Onsplitsbare energie

door GB op 23/06/2010

in Haagse vierkante kilometer, Rechtspraak, Uitgelicht

Het komt niet vaak voor dat een rechter zich in het serieuze politieke mijnenveld begeeft. Zo af en toe springt er een lagere rechter uit de rij die opeens een vreemde staat failliet verklaart, maar dergelijke fratsen worden in hoger beroep of in cassatie dan wel weer gesmoord. Als een gerechtshof echter zelf een politieke beerput opentrekt, dan zijn we op dit blog natuurlijk benieuwd naar de precieze argumentatie voor het dwarsbomen van de splitsingsoperatie bij energiebedrijven.

Bij een eerste lezing van de arresten valt alvast één pijnlijkheid op: het hele splitsingsverhaal is altijd verkocht met een quasi Europese argumentatie. Als het nu al niet verplicht was, dan zou het dat binnen afzienbare tijd worden. Maar juist het Europese recht is de stok waar het hof de Staat mee slaat. En dan niet zomaar een een obscure richtlijn over de harmonisatie van stopcontacten maar de hoekstenen van de Europese integratie: vrijheid van kapitaalverkeer en vrijheid van vestiging. Een tweede karakteristiek is de hoeveelheid jurisprudentie van het HvJEU die het hof gebruikt om zijn redenering dicht te timmeren. Ook het hof verwijst dus nadrukkelijk naar Europees recht. En daarmee zal de Hoge Raad daar ofwel een vergelijkbare hoeveelheid uitspraken uit Luxemburg tegenover moeten zetten, ofwel zelf prejudiciele vragen moeten stellen.

De meest politieke afweging van het hof is wel de vraag in hoeverre de ‘leveringszekerheid’ een beperking van de handelingsvrijheid van energiemaatschappijen rechtvaardigt. We hoeven ons door ‘Europa ‘toch geen stroomstoringen te laten opdringen. Dat hoeven we inderdaad niet, volgens het hof. Maar dat is niet aan de orde. In de eerste plaats is een volledig storingsvrij netwerk niet denkbaar. In de tweede plaats geldt het Nederlandse netwerk als een van de meest storingvrije van Europa. En in de derde plaats wijst het hof op een hele serie maatregelen die de Staat al genomen heeft om het netbeheer bij de energiemaatschappijen fors te kunnen bijsturen. Als de Staat er dan niet in slaagt om te onderbouwen waarom aanvullend ook een splitsing noodzakelijk is, dan houdt het op. Het hof verklaart voor recht dat de verplichte splitsing in strijd is met Europees recht en de daarbij behorende wetsbepalingen dus onverbindend.

Daarmee laat het hof wel een complex resultaat achter. Wat moet er nu gebeuren? De Staat is meteen in cassatie gegaan, en kan zich dus voorlopig nog verschuilen achter het lopende karakter van de kwestie. Maar ondertussen? In de politiek is enige verontwaardiging ontstaan. Kamerleden van met name VVD en PvdA en de godfather van de splitsing, Brinkhorst, accepteren de uitkomst niet. Ze voelen zich eerder aangetast in hun positie om in hoogste en laatste instantie over het algemeen belang te oordelen. In ieder geval wordt er nadrukkelijk op gewezen hoe lang en hoe zorgvuldig er niet juist over het algemeen belang is gepraat in het parlement. Ze dringen dan ook aan op ‘noodwetgeving’. Dat wordt een interessante figuur.

{ 0 reacties… add one now }

Reactie achterlaten

{ 1 trackback }

Vorige post:

Volgende post: