (verder) ten uitvoer gelegd. Voor de bejaarde Indië-weigeraars is dat natuurlijk geen oplossing. Die zitten immers niet meer vast. Schadevergoeding zal ook niet helpen. Dit zijn mannen met een stalen geweten – die koop je niet af. Zij willen verlost worden van hun veroordeling, om alsnog ontslagen van alle rechtsgevolgen hun oude dag voort te zetten.

Bij de Hoge Raad hebben ze dus geen succes. Die houdt het deksel op de beerput. Maar de Raadsheren zijn wel bereid mee te denken:

Indien en voor zover een dergelijke wijziging van opvatting leidt tot een maatschappelijk voldoende breed gedragen wens dat de gevolgen van een dergelijke veroordeling worden geredresseerd, is het niet aan de herzieningsrechter, maar aan de politieke en wetgevende organen te beoordelen of, en zo ja op welke wijze aan die wens kan worden tegemoetgekomen.

Zegveld probeert deze opmerking uiteraard op te pompen tot een soort materieel wetgevingsbevel, maar dat geeft de Hoge Raad niet. De Hoge Raad heeft het slechts over ‘indien en voor zover’ de vlag er inderdaad heel erg anders bijhangt en spreekt zich niet uit of dat inderdaad het geval is. Maar kunnen ‘de politieke en de wetgevende organen’ eigenlijk wel leveren wat de Indië-weigeraars willen, namelijk echte opheffing van hun strafbaarheid? De Hoge Raad lijkt te hinten op een schadevergoeding, maar er is meer mogelijk. Aan artikel 122 Grondwet hangt een stoffig lid 2, dat zogenaamde ‘amnestie’ regelt. Met een ‘amnestiewet’ wordt aan bepaalde feiten, gedurende een bepaalde periode, achteraf alsnog de strafbaarheid ontnomen. Dat zou de oude bazen recht doen.

Het is niet eenvoudig om voor deze figuur een precedent te vinden. Het is er wel. Bij Wet van 6 augustus 1914 is amnestie verleend aan wie voor 1 augustus 1914 deserteerde. Dat was echter, helaas voor de Indië-weigeraars, onder de voorwaarde dat ze zich alsnog per fiets naar het front zouden spoeden.

{ 1 reageer… read it below or add one }

1 a.zecha 05/07/2013 om 15:37

Vermits de “niet-weigeraars” die toen onder Nederlands bevel stonden en volgens het Nederlands recht van toen klaarblijkelijk geen misdaden pleegden toen zij al de mannelijke dorpsbewoners te Rawa Gede neerschoten. Zij zullen ook nu volgens het Nederlandse recht van nu niet worden vervolgd en berecht.

Wat nu te denken over de uitspraak van de Nederlandse Hoge Raad nu over wel veroordeelde Nederlandse burgers(?) / soldaten (?) – “weigeraars van toen” – die toen geen misdaden hebben gepleegd maar weigerden in zulk een situatie te worden gebracht?.

De associatie met de “niet-weigeraars” die toen onder Duits bevel in Putten stonden komt nu onwillekeurig boven en geeft nu stof tot enig nadenken.
a.zecha

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: