Re: Column Jit Peters ‘Het gezicht van kabinet’

door GB op 30/10/2009

in Haagse vierkante kilometer

Post image for Re: Column Jit Peters ‘Het gezicht van kabinet’

Rehwinkel voegde vanmorgen drie nieuwe autoriteiten toe aan het debat over de vraag of het vertrek van Balkenende naar Brussel tot staatsrechtelijke complicaties leidt. Het kamerlid Mackay, Van Raalte en Koekkoek. ‘Zonder twijfel’, aldus Rehwinkel, hadden zij nieuwe verkiezingen geadviseerd. De deur van het echte staatsrecht blijft stevig gesloten. ‘Dit is geen kwestie van staatsrecht maar van politieke keuze.’

Daarmee sluit hij zich aan bij Peters die eenzelfde standpunt huldigt. Toch leidt een gladjes dichtgestreken premierwissel wel degelijk tot harde staatsrechtelijke complicaties. Peters stuit daarop als hij schrijft dat uiteindelijk het moment komt waarop ‘de nieuwe minister-president ook de totstandkoming van zijn (nieuwe) kabinet moet verdedigen in de Tweede Kamer.’ Maar waarom is het zijn kabinet en waarom moet hij het verdedigen? Zoals Peters schrijft tekent de nieuwe minister-president voor zijn eigen benoeming. Deze praktijk ‘heeft als voordeel,’ schrijft Kortmann in zijn Grondwetsherzieningen bij artikel 48 Grondwet, ‘dat vaststaat dat er altijd een minister is, in casu de minister-president, die deel uitmaakt van het nieuwe kabinet en die de verantwoordelijkheid draagt voor de benoeming van alle leden van dat kabinet.’ Sterker nog: heel artikel 48 is ingevoerd om deze verantwoordelijkheid van de optredende minister-president voor de samenstelling van zijn kabinet te benadrukken. Het simpelweg van plaats verwisselen in de Trêvezaal is dan ook onacceptabel. Een volwassen parlement zou een dergelijke uitholling van de artikel 48 Grondwet niet moeten pikken.

Om de nieuw optredende minister-president in staat te stellen daadwerkelijk op basis van een door hem gezette handtekening (evt. onder een besluit het gevraagde ontslag niet te verlenen) verantwoording af te leggen in de kamer, zal een kleine formatieprocedure de meest aangewezen weg zijn. Die begint met het aanbieden van het ontslag, oftewel de val, het einde van Balkenende IV. Het laatste wat Balkenende te doen staat is op het paleis langsgaan en hare majesteit uitleggen dat vier jaar wederom te hoog gegrepen was. De dan volgende formatieprocedure hoeft niet per se een formaliteit te zijn, omdat dat juist het moment is waarop Hamer überhaupt kan pleiten voor Bos als de nieuwe minister-president. Bovendien was het hooghouden van een procedure waarbij het volledige parlement (althans de fractievoorzitters van alle partijen) aan het woord komt nou juist de inzet van Peters toen de coalitie in het torentje een ‘crisiscoalitieakkoord’ in elkaar timmerde. Waarom dan nu neerleggen bij de achterkamertjes?

Het vertrek van Balkenende leidt dus tot de val van zijn kabinet. De val van een kabinet leidt echter staatsrechtelijk niet automatisch tot vervroegde verkiezingen, al is er wel een goede ‘staatkundige praktijk’ aan te wijzen die daarop wijst. Ik zou zeggen: een echt volwassen democratie kan die hebben, ook in crisistijd. Juist in crisistijd.

{ 4 reacties… read them below or add one }

1 Wil Geertens 30/10/2009 om 22:25

Best een goede analyse met op zichzelf een reële schets van wat er zou kunnen gebeuren. Maar waar zijn die 'harde staatsrechtelijke complicaties' nou? Het lijkt me nogal overdreven om van de 'val' van het kabinet te spreken. Er is toch geen sprake van een interne twist, of van een ernstig conflict met de Kamer? Het gaat om de unieke situatie dat een premier er tussentijds mee kapt, zoals mevrouw Peters ook uitgelegd heeft.

Als een kleine formatieprocedure 'de aangewezen weg' is, die procedure 'niet per se een formaliteit' hoeft te zijn, de meerderheid in de Kamer het prima vindt om het in de achterkamertjes te regelen (en dat van de Grondwet mag) en het debat over de regeringsverklaring een toneelstukje wordt, waar is dan het harde staatsrecht?

2 GB 30/10/2009 om 22:50

De 'harde staatsrechtelijke complicatie' is dat de nieuwe minister-president, anders dan wat de Grondwetgever met artikel 48 voor ogen stond, niet blijkens zijn handtekening naar het parlement verantwoordelijkheid neemt voor de samenstelling van het gehele kabinet.

Hard en complicerend genoeg? 😉

3 GB 31/10/2009 om 08:51

De soundbite: De grondwet garandeert het parlement een minister-president die duidelijk aanspreekbaar is op de benoeming van de overige leden van het kabinet. Het is niet aan de CDA-partijtop om dit recht uit te hollen.

4 LD 31/10/2009 om 10:19

Zo te zien heb je daar de hele nacht over nagedacht! 😉

Ik merk nog op dat in de quote van Kortmann, die jij met instemming citeert, sprake is van een nieuw kabinet. Als Balkenende vertrekt en een ander premier wordt, is eigenlijk geen sprake van een nieuw kabinet. Het zijn de 'same old faces', voor wier installatie al eens een premier is aangesproken door het parlement. En uiteraard kan dat parlement de nieuwe premier aanspreken wanneer het wil. Niet voor de benoeming van de overige leden van het kabinet, maar wel voor hun blijven zitten. Daarvoor behoudt iedere premier de eindverantwoordelijkheid, want het is zijn handtekening die, samen met die van de onverantwoordelijke Koning, een einde kan maken aan de loopbaan van een minister of staatssecretaris.

Ook als de overige leden van het kabinet bijzonder hechten aan de handtekening van de nieuwe premier, is geen formatieprocedure nodig (dat geef je zelf al aan). De bewindspersonen kunnen eenvoudig ontslag aanbieden, waarna het besluit tot het niet-verlenen van dat ontslag door de nieuwe premier ondertekend wordt. Als de uitkomst toch al in de achterkamertjes beklonken is, laten we dan alstublieft het geld dat anders wordt besteed aan een auto, een staf en een werkkamer voor een informateur voor een nuttiger doel inzetten.

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: