Onder druk wordt alles vloeibaar: Economic doomsday!

door Ingezonden op 25/07/2011

in Buitenland

Vergeet ABN-AMRO. Vergeet Lehman Brothers. Vergeet Griekenland. Over iets meer dan een week, 2 augustus, is het namelijk economic doomsday. Tenminste, als er in de Verenigde Staten geen oplossing komt voor het verhogen van de debt-ceiling. Dit schuldenplafond is een wettelijke bepaling die een maximum stelt aan de grootte van de Amerikaanse staatsschuld (momenteel 14,3 biljoen dollar!). En tegen die grens zitten de Amerikanen als sinds mei aan te hikken. Timothy Geithner (de Amerikaanse versie van Minister De Jager) heeft nog wel wat fiscale trucs uit kunnen halen om ervoor te zorgen dat de Verenigde Staten aan zijn verplichtingen kan voldoen, maar op 2 augustus zijn die mogelijkheden uitgeput. Daarna moet extra geld geleend worden om te kunnen voldoen aan alle verplichtingen, zoals het aflossen van staatsobligaties.

Een Amerikaanse default zou volgens de meeste economen leiden tot een economische ramp van ongekende proporties, omdat instellingen wereldwijd obligaties van de Amerikaanse overheid bezitten en de waarde daarvan sterk onder druk komt te staan.

Voldoende reden dus om het schuldenplafond te verhogen en een wereldwijde catastrofe af te wenden. Maar in de Amerikaanse politiek is niets simpel, zeker niet sinds november, toen de republikeinen het Huis van Afgevaardigden heroverden. De republikeinen, de Tea Party voorop, weigeren namelijk het schuldenplafond te verhogen als niet tegelijkertijd hard gesneden wordt in de overheidsuitgaven. Dat weigert Obama. Beide partijen kijken daarbij met een schuin oog naar de presidentsverkiezingen van volgend jaar, met als gevolg dat de de onderhandelingen muurvast zitten: een spannend spelletje wie-knippert-het-eerst.

Tot hier is het voor de jurist nog niet zo interessant. Het systeem van de checks and balances lijkt te werken; om iets gedaan te krijgen moeten de partijen onderhandelen. Maar hier staan niet zomaar wat (politieke) belangen op het spel; het gaat hier om miljarden, misschien wel biljoenen dollars en dus wordt er gewerkt aan creatieve oplossingen. En dan wordt het voor de jurist ineens wel interessant.

Zo werd een aantal weken geleden lid 4 van het 14e amendement (1868) van de Grondwet ‘herontdekt’, dat leest:

The validity of the public debt of the United States, authorized by law, including debts incurred for payment of pensions and bounties for services in suppressing insurrection or rebellion, shall not be questioned. But neither the United States nor any State shall assume or pay any debt or obligation incurred in aid of insurrection or rebellion against the United States, or any claim for the loss or emancipation of any slave; but all such debts, obligations and claims shall be held illegal and void.

In de eerste zin zou gelezen kunnen worden dat het schuldenplafond ongrondwettelijk is, voor zover dat in de weg staat aan het garanderen van de Amerikaanse staatsschuld. Die schuld is namelijk ontstaan doordat het Congress in zogenaamde spending bills overheidsuitgaven heeft goedgekeurd die groter waren dan de overheidsinkomsten; de staatsschuld is dus in zekere zin ‘authorized by law’. Dat vervolgens die staatsschuld alleen betaald en afgelost kan worden door het aangaan van nieuwe schulden, is daarbij onvermijdelijk als er te weinig inkomsten zijn. Bij een botsing tussen wettelijk verplichte uitgaven en het wettelijk vastgelegde schuldenplafond moet de president volgens het 14e amendement het schuldenplafond negeren, zo stelt onder anderen professor Buchanan. Opvallend is dat tot een aantal weken geleden niet of nauwelijks getwijfeld werd aan de grondwettelijkheid van het schuldenplafond; het bestaat al sinds 1917. Het afstoffen van dit deel van het 14e Amendement lijkt dan ook vooral een truc van de democraten om de republikeinen onder druk te zetten: ‘als jullie niet meewerken, negeren we jullie!’

De republikeinen lijken vooralsnog niet onder de indruk van dit dreigement en Tim Scott (republikeinse afgevaardigde voor South-Carolina) dreigde op zijn beurt met impeachment als Obama eenzijdig het schuldenplafond zou negeren. Maar ook in academische kringen is er weerstand tegen het idee dat Obama vanwege het 14e amendement het schuldenplafond kan negeren. Zo betoogt professor Tribe:

‘The Constitution grants only Congress — not the president — the power “to borrow money on the credit of the United States.” Nothing in the 14th Amendment or in any other constitutional provision suggests that the president may usurp legislative power to prevent a violation of the Constitution.’

Een andere visie op de bevoegdheid van Obama om het schuldenplafond te negeren, komt van Posner en Vermeule, die stellen dat de bevoegdheid voortvloeit uit de ‘necessities of state, and on the president’s role as the ultimate guardian of the constitutional order, charged with taking care that the laws be faithfully executed’. Net zoals Abraham Lincoln tijdens de burgeroorlog zelfstandig de writ of habeas corpus opschortte om de republiek te redden, zo mag Obama nu het schuldenplafond negeren om een economische catastrofe te voorkomen, stellen zij.

Er zijn ook minder ver gaande ideeën om deze schuldencrisis politiek ‘behapbaar’ te maken. Zo kwam zaterdagavond het voorstel om een soort ‘super-Congress’ op te richten, bestaande uit 12 leden vanuit de Senaat en het Huis van Afgevaardigden, gelijk verdeeld over de twee politieke partijen. Deze commissie zou met een voorstel kunnen komen dat niet geamendeerd kan worden in beide kamers en zou zo de politieke druk van de Tea Party wegnemen. Dit zou een flinke wijziging zijn van het normale wetgevingsproces.

Kortom, onder druk wordt alles vloeibaar. Als die druk bestaat uit een economische ramp die miljarden kan gaan kosten, kan dat betekenen dat plots een nieuwe interpretatie van de grondwet tot stand komt. Obama heeft aangegeven vooralsnog niet de ongrondwettigheid van het schuldenplafond in te roepen, maar hij heeft die mogelijkheid ook niet uitgesloten. Misschien moet de druk eerst nog iets opgevoerd worden.

Marijn van der Sluis

{ 1 reageer… read it below or add one }

1 Martin Holterman 26/07/2011 om 00:51

Het precedent van Lincoln lijkt me, tenminste voor een jurist, niet echt relevant. (Het argument van Posner & Vermeule is ook meer politiek dan juridisch. Het zijn twee Republikeinen die voor een sterke executive branch zijn.) Lincoln kreeg immers, na zijn dood, alsnog het deksel op de neus in Ex parte Milligan: http://en.wikipedia.org/wiki/Ex_parte_milligan.

(En eerder al bij de Chief Justice zittende als District Judge in Ex parte Merryman: http://en.wikipedia.org/wiki/Ex_parte_Merryman.)

Ik ken niemand die betoogt dat Lincoln’s necessity argument juridisch relevant is. (Dat argument heeft hij zelf ook nooit gebruikt in de rechtszaal.) De stelling is simpelweg dat de President soms iets moet doen dat illegaal is, omdat het alternatief ondenkbaar is. De consequenties moet hij dan maar voor lief nemen.

Een beter voorbeeld is misschien FDR, die ondanks een expliciet wettelijk verbod toch besloot – met juridische rugdekking van Advocate-General en later Supreme Court Justice en Nürnberg-Aanklager Jackson – om in 1940 de Britten militair te helpen.

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: