Minister voor Risicopreventie

door PWdH op 19/07/2010

in Rechtspraak, Varia

In zijn conclusie voor de zaak van een aantal verzekeraars tegen de Staat slaat de meestbesproken advocaat-generaal van dit blog weer toe. Deze verzekeraars hebben voor ongeveer EUR 60 miljoen aan Grolsch uitgekeerd wegens de schade aan de Grolschfabriek te Enschede, veroorzaakt door de vuurwerkramp, en proberen dit op de Staat te verhalen.

Dankzij hun betoog dat de Staat – met de kennis van de eerdere vuurwerkramp in Culemborg – het restrisico op ontploffingen tot nihil had moeten beperken door een algemeen verbod op vuurwerkbedrijven in bebouwde omgevingen, kan Spier alle vertrouwde thema’s als risico’s de revue laten passeren: de klimaatverandering, de zeepiegelstijging, de gevaren van de nanotechnologie, de afkalvende sociale zekerheid, wantoestanden in verpleegtehuizen. Als de verzekeraars het maatschappelijk nut van vuurwerk in twijfel trekken, volgt bovendien een ogenschijnlijk willekeurige opsomming van zaken waarvan het maatschappelijk nut voor de a-g evenmin vaststaat: ‘dure auto’s, magnetrons, (luxe) speelgoed, hoge snelheidstreinen voor korte afstanden, bubbelbaden, kolencentrales (in plaats van windmolens), allerlei versieringen en ornamenten (…) het sturen van troepen naar Afghanistan’ (sub 5.18).

Nadat Spier het betoog van de verzekeraars als een boemerang laat terugslaan (‘De pot verwijt de ketel’; ze hebben evenmin iets gedaan met de kennis dat hun verzekerde nabij een vuurwerkopslagplaats was gevestigd, terwijl ze zijn gespecialiseerd in risicomanagement en voor een samenleving zonder risico’s moeten we terug de plaggenhutten in) leidt het kopje ‘The devil or the deep blue sea’ naar de apotheose in sub 11.3:

In een samenleving waarin het pluk de dag-beginsel tot (vrijwel enige) leefregel en “levenswijsheid” is verheven, moet m.i. ook de keerzijde van deze onverstandige levenswandel worden aanvaard. Die consequentie is dat de prijs van de collectieve folie niet al te gemakkelijk later op dezelfde samenleving (rechtens de Staat) kan worden afgewenteld. Dat is trouwens niet mogelijk, maar het is evenmin zinvol en in zekere zin ook niet fair.

en in sub 12.2:

We leven helaas in een tijd waarin verantwoordelijkheidsbesef en het inzicht dat nodig is om rampen te voorkomen, in belangrijke mate is weggeëbd.(199) Onze tijd is er een waarin, volgens velen, een zorgzame overheid en verstandig opererende bedrijven geen pleonasmen meer zijn. Dat geldt ook voor de samenleving als geheel, binnen en buiten Nederland.(200) Waar het tekortkomingen van de politiek betreft, valt daarbij te bedenken dat er niet veel draagvlak lijkt te bestaan voor het ter hand nemen van grote problemen wat uiteraard een complicatie is voor een effectieve aanpak daarvan.

Het ziet er, kortom, somber uit. Toch gloort hier enig perspectief: wellicht kan Spier zijn engagement nader ontplooien als onafhankelijk minister in de combinatie van zaken- en buitenparlementair kabinet, die veel partijen in meer of mindere mate voorstaan? Risicopreventie zou een niet onaardige, ten minste twee departementen omvattende portefeuille kunnen zijn.

Na deze naar eigen zeggen ‘preliminaire beschouwingen’, die de helft van de conclusie beslaan, volgt de eigenlijke bespreking van de klachten, die weinig verrassend tot verwerping van het beroept strekt. Zo ook de Hoge Raad, die oordeelt dat het hof de kernstelling van de verzekeraars op begrijpelijke grond heeft verworpen (r.o. 4.11):

Deze overwegingen komen erop neer dat, voor zover de verzekeraars zich hebben beroepen op de rapporten die zijn uitgebracht over de vuurwerkexplosie te Culemborg, dit beroep niet opgaat omdat de situatie bij SEF niet vergelijkbaar was met die van MSV, en voor zover de verzekeraars zich ook afgezien daarvan hebben beroepen op nalatigheid van de Staat met betrekking tot de hem bekende gevaarsfactoren a-d, dit beroep evenmin opgaat, hetzij omdat de Staat die factoren niet kende en ook niet behoefde te kennen, hetzij omdat hij in het licht van de kennis die hij wél had, niet anders had hoeven te handelen dan hij in feite heeft gedaan.

Hierbij weegt de Hoge Raad mee dat het niet de Staat zelf is die de gevaarlijke situatie in het leven heeft ingeroepen en dat de door de verzekeraars aangedragen ‘gevaarsfactoren’ – zoals de mogelijk onjuiste classificatie van het vuurwerk in China en de beweerdelijke ‘dubieuze moraliteit’ in de vuurwerkbranche – niet zijn komen vast te staan in de procedure.

{ 1 reageer… read it below or add one }

1 JRA 23/07/2010 om 11:43

Hihi, privaatrechtenpolitiek.nl!

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: