Opgeheven vinger en eigen boezem

door RdG op 27/03/2013

in Europa, Grondrechten, Haagse vierkante kilometer

Post image for Opgeheven vinger en eigen boezem

Op 6 maart jl. stuurde minister Timmermans, samen met zijn Deense, Duitse en Finse collega’s een brief aan Commissie-voorzitter Barroso. Daarin onderstrepen zij het belang van het beschermen van het Europese project als waardengemeenschap, juist in tijden van euroscepsis en financiële malaise. Zij schrijven:

‘As you very rightly stated in your State of the Union Address, there are limits to our institutional arrangements when it comes to ensuring compliance. Neither the procedures enshrined in the Treaties nor the EU fundamental rights charter provide for sufficiently targeted instruments.’ (zie brief)

Dat is nog zacht uitgedrukt. De Europese Commissie zit met de handen in het haar nu in Hongarije een pakket constitutionele amendementen van kracht is geworden dat op gespannen voet staat met rechtsstatelijke beginselen. Met name de rechterlijke macht moet het daar ontgelden. Zo kan de President van de Hongaarse Raad voor de Rechtspraak voortaan rechtszaken bij de ene rechter weghalen en overhevelen aan een andere rechter (hierbij verbleekt de Nederlandse affaire Chipshol) en is de rechtskracht ontnomen aan alle (!) uitspraken van het Constitutionele Hof die voor het inwerkingtreden van de nieuwe Grondwet zijn gewezen (zie eerder dit blog en de amendementen). De vier diplomaten schrijven:

‘We therefore believe that a new and more effective mechanism to safeguard fundamental values in Member States is needed. Such a mechanism should be swift and independent of political expediency. We propose that the Commission as the guardian of the Treaties should have a stronger role here. It should be allowed to address deficits in a given country at an early stage and – if sufficiently supported by Member States – require the country in question to remedy the situation. A variety of options could then be explored to foster compliance, including introducing a structured political dialogue, bringing the issue to the Council at an early stage, or concluding binding agreements between the Commission and the relevant Member State. As a last resort, the suspension of EU funding should be possible.’

Met de disclaimer:

‘We wish to stress that the objective of this mechanism would be to strengthen fundamental values while fully respecting national constitutional traditions. It would be non-discriminatory and applicable to all Member States in the same way.’

Over wenselijkheid en werking van dit mechanisme zal nog voldoende worden gediscussieerd. Ongeveer tegelijkertijd nam de Tweede Kamer de motie Van der Staaij/Slob aan, met steun van coalitiepartner VVD en het CDA (zie ECER). Daarin wordt de motie Brinkhorst (D66), Van den Broek (CDA) & Nijpels (VVD) uit 1980 herroepen. In die motie werd nog overwogen dat Nederland als lidstaat van de Europese Gemeenschappen deel is gaan uitmaken van een bredere, Europese rechtsorde en werd het standpunt ingenomen dat de bepalingen van de aan te nemen Grondwet (1983) in geval van twijfel zó dienen te worden uitgelegd, dat het Europese integratieproces daardoor niet wordt belemmerd. Het was duidelijk een andere tijd. De Tweede Kamer, anno 2013:

‘(…) overwegende dat genoemde motie feitelijk oproept tot een per definitie EU-conforme grondwetsinterpretatie;
herroept de motie (…) en spreekt uit dat de bepalingen van de Nederlandse Grondwet op gangbare wijze worden uitgelegd conform de oogmerken en overwegingen van de Nederlandse wetgever,
en gaat over tot de orde van de dag.’ (zie motie)

Het kabinet had eerder, via minister Timmermans laten weten de motie ‘overbodig en niet wenselijk’ te achten:

‘De motie-Brinkhorst onderstreept de juridische en politieke verplichtingen die Nederland op zich heeft genomen met het lidmaatschap van de Europese Unie. Het herroepen van de motie-Brinkhorst zou niets afdoen aan genoemde verplichtingen, en de motie staat een uitleg op gangbare wijze van de Nederlandse Grondwet (…) niet in de weg. Hieruit volgt dat het aannemen van de motie geen materiële gevolgen zou hebben, maar wel twijfel zou kunnen zaaien over de mate waarin Nederland zich gebonden acht aan de verplichtingen die samengaan met het EU-lidmaatschap.’ (zie brief)

Op het moment dat het kabinet in Brussel draagvlak probeert te krijgen voor een (politiek) mechanisme om lidstaten die het – constitutioneel gezien – erg bont maken te kunnen bijsturen, onderstreept de Tweede Kamer dat de uitleg van de Nederlandse Grondwet wel wat minder Europavriendelijk mag. Intussen blijven mede-ondertekenaars CDA en VVD de invoering van constitutionele toetsing traineren (zie blog). Hoe moet die vurig gewenste onafhankelijkheid, zowel van Straatsburg als van Brussel/Luxemburg, dan wél gestalte krijgen? Met een tandeloze Grondwet lijkt het voorlopig verstandig zoveel mogelijk in de Europese waardengemeenschap te investeren.

{ 9 reacties… read them below or add one }

1 Martin Holterman 27/03/2013 om 22:17

De vraag zag ik recent ergens gesteld: kan de Commissie een inbreukprocedure beginnen om iets te doen aan een overtreding van art. 2 TEU? Ik kon zo geen reden verzinnen waarom niet.

2 JWvR 28/03/2013 om 09:52

@Martin Holterman: ik ook niet. Volgens mij is het enige criterium om een inbreukprocedure te starten dat een verplichting onder het Verdrag wordt geschonden. Als men vindt – en dat vindt men – dat art. 2 VEU mede een resultaatsverplichting voor de lidstaten inhoudt om de democratie om een bepaalde manier vorm te geven, dan lijkt het formeel gezien mogelijk om in geval van schending zo’n procedure te vinden. Ondertussen ben ik echter nog geen enkel handboek of commentaar tegengekomen waarin dit standpunt wordt onderschreven. De koppeling van art. 2 VEU aan art. 7 VEU zou dan als verklaring moeten gelden.

@RDG: mooie post. Hoogst opmerkelijke gang van zaken inderdaad. Wat je er verder ook van moge vinden, heeft Timmermans natuurlijk gelijk waar hij zegt dat de motie-Brinkhorst niets toevoegt aan de al bestaande verplichting tot loyale samenwerking.

3 MD 28/03/2013 om 10:01

Ik ook zo niet. Maar het lijkt me wel verrekte lastig voor de Commissie om aan te tonen dat een lidstaat de waarden van de EU geschonden heeft. Wat is er immers multi-interpretabeler dan waarden?

4 JWvR 28/03/2013 om 13:09

Klopt. Een nadrukkelijk politieke procedure als art. 7, waarbij de Europese Raad is betrokken, lijkt meer geschikt in dit verband. Zoals ik in eerdere post suggereerde, kan de Commissie beter het pad bewandelen dat zij nu reeds bewandelt: inbreukprocedures starten nav specifieke, concretiseerbare onregelmatigheden. Dat is voor Timmermans en enkele van zijn collega’s kennelijk echter te weinig principieel.

5 Martin Holterman 28/03/2013 om 21:03

@MD: Het is natuurlijk maar de vraag wat de Commissie moet aantonen. Ius cognoscit curia. De Commissie toont een stapel misstanden aan, en dan moet het Hof maar uitzoeken of dat het niveau van een schending van art. 2 haalt.

Het feit dat er een alternatieve enforcement mechanism bestaat doet aan de juridische mogelijkheid van een inbreukprocedure niet af. In tegendeel, het versterkt het idee dat het hier om een resultaatsverplichting cq een juridisch afdwingbare verplichting gaat. (In de VS is de “republican form of government” clause bij voorbeeld niet-justiciabel omdat hij te politiek wordt geacht.)

6 Martin Holterman 28/03/2013 om 21:11
7 JWvR 29/03/2013 om 14:47

@Martin Holterman: dat de ‘Republican form of government clause’ onder de political question doctrine valt, is zelf door het Supreme Court bepaald (in Luther v Borden: http://www.law.cornell.edu/supct/html/historics/USSC_CR_0048_0001_ZS.html). De federale grondwet zegt hier niets over. Evengoed zou de Commissie of het HvJ natuurlijk kunnen oordelen dat mogelijke schendingen van art. 2 VEU, vanwege het politieke karakter van deze bepaling, niet in het kader van de inbreukprocedure kan worden beoordeeld.

8 a.zecha 30/03/2013 om 16:32

Het is m.i. zeer duidelijk – dat sinds 1940 – Nederlandse partijpolitieke bestuurders er naar streven om de drie bestaande staatsmachten (de wetgevende, de uitvoerende en de rechtsprekende machten) onder (eenvoudige) partijpolitieke meerderheden te brengen. Een eigen nationalistische variant van de vele andere – eveneens nationalistische – varianten uit de geschiedenis en actualiteit.

Daarvoor worden wisselende allianties gesloten met nationale en multinationale bedrijfs- en financiële machten op de liberale marktten. en/of wordt gebruik gemaakt van belangenverstrengelingen.
De belangen van burgers zijn m.i. structureel achterliggend terwijl partijpolitieke belangen structureel voorliggend zijn evenals verstrengelingen van partijpolitieke belangen met die van grote deelnemers aan de liberale markt.

Geplaatst in opgemeld – verzwegen/ontkende historische politieke filosofie – kunnen m.i. de vele schijnbare en werkelijke politieke bewegingen/ontwikkelingen beter van elkaar worden onderscheiden.
Liberaal vertaald: “politiek is oorlog” (Carl Schmidt) en “het doel heiligt de middelen” (Machiavelli).
a.zecha

9 a.zecha 30/03/2013 om 16:45

een noodzakelijke correctie van de eerste regel:
Het is m.i. zeer duidelijk – dat sinds 1940 – Nederlandse partijpolitieke bestuurders en de Staten Generaal er naar streven om de drie bestaande staatsmachten (de wetgevende, de uitvoerende en de rechtsprekende machten) onder (eenvoudige) partijpolitieke meerderheden te brengen.

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: