Laat de Tweede Kamer zichzelf ontbinden!

door Ingezonden op 17/09/2014

in Haagse vierkante kilometer, Uitgelicht

Post image for Laat de Tweede Kamer zichzelf ontbinden!

Iedereen ouder dan drie heeft het al eens meegemaakt: een kabinetscrisis die eindigde in vervroegde verkiezingen. Dit komt voort uit artikel 64 lid 1 van de Grondwet. Dat bepaalt dat de regering de macht heeft het parlement vroegtijdig te ontbinden. Mijns inziens is die regel achterhaald en moet ontbinding van de Tweede Kamer in haar eigen handen komen.

Conflictontbinding

“Ontbindbaarheid wordt gevorderd tot beslissing van een strijd tusschen het gouvernement en ééne of beide Kamers der Staten-Generaal, een strijd van dien aard, dat óf het gouvernement óf de vertegenwoordiging behoort te wijken.” Dit citaat van de staatscommissie-Thorbecke is de enige officiële reden waarom de ontbindbaarheid in 1848 is ingevoerd: de conflictontbinding. Als de regering over een van haar voorstellen in conflict komt met de Kamer, en beiden willen van geen wijken weten, kan de regering door het uitschrijven van nieuwe verkiezingen als het ware in beroep bij de kiezer over dat voorstel.

De situatie van de conflictontbinding heeft zich sinds eind negentiende eeuw eigenlijk niet meer voorgedaan. Ten eerste is de norm ontstaan dat kabinetten aan de vooravond van verkiezingen hun ontslag aanbieden bij de regering: niet echt de strijdbare houding die hoort bij zo’n conflict. Ten tweede is in de moderne tijd een klassieke conflictontbinding ook moeilijk klaar te spelen. Zaken als een regeerakkoord met daaruit voortkomende loyaliteit van regeringsfracties aan het kabinet stellen niet de verhouding tussen regering en Kamer centraal, maar regering(sfracties) en oppositie. Als een regering dan in botsing komt met een meerderheid van de Kamer, betekent dat ook bonje met de eigen fracties, en vaak binnen het kabinet zelf. Als ministers al ruzie met elkaar hebben, is er geen eenduidige stem in de regering die haar plannen tot verkiezingsinzet kan maken. Tot slot is het doel tegenwoordig ook niet meer om haar eigen plannen tot inzet van verkiezingen te maken, maar ontbindt de regering het parlement voortijdig om de Kamer een nieuwe start te laten maken en een nieuw kabinet te laten vormen. Kortom: de conflictontbinding doet er tegenwoordig niet meer toe.

Omgekeerde vertrouwensregel

Er zijn nog wel andere redenen aangedragen om de ontbindingsbevoegdheid bij de regering te laten. Zo wordt het door sommige auteurs gezien als de spiegel van de klassieke vertrouwensregel: waar een minister het vertrouwen van het parlement moet hebben om aan te blijven, zou de Kamer ook afhankelijk zijn van het vertrouwen van de regering. Historisch gezien is dat wel te verklaren. Tijdens de invoering van het ontbindingsrecht in 1848, met de invoering van de nieuwe Grondwet, moest de tot dan toe machtigere Koning veel invloed afstaan. In de afdeling “Van de magts des Konings” bleven echter nog voorrechten voor hem over, waaronder het ontbindingsrecht. Zoals staatsrechtgeleerde Vis het mooi zei: “het Nederlandse ontbindingsrecht [was] vóór alles een recht om af te rekenen met een kamer die de koninklijke regering blokkeerde door een dwalende meerderheid.” Een zoethoudertje voor de Koning dus: als het parlement te vervelend ging doen, kon hij haar altijd nog ontbinden. In de loop der jaren is de kern van het parlementair stelsel echter juist ontwikkeld tot de vertrouwensregel van het parlement in de richting van de regering en niet andersom. Wie zou het tegenwoordig nog pikken als een regering de Tweede Kamer naar huis stuurt omdat ze het maar onzin vindt wat er daar gebeurt? Bij wie ligt het democratisch mandaat nou?

Checks and balances

De laatste aangedragen reden is die van checks and balances, ook een erkend principe in het Nederlandse staatsrecht. Om te voorkomen dat binnen de trias politica één van de takken te veel macht kreeg, is na de versterking van het parlement bij de Grondwet van 1848 de ontbindingsmogelijkheid voor de regering gekomen om de verhoudingen wat te balanceren. Angst voor een te sterke Kamer lijkt er tegenwoordig niet meer te zijn, eerder andersom. En niet onterecht, met als meest recente voorbeeld de PvdA-Kamerleden Bonis en Hilkens die bij hun opstappen aangaven in de bestaande regeringsverhoudingen hun werk niet te kunnen doen. Niet alleen de oppositie, zelfs coalitie-Kamerleden voelen zich dus soms geen partij.

Verkeerd ontbonden

Volgens mij heeft de al te makkelijke mogelijkheid de Kamer te ontbinden politieke instabiliteit in de hand gewerkt. Sinds 1998 heeft geen enkel kabinet de rit volledig uitgezeten en sinds de kabinetten-Balkenende ging dat altijd gepaard met een Kamerontbinding. Daar komt nog bij dat er wordt gespeculeerd over de vraag of kabinetten zijn opgeblazen om partijpolitiek gewin. De PvdA bijvoorbeeld stapte een week voor de gemeenteraadsverkiezingen van 2010 uit Balkenende IV. Hierdoor wist men de beroerde peilingen van voor die tijd in de praktijk iets te beperken.

Zouden we de ontbindingsbevoegdheid helemaal moeten afschaffen? Gemeenten en provincies hebben geen ontbindingsmogelijkheden. Dat betekent dat zij voorzichtiger en grondiger met hun coalitievorming om moeten gaan. Want als de boel klapt, ben je alsnog op elkaar aangewezen.

Toch gaat dat voor de Tweede Kamer ver. Als zij zichzelf als hoogste democratische orgaan van het land op een bepaald moment niet meer in staat acht de beste vertegenwoordiging voor de bevolking te zijn, moeten nieuwe verkiezingen mogelijk zijn. Daarom zou ik het in haar eigen handen willen brengen: zij kan dat in ieder geval beter beoordelen dan de regering die maar een afgeleid mandaat heeft. Laat partijen in het openbaar discussiëren, stemmen, en zich verantwoorden.

Echter, zoals eerder in dit stuk aangegeven zijn regering en regeringsfracties dermate verweven dat als er nu ruzie zou ontstaan tussen PvdA en VVD ze er onderling misschien nog wel uit zouden kunnen komen om nieuwe verkiezingen uit te schrijven als ze elkaar zat zijn. Misschien zou daarom een drempel van een twee derde meerderheid de moeite waard zijn? Dan kan men niet te lichtvaardig formeren en nieuwe verkiezingen uitschrijven, maar moet er een breed gedragen gevoel zijn. Valt er nog iets te lijmen, kunnen oppositiepartijen toetreden, of is het aan de kiezer?

Over de consequenties van een dergelijk systeem (wat gebeurt er als er wél een klassiek conflict tussen regering en Kamer ontstaat? Wat doen we met de Eerste Kamer?) zou nog langer nagedacht moeten worden, maar laat deze rare regeling in ieder geval niet in de handen waar het niet hoort.

Axel Boomgaars, fractievoorzitter GroenLinks te Amstelveen

{ 8 reacties… read them below or add one }

1 Martin Holterman 17/09/2014 om 14:14

Ik kan me zo sinds de tijd van Willem III geen geval meer heugen van een Kamer die tegen zijn wil is ontbonden, dus dit lijkt me een duidelijk gevalletje oplossing op zoek naar een probleem.

2 M.J. Hoogendoorn 17/09/2014 om 14:42

Maakt dit voorstel het niet erg makkelijk de stekker uit een minderheidskabinet te trekken? In plaats van mee te werken aan die delen van de kabinetsplannen wel aanvaardbaar zijn, wordt het voor de oppositie zo wel erg aanlokkelijk om, als geen meerderheidskabinet geformeerd kan worden, met z’n allen nieuwe verkiezingen uit te schrijven. Nieuwe ronde, nieuwe kansen.

3 Axel Boomgaars 17/09/2014 om 16:20

@Martin: het probleem dat mij triggerde is de (in mijn perceptie) toegenomen politieke instabiliteit vanwege de al te gemakkelijke ontbindingen van de afgelopen jaren. Dat in combinatie met een erg sterke positie van de regering, en de historische achterhaaldheid van het instrument, is voor mij wel duidelijk waarom dit instrument aan modernisering toe is.

@MJ Hoogendoorn: hangt er vanaf hoe klein dat minderheidskabinet is. Als je een tweederde meerderheid moet hebben zou dat kabinet op 50 zetels (of minder) moeten steunen en dan moeten álle andere partijen (of in ieder geval 100 zetels) voor ontbinding stemmen. Dat zie ik niet al te vlug gebeuren. Ikzelf geloof daarnaast ook dat het feit dat er publiekelijk over gedebatteerd en gestemd zou moeten worden, het al te makkelijk aftikken van zo’n ingrijpend middel moeilijker wordt, omdat je je als volksvertegenwoordiger moet verantwoorden over waarom jij jezelf niet meer in staat acht je taken uit te kunnen oefenen.

4 Martin Holterman 17/09/2014 om 16:22

Euh, we doen iets aan instabiliteit door het nog makkelijker te maken om nieuwe verkiezingen uit te schrijven??? Dan zou ik eerder aan een konstruktives Mistrauensvotum denken.

5 Axel Boomgaars 17/09/2014 om 16:48

In mijn ogen zou een tweederde meerderheidsstemming in de Kamer moeilijker zijn dan een besluit van de regering (want los van openbare debatten en stemmingen heb je volgens mij sowieso een grotere meerderheid nodig dan in een regering). Zou je kunnen uitleggen waarom mijn voorstel dat makkelijker zou maken?
Het Konstruktives Mistrauensvotum ken ik niet, kan je me daar meer informatie over geven?

6 Martin Holterman 17/09/2014 om 20:42

Een tweederde meerderheidsstemming is een uitermate slecht idee, want dan heb je de mogelijkheid dat 51% er geen zin meer in heeft maar geen mogelijkheid heeft om de andere 49% tot een verkiezing te dwingen behalve door zo vervelend mogelijk te doen. In een situatie waar die andere 49% er in de peilingen slecht voorstaat, kan daar allerlei onheil van komen.

Het konstruktives Mistrauensvotum is de regel van art. 67 Grundgesetz dat de Kanselier van Duitsland slechts door de Bundestag uit zijn ambt kan worden gezet als er een andere Kanselier voor in de plaats wordt benoemd. Alleen als men de huidige kanselier niet meer blieft en ook geen nieuwe kan vinden, wordt de Bundestag door de Bondspresident op voorstel van de Kanselier (!) ontbonden (art. 68 GG). Dat is het Duitse medicijn voor de instabiliteit van de Weimar republiek.

7 M.J. Hoogendoorn 19/09/2014 om 09:24

Je hebt gelijk dat een kiesdrempel of tweede stemming lichtvaardig gebruik kan voorkomen. Toch nog een aantal mogelijke bezwaren.

Voor alle duidelijkheid: het doel van deze wijziging is, dat, als de zittende coalitie uitgeregeerd is er niet meer standaard nieuwe verkiezingen uitgeschreven worden, maar dat het in beginsel aan de kamer is om een nieuwe coalitie te vormen. Ik heb geen idee, maar is het in het Nederlandse stelsel reëel om te verwachten dat -zonder een richting gevend verkiezingsresultaat- dat soepel gaat? Krijg je zo niet lange regeringsloze periodes, bijvoorbeeld als een nieuwe formatie zonder verkiezingen mislukt en er vervolgens toch weer verkiezingen worden uitgeschreven, waarna er weer geformeerd moet worden? Of als de grootste partijen in het zittende al dan niet om electorale redenen parlement juist geen nieuwe verkiezingen willen, ondanks een niet meer functionerende zittende regering en ondanks het mislukken van een formatie zonder verkiezingen?

8 Axel Boomgaars 19/09/2014 om 11:48

Dat zijn twee punten die het overdenken waard zijn.

Wat betreft de extra lange regeringsloze periodes vanwege eerst formeren-mislukken-nieuwe verkiezingen-en dan weer formeren zou de extra verlenging ten opzichte van de situatie zoals we die nu hebben alleen de periode voor de vervroegde verkiezingen zijn waarin een nieuwe formatie geprobeerd zou kunnen worden, De vraag is hoe lang zo’n formatieperiode duurt als het toch al gedoemd zou zijn te mislukken (Zou het niet redelijk helder zijn na zo’n breuk wie met wie zou willen, zou men ontzettend veel tijd gaan verdoen in een beleefdheidsrondje?), en of de incalculering van dit nieuwe ontbindingsinstrument bij het formeren na een reguliere verkiezing zou maken dat men grondiger omgaat met die initiële formatieprocedure, zoals gemeenten en provincies nu ook moeten. Dat zijn afwegingen, en daarnaast de vraag wat een groter probleem is: vijf verkiezingen in tien jaar brengt naast lange tijd zonder regering ook grotere instabiliteit met zich mee.

Wat betreft partijen dit instrument zouden misbruiken uit electoraal belang (min of meer zelfde punt als Holterman maakt): hetzelfde kan je zeggen van de redenen waarom binnen een kabinet nu wel of geen stekkers eruit getrokken worden en welke bewindslieden anderen in een houdgreep kunnen nemen. Ik denk dat politiek opportunisme in elk gremium even groot kan zijn. Alleen, door het bij het parlement transparant in de openbaarheid te brengen middels debat en stemming, heeft de kiezer wat mij betreft daarna een grotere mogelijkheid om haar eigen oordeel te vellen over wat zij van dergelijk optreden vindt.

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: