Sinterklaascadeautjes voor onder de kerstboom

door LD op 24/12/2009

in Haagse vierkante kilometer

Sinterklaas was vroeg dit jaar. Reeds eind oktober zond Minister van Justitie Ernst Hirsch Ballin het rijksbreed wetgevingsprogramma 2009-2010 naar de beide Kamers. Wie het document doorneemt, treft een lange lijst wetgevingsinitiatieven aan waarvan het kabinet het wenselijk acht dat zij worden afgehandeld in het nieuwe jaar. Ook voor de in het staatsrecht en het bestuursrecht geïnteresseerde burger is de minister gul. Zo lezen we dat het kabinet werk wil maken van het wettelijk vastleggen van een recht op bronbescherming voor journalisten. Verder moet er door wijziging van enige onderwijswetten een verbod komen op het dragen van gelaatsbedekkende kleding in het onderwijs, waarbij onduidelijk is of de frase ‘in het onderwijs’ alleen op de leerkrachten slaat, of ook op eventuele in burqa of niqab gehulde leerlingen.

Zeker niet onbelangrijk is dat het kabinet voornemens is de indiening van een wetsvoorstel tot wijziging van de Tabakswet te bevorderen, opdat in de horeca een echt rookverbod kan worden ingevoerd. De term ‘echt rookverbod’ – het staat er letterlijk – is wat onduidelijk, maar wellicht wordt gedoeld op een rookverbod in het belang van de gezondheid van de cafébezoeker en niet, zoals bij het meermalen afgeschoten huidige rookverbod, om een verbod in het belang van het doorgaans kettingrokende horecapersoneel. Het kabinet wil overigens wel ruimte bieden aan geloofwaardige afzuigsystemen, dus ook voor Café De Kachel is er nog een klein beetje hoop.

Bestuursrechtjuristen likken wellicht hun vingers af (af slijpen juist hun messen) bij het voornemen dat het wetsvoorstel aanpassing bestuursprocesrecht zal worden ingediend. Dit wetsvoorstel moet een versnelling en vereenvoudiging van procedures bewerkstelligen. De rechter krijgt onder meer de bevoegdheid vaker formele gebreken te passeren indien daardoor geen rechten van belanghebbenden worden geschaad. Volgens het rijksbreed wetgevingsprogramma zou het wetsvoorstel in oktober 2009 moeten zijn ingediend, maar tot nu toe heb ik alleen nog maar een oud voorontwerp kunnen vinden. Versnelling van procedures staat ook centraal in het voorstel voor een Crisis- en herstelwet, waaraan op deze blog ook al enkele bijdragen zijn gewijd. Met een aantal maatregelen die tot 1 januari 2014 zullen gelden moeten projecten op het gebied van duurzaamheid, bereikbaarheid en bouw sneller worden gerealiseerd. Het vervelende is echter dat de Eerste Kamer voorlopig niet aan de voorgestelde versnelling mee wenst te werken: de dames en heren senatoren hebben meer tijd nodig om de inderdaad niet kinderachtige maatregelen te bestuderen. Afgelopen dinsdag vond pas het voorbereidend onderzoek plaats, hetgeen betekent dat de wet niet meer op de door de regering gewenste datum van 1 januari 2010 in werking kan treden. Het vervelende is dat het huidige wetsvoorstel nog wel bepaalt dat de wet op die datum in werking treedt, dus een novelle is reeds ingediend.

We vervolgen onze tocht door het wetgevingsprogramma en komen bij het wetsvoorstel prejudiciële procedure, dat regels zal geven voor het vragen van een oordeel van de Hoge Raad over een rechtsvraag die van belang is voor de beslechting van een groot aantal gelijksoortige geschillen, bijvoorbeeld in financiële consumentenzaken (DSB, anyone?). Helaas ontbreekt nadere informatie over wanneer we dit toch tamelijk baanbrekende voorstel kunnen verwachten. Ook van groot belang is het aangekondigde wetsvoorstel tot regeling van de rechtsbijstand door een advocaat bij het politieverhoor. Dit wetsvoorstel vloeit voort uit jurisprudentie van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Wanneer het voorstel wordt ingediend, wordt helaas niet vermeld. Wel reeds aanhangig is een voorstel voor een evaluatiewet modernisering rechterlijke organisatie. Tot de wijzigingen die deze wet moet bewerkstelligen behoren onder meer de verhoging van de competentiegrens van de kantonrechter en het gemakkelijker maken van de overdracht van zaken aan een andere rechtbank.

Twee wetsvoorstellen hangen direct samen met de wijze waarop onze parlementaire democratie is georganiseerd. Allereerst is dat het voorstel voor een Wet financiering politieke partijen. Zo’n wet kent Nederland op dit moment nog niet. Er is wel een Wet subsidiëring politieke partijen, maar die wet regelt – zoals de naam al aangeeft – vrijwel uitsluitend de subsidieverstrekking aan politieke partijen door de overheid. Er staat weliswaar een artikeltje over giften aan politieke partijen in, maar dat is zo lek als een mandje en in een wet over alleen partijsubsidiëring net zo op z’n plaats als een kraker op een VVD-partijcongres. De nieuwe Wet financiering politieke partijen moet verdergaande regels geven over de openbaarheid van giften aan politieke partijen en bovendien dergelijke giften maximeren. Ook komen er bepalingen over toezicht op de naleving van de regels in te staan. Tijdens de behandeling van de begroting van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties gaf minister Ter Horst nog wat meer details: de eis van 1.000 leden om voor subsidie in aanmerking te komen, komt te vervallen. Tegelijkertijd wordt de hoogte van de subsidie voor een groter deel op het ledental van een partij gebaseerd. Verder gaan de regels over giften óók gelden voor aan partijen gelieerde instellingen en organisaties, zodat U-bochtconstructies worden afgesneden. De bestuurlijke boete wordt ingezet tegen wetsovertreders. Indiening van het wetsvoorstel – dat overigens long overdue is – staat gepland voor ‘begin 2010’.

Het andere wetsvoorstel betreft de wijze waarop de Eerste Kamerverkiezingen plaatsvinden. De voorkeurdrempel bij deze verkiezingen wordt verhoogd naar 100% van de kiesdeler, de verkiezingen vinden in alle provincies op hetzelfde tijdstip plaats en het aangaan van lijstencombinaties wordt bemoeilijkt. De Eerste Kamer had door middel van drie met algemene stemmen aangenomen moties zelf om deze wijzigingen gevraagd, daarmee volgens sommige auteurs gebruik makend van een haar niet toekomend recht van initiatief. Wie de behandeling van het voorstel een beetje volgt, ontdekt nog wel meer eigenaardigheden. Het voorstel is aanhangig bij de Tweede Kamer, maar de eerste inhoudelijke behandeling ervan lijkt toch echt in de Eerste Kamer te hebben plaatsgevonden. Op 1 december 2009 had de vaste commissie voor Binnenlandse Zaken van de Senaat namelijk een mondeling overleg met de staatssecretaris over het onderdeel lijstverbindingen. De senatoren willen het anders geregeld zien. De staatssecretaris zal waarschijnlijk wel volgen.

Zijn er in het rijksbreed wetgevingsprogramma ook nog grote constitutionele hervormingen te vinden? Het dichtst in de buurt komt de afronding van de grote wetgevingsoperatie tot herziening van de staatkundige verhouding met de Antillen. Enige tientallen wetsvoorstellen zijn reeds in 2009 ingediend om te bewerkstelligen dat Curaçao en Sint Maarten nieuwe landen in het koninkrijk kunnen worden, Saba, Sint Eustatius en Bonaire worden omgevormd tot bijzondere gemeenten en zaken als deugdelijk bestuur, rechtspleging en rechtshandhaving en onderwijs gewaarborgd zijn. Het kabinet gaat er in het wetgevingsprogramma nog vanuit dat afronding van de operatie in maart 2010 mogelijk is. Dat lijkt rijkelijk optimistisch. Niet alleen heeft de Tweede Kamer de behandeling van de voorstellen niet kunnen afronden vóór het kerstreces, ook geldt dat met betrekking tot diverse voorstellen de nodige juridische haken en ogen te constateren zijn. Inmiddels heeft ook de hooggeleerde Elzinga uit Groningen zich in de discussie gemengd. Hij spreekt van ‘gerommel met de Grondwet’.

En nu het beestje toch genoemd is, ten slotte de vraag wat de regering met de Grondwet gaat doen. Natuurlijk, er zit nog altijd een staatscommissie op dat dossier, maar het kabinet kan ook los van deze commissie initiatieven ontplooien. In het rijksbreed wetgevingsprogramma vinden we één zo’n initiatief. Waar gaat het precies om? Onvoorwaardelijke steun voor het voorstel-Halsema tot invoering van rechterlijke toetsing aan de Grondwet? Neen, daar is het kabinet (lees: het CDA minus minister Hirsch Ballin) nog steeds tegen. Wijziging van de herzieningsprocedure dan? Oh nee, die moet gewoon hetzelfde blijven, zo blijkt ook uit een notitie die onlangs verscheen. Modernisering van onze grondrechten dan, die in deze tijd van internet en mobiele telefonie nog reppen over bescherming van drukpers en telegraaf? Driewerf neen. Het kabinet zal de indiening bevorderen van een wetsvoorstel om in de Grondwet te verankeren dat de Nederlandse taal de officiële taal van Nederland is. Ongetwijfeld zal deze mededeling in huize Schinkelshoek tot een zalig Kerstfeest leiden.

{ 0 reacties… add one now }

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: