Stop het liegen

door IvorenToga op 09/05/2014

in Rechtspraak, strafrecht

Post image for Stop het liegen

Aan het begin van elke strafzitting deelt de rechter na het controleren van de personalia aan de voor hem zittende (terechtstaan komt bijna niet meer voor…) verdachte steevast mee dat hij verder op vragen geen antwoorden hoeft te geven. Dat is een uitvloeisel van het fundamentele recht van iedere verdachte onschuldig te worden geacht, zolang het tegendeel niet is bewezen. En dat houdt tevens in dat hij niet aan zijn eigen veroordeling hoeft mee te werken.
Zo is hij ook niet verplicht te voldoen aan verzoeken van politie of justitie voorwerpen (documenten, wapens, geld etc.) te overhandigen. Dit laatste wordt ondervangen, doordat de politie na verkregen toestemming doorzoekingen kan houden en het gevonden materiaal in beslag kan nemen. Maar dan moet zij het wel vinden. Een verdachte kan dus evenmin worden gedwongen de vindplaats van een gezocht document of voorwerp te onthullen. (En, in deze tijd, bijvoorbeeld ook niet de sleutel tot gecodeerde computergegevens prijs te geven.) Laat de politie maar goed zoeken!

Een equivalent van doorzoeking en inbeslagneming kennen wij in onze strafrechtpleging niet meer, als het om het afleggen van een verklaring of het beantwoorden van vragen gaat. Vroeger hadden we daarvoor de pijnbank en andere martelwerktuigen. Zo gek was dat niet, want in bijvoorbeeld de 16e eeuw kon een verdachte in Amsterdam alleen worden veroordeeld, als hij bekende. Het is dan ook niet verwonderlijk dat een boekwerk met verklaringen van verdachten dat enkele eeuwen geleden in Amsterdam werd bijgehouden, het “Confessieboek” werd genoemd. De pijnbank is echter overboord gezet en verdachten kunnen dus niet meer worden gedwongen “de waarheid” te vertellen.
Het effect van de afschaffing van martelwerktuigen is dat verdachten er op een terechtzitting lustig op los kunnen liegen. Helemaal waar is dat niet, want een leugenachtige verklaring kan als bewijs tegen je worden gebruikt. Het leugenachtige moet dan echter wel aan de hand van ander materiaal (of verklaringen van getuigen) worden vastgesteld.

In een systeem van strafrechtpleging waarin het zoeken naar de waarheid voorop staat, is het eigenlijk vreemd dat een van de betrokkenen die waarheid in principe ongestraft geweld kan aandoen. Van politie, officier van justitie, getuigen en deskundigen wordt onder bedreiging van zware sancties verlangd dat zij de waarheid spreken, maar de hoofdpersoon in het proces hoeft dat niet. Liegen is volgens de wet alleen verboden, als het onder ede gebeurt.
Los van deze tegenstrijdigheid besteden rechters en officieren van justitie vaak een hoop tijd aan het luisteren naar liegende verdachten en het – indien mogelijk – weerleggen van de leugens, vooral ook omdat niet alles gelogen is. En advocaten moeten zich in allerlei kronkelige bochten wringen om voor onware verklaringen van hun cliënten steun in het dossier te vinden. Ze adviseren hun daarom steeds vaker zich op hun zwijgrecht te beroepen.

Waarom stoppen wij niet met deze charade? Waarom bepalen wij niet dat verdachten alleen onder ede een verklaring mogen afleggen? Dan dwing je hen zich van hun positie en hun uitlatingen goed rekenschap te geven en bevrijd je de overige procesdeelnemers van het moeten luisteren naar oeverloos gezwets. En lang niet elke verdachte is doorgewinterd en gis genoeg om steeds oncontroleerbaar de onwaarheid te vertellen. Dus je bent toch aan het puzzelen wat nu wel en niet waar is.

Komen we in strijd met het onschuldvermoeden, als verdachten alleen nog maar onder ede mogen verklaren? Helemaal niet. We zouden ook niets unieks doen. In de Verenigde Staten is het volstrekt normaal dat een verdachte op de terechtzitting alleen een beëdigde verklaring kan afleggen. Ik leg Amerikanen wel uit dat onze praktijk de ultieme consequentie van het onschuldvermoeden vormt, maar the presumption of innocence geldt daar even sterk. Uiteindelijk blijft een verdachte volledig vrij zich op zijn zwijgrecht te beroepen en dus geen vragen te beantwoorden.
Wat doen we met verklaringen die verdachten bij de politie hebben afgelegd? De politie kan immers niet onder ede verhoren afnemen. De politieverklaringen kunnen mede als toetssteen voor het waarheidsgehalte van de verklaring op zitting worden gebruikt, zoals dat nu eveneens gebeurt. Verschil is dat de verdachte zich op de zitting moet realiseren dat wat hij daar zegt, de waarheid moet zijn.

Zullen verdachten zich vaker op hun zwijgrecht gaan beroepen? Ongetwijfeld. Die tendens is al zichtbaar. Zeker nu de Salduz-jurisprudentie tot een versterking van het consultatierecht heeft geleid, houden verdachten steeds vaker op advies van hun raadslieden hun kruit droog en geven zij op vragen van de politie geen antwoord. Op de terechtzitting komen zeker de meer in het vak doorknede verdachten dan met verklaringen die volledig op het dossier zijn afgestemd. In zaken waarin zij samen met anderen terechtstaan, zorgen zij ervoor dat maatjes hen daarbij steunen.
Kortom, zonder enige twijfel zullen wij op terechtzittingen vaker zwijgende verdachten aantreffen, als zij alleen onder ede kunnen verklaren. Maar wij zijn van een hoop geklets af zonder dat daarmee de waarheid geweld hoeft te worden aangedaan.

Willem F. Korthals Altes
Senior rechter rechtbank Amsterdam

Deze bijdrage verscheen eerder op Ivoren Toga

{ 0 reacties… add one now }

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: