Staatsrecht Senator Stemwijzer: VVD

door Redactie op 26/02/2011

in Haagse vierkante kilometer

Post image for Staatsrecht Senator Stemwijzer: VVD

Huidig constitutioneel geweten zal senator Anne-Wil Duthler moeten zijn. Ze zal het ook wel blijven, want de VVD-fractie blijft nagenoeg hetzelfde. Ondanks enige in het verleden opgelopen imagoschade heeft ze er in ieder geval zin in. Anne-Wil Duthler is juriste en bij CDA-senator Franken gepromoveerd op iets met een Trusted Third Party, zeg maar een gedoogpartner. Veel institutioneel staatsrecht valt er in haar wetenschappelijke carrière niet te ontwaren. Alleen bij heel goed zoeken blijkt haar site trots te vermelden: VVD, Masterclass, Inleiding staatsrecht en democratie, Utrecht 27 november 2007.

Het grote constitutionele optreden van senator Duthler in de afgelopen periode was het debat over het wetsvoorstel Halsema. Daar bleek zij een fel tegenstander van het idee dat een rechter een wet buiten toepassing zou mogen laten wegens een subjectief recht uit de Grondwet. Waar de eerder bewierookte Alfons Dölle (CDA) de grote tegenargumenten verwoordde, leek Duthler zich vooral permanent aangevallen te voelen. Centraal in haar verhaal stond, in wisselende formuleringen, telkens dit argument:

Ik sta bij deze interruptiemicrofoon omdat ik vind dat de indruk nu te veel wordt gewekt dat in deze Kamer nooit of te weinig gekeken wordt naar de Grondwet. Ik noem twee voorbeelden van wetgeving uit het zeer recente verleden, waarbij wij wel degelijk hebben gekeken naar grondrechten. Het eerste voorbeeld is de Wet tijdelijk huisverbod. Daar zat geen rechterlijke toets in. Het ging om vrijheidsbeneming door de burgemeester. Via een motie van de heer Dölle is die rechterlijke toets erin gekomen. Het tweede voorbeeld is de wet die een versoepeling van de voorwaarden voor adoptie voor paren van gelijk geslacht beoogde. Die is in deze Kamer is heel nadrukkelijk getoetst aan het gelijkheidsbeginsel. Ik wil heel graag de indruk wegnemen dat wij niet of onvoldoende naar de Grondwet kijken.

Hoewel het Halsema daar helemaal niet om ging (ze bedoelde haar rechterlijke toetsing achteraf, concreet en aanvullend) en de casus over het wettelijk huisverbod helemaal niet ging over toetsing aan de Grondwet, is het wel eens aardig om te kijken of Duthler eigenlijk wel waar gemaakt heeft wat ze tijdens dat debat beloofd heeft, namelijk het versterken van grondwetstoets door de Eerste Kamer. ‘Begin volgend jaar al praten wij met de minister van Justitie over het onderwerp wetgevingskwaliteit,’ zei senator Duthler eind 2008. Dat debat vond begin februari 2009 plaats maar daar had Duthler niets te melden over constitutionele toetsing door de Eerste Kamer. De Grondwet kwam in haar bijdrage niet eens voor.

Publiekrecht en politiek vindt mevrouw Duthler wat aan de lichte kant en pleit er dan ook voor dat zij een staatsrechtelijke partner naast zich krijgt. Maar de spoeling is als gezegd vrij dun, dit ondanks het imposante aantal (oud-)burgemeesters op de lijst. Als we dan toch moeten kiezen, adviseren we op Menno Knip te stemmen. Knip is de Benjamin van de huidige Senaat. Op 26 oktober 2010 volgde hij de naar bruinere weiden vertrokken Uri Rosenthal op. Knip is van huis uit meer een bestuursrechtdeskundige. Zijn drs.-titel verraadt hem hier. Maar deze heeft hem niet belet burgemeester van maar liefst drie gemeenten te worden. Volgens zijn biografie op Wikipedia was hij de eerste burgemeester die gebruik maakte van de wettelijke mogelijkheid om preventief groepen hooligans op te pakken. Bij een kabinet dat ontbijt, luncht en dineert met veiligheid is dat zeker een pré, maar ook een reden om Knip kritisch te volgen. Voorlopig valt er nog weinig te volgen, want een maiden speech heeft de jongste senator nog niet mogen houden. Daarom: laat Knip het karwei afmaken!

{ 1 reageer… read it below or add one }

1 Jan-Peter Loof 03/03/2011 om 14:31

Jammer dat Wikipedia niet meldt dat het besluit van burgemeester Knip tot bestuurlijke ophouding van de PSV-supporters door de rechter vernietigd werd omdat er juridische werkelijk vrijwel niets van deugde. Zie LJN AV0612: “Naar het oordeel van de rechtbank is verweerder in het onderhavige geval zijn bevoegdheden te buiten gegaan, is zijn optreden op een groot aantal punten onrechtmatig en levert dit een duidelijke schending op van de grondrechten van eisers.” En de ABRS in hoger beroep (LJN: AY5898): “Nog daargelaten dat de noodverordening in strijd met artikel 176a, tweede lid, aanhef en onder a, van de Gemeentewet niet de door bestuurlijke ophouding te handhaven onderdelen vermeldt – welke eis vanuit een oogpunt van rechtszekerheid onverminderd geldt indien de burgemeester zelf de noodverordening vaststelt – en dat artikel 154a, vijfde lid, van de Gemeentewet niet in acht is genomen – aan welk essentieel voorschrift, gezien ook de parlementaire geschiedenis, te allen tijde voorafgaand aan de toepassing van bestuurlijke ophouding dient te worden voldaan – betekent de hiervoor geconstateerde gebrekkige bekendmaking van de noodverordening dat het daarop gebaseerde besluit tot bestuurlijke ophouding wettelijke grondslag ontbeert. Dit besluit dient reeds daarom wegens strijd met de wet te worden vernietigd.”
Van Knip moeten we misschien dus ook niet al te veel staatsrechtelijk heil verwachten.

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: