Sub iudice

door GB op 02/03/2009

in Uncategorized

Hoewel het is overgewaaid uit de Engelse traditie (‘we do not have such a thing as the separation of powers’) geldt het sub-iudice ‘beginsel’ toch sinds enige tijd bij ons als de lakmoesproef voor constitutionele fijnproevers: hoe zuiver ben jij nu eigenlijk? In de Tweede Kamer wil het nog wel eens zo werken. En soms flakkert die vraag ook elders op.

Maar er bestaat ook een omgekeerd verschijnsel, namelijk de rechter die na afloop van een concrete procedure lekker meediscussieert over de uitspraak. Dat is dus iets anders dan dat de voorzitter van de Afdeling zich in het NJB reageert op de algemene discussie n.a.v. Salah Seek of dat Schuyt in het NRC de resultaten van het onderzoek van Groenendijk betwist. Groenendijk had de mening van rechtbankrechters in vreemdelingenzaken over de Afdeling gepeild. Of leden van de Hoge Raad die in het Maandmagazine van de NRC algemene opmerkingen plaatsen.

Hier worden bedoeld de gevallen waarin de rechter een nabrander heeft over een concrete zaak. Dat is het geval wanneer het Gerechtshof Den Haag een ingezonden brief stuurt om hun handelwijze rondom Lucia de B. nog eens toe te lichten. En het geval waarin de Afdeling er nog even een telefoontje tegenaan gooit om uit te leggen dat de spitsstrook toch echt wel open mag. In de laatste NJB was het weer raak: Konijnenbelt reageerde daar op de kritiek die de Raad van State over zich heen kreeg toen zij de procespositie van milieuorganisaties afknepen.

Wat vinden de pleitbezorgers van het sub-iudice beginsel daar dan eigenlijk van?

{ 0 reacties… add one now }

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: