Raad voor de rechtspraak veegt vloer aan met wetsvoorstel

door GB op 20/02/2009

in Haagse vierkante kilometer, strafrecht

Vandaag in het nieuws: de Raad voor de Rechtspraak (niet te verwarren met de Raad voor de Rechtshandhaving) brandmerkt Hirsch Ballin. Hirsch Ballin heeft zich laten opjutten door een TV-programma en gaat met zijn wetsvoorstel ‘over een staatsrechtelijke grens’. Wat is er aan de hand?

Inhoudelijk gaat het om een wetsvoorstel waarmee Hirsch Ballin wil voorkomen dat er bij ernstige delicten een ‘kale taakstraf’ wordt opgelegd. Krachtens artikel 95 van de Wet op de rechterlijke organisatie, mag de Raad van de Rechtspraak daar wat over zeggen. En dat hebben ze gedaan. De grootste sneer die ze Hirsch Ballin geven is dat er geen feitelijke basis bestaat voor de aanleiding. Er wordt niet of nauwelijks een kale taakstraf opgelegd in zware gevallen.

Vervolgens betreurt de Raad het dat er geknabbeld wordt aan de vrijheid van de strafrechter om bij de straftoemeting maatwerk toe te kunnen passen. ‘Het categorisch uitsluiten van (bepaalde) zeden- en geweldsdelicten van de taakstraf is een inbreuk op vorenomschreven proces. Die inbreuk kan in voorkomende gevallen leiden tot rechterlijke oordelen die niet proportioneel en rechtvaardig zijn en ook zo worden ervaren door de veroordeeldeen de maatschappij.’ Geen rare opmerking, want de achtergrond van het wetsvoorstel is inderdaad dat men vindt dat de rechter iets verkeerd doet. Maar dat is nog niet het staatsrechtelijke vuurwerk wat vanmorgen in de krant beloofd werd.

Die registers worden open getrokken bij een ander aspect van het wetsvoorstel: bij AMvB zullen groepen delicten worden aangewezen waarvoor geen taakstraf meer kan worden opgelegd. De raad redeneert: ‘In de gekozen constructie, de inperking van rechterlijke bevoegdheden via een AMvB, ligt het risico besloten dat de straftoemeting en de staatsrechtelijke verhoudingen tussen de wetgevende, uitvoerende en rechtsprekende macht direct onderwerp van de politieke actualiteit worden. Immers,via een AMvB kan de reikwijdte van de bevoegdheden van de rechterlijke macht eenvoudig ingeperkt worden.’ Zonder ‘brede en weloverwogen discussie’ kan de Kroon op een achternamiddag de speelruimte van de rechter beperken, terwijl dit soort inperkingen het exclusieve domein van ‘de wetgever’ zouden moeten zijn.

Wat hiervan te denken? Rechters verlagen op een achternamiddag de kantonrechtersformule. En om in één advies op te roepen tot vertrouwen in de rechter (geef ons de ruimte!), en tegelijk het bestuur en het parlement in zijn controlerende rol wantrouwen leidt ook tot vraagtekens. Bestaat er zoiets als een grondrecht op een taakstraf dat hier wordt ingeperkt? Ik kan me niet aan de indruk ontrekken dat als bij AMvB een bepaalde uitbreiding van de rechterlijke bevoegdheid zou plaatsvinden er een stuk minder problemen zouden zijn ontstaan. Aan de andere kant: ‘de wet bepaalt de op te leggen straffen’ (analoog aan artikel 89 Grondwet). Je zou het zo kunnen opvatten dat het uitsluiten van de mogelijkheid van de taakstraf de facto een verzwaring van de straf is en dat dat dus alleen bij forme wet mag geschieden.

Maar stel dat het allemaal toch doorgaat. Welke mogelijkheden heeft de rechter dan om er toch onderuit te komen? Mogelijk een herhaling van het Fluorideringsarrest? Of wordt de delegatiebepaling zelf buiten toepassing gelaten wegens strijd met artikel 6 EVRM?

{ 0 reacties… add one now }

Reactie achterlaten

{ 1 trackback }

Vorige post:

Volgende post: