Manifest 1. Hoe de strafkamer verdween uit Nederland

door IvorenToga op 13/08/2013

in Rechtspraak, strafrecht

Post image for Manifest 1. Hoe de strafkamer verdween uit Nederland

Als ik deze blog voor het gemak als een digitale slotdeur mag beschouwen, dan zou ik bijna 500 jaar na de Wittenbergse actie van Luther 10 stellingen willen ophangen als manifest over de organisatie van het strafproces. Veel veranderingen in wet, structuur en organisatie zien op de rechtspraak als geheel, maar ik richt me op de risico’s en kansen voor het strafproces.

1. Het Wetboek van Strafvordering kent slechts één juridische en organisatorische eenheid, de strafkamer.

2. De strafkamer zoals we die tot de eeuwwisseling kende leidde een bloeiend leven. Wie voorzitter en vice-president van een strafkamer werd kreeg van doen met een klein college van rechters, griffiers en griffiemedewerkers. Gedurende vele jaren bleef deze combinatie bij elkaar, overlegde frequent, kende vaak een jaarlijks uitstapje en men kwam soms ook bij elkaar privé over de vloer.

3. De voorzitters van deze kamers vormen samen een klein presidium dat frequent overlegde met de voorzitter van de strafsector die meestal op grond van anciënniteit werd benoemd en bovendien juridisch gezaghebbend was. Deze voorzitter oudste in rang was de eerste onder de gelijken, wat zoveel betekende dat er gestuurd moest worden op consensus.

4. Dit overleg streefde naar rechtseenheid, maar wanneer die niet te vinden was, bleef de lokale rechtstoepassing zoals het was. De voorzitters van de strafkamers hadden een zeker mandaat van de andere twee of drie rechters met wie de strafkamer werd gevormd, maar bij verstrekkende koerswijzigingen moest eerst overleg met de achterban worden gepleegd.

5. De strafkamer zetelde vaak in dezelfde zittingzaal, zag in de zaal regelmatig een vaste gerechtsbode die de hele zitting bijwoonde en hand- en spandiensten verleende zoals dit thans nog in Belgische gerechtszalen zichtbaar is.

6. Het bleef niet alleen bij deze vertrouwde inrichtingen van de organisatie en van het proces. Waar in het klein gedacht kan worden aan de gerechtsbode die in sommige gerechten voorafgaand aan de zitting de toga voor de rechter klaarlegde, waren er ook andere wezenskenmerken van een strafkamer. Een nieuwe rechter of griffier werd aan een strafkamer gekoppeld, waarna de opleideling gedurende langere tijd een vertrouwde leeromgeving kende.

7. Halverwege de jaren negentig doemden donkere wolken op voor het honderd jaar oude instituut van de strafkamer. De rechterlijke organisatie wilde moderniseren en alras werden voor de promoties het anciënniteitsprincipe doorbroken, werden grotere teams geïntroduceerd, de strafkamers ontmanteld, leidinggevenden benoemd op grond van hun vermeende managementkwaliteiten, de financiering gestroomlijnd.

8. Het verval van de strafkamer is goed narekenbaar. De leiding van de rechtspraak ambieerde onder maatschappelijke druk meer rechtseenheid en beheersbare kosten. Omdat de voorzitters van de strafkamers zich gedroegen als kleine kerkvorsten, niet aanstuurbaar bleken, met elkaar vrijwel nooit eenheid bereikten over vakmatige inzichten over organisatie en recht, leek het voor de hand te liggen om meer managementtechnische rechters aan te trekken die de bestuurlijke doelen realiseerden.

9. In De nieuwe kleren van de rechter. Achter de schermen van de rechtspraak heb ik beschreven hoe de strafkamer uit Nederland verdween en daarvoor verantwoordelijkheid gelegd zowel bij rechter als bestuurder. We zullen in het tweede deel van dit drieluik zien dat de bestuurlijke doelen te hoog gegrepen waren.

Rinus Otte
Hoogleraar rechtspleging RUG en senior raadsheer Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Deze post is de onderdeel van een reeks bijdragen over de rechtspraak en de organisatie daarvan die tegelijk hier en op de blog IvorenToga.nl verschijnen. Reacties worden gesynchroniseerd.

{ 0 reacties… add one now }

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: