The Federalist Papers no. 14: Objections to the Proposed Constitution From Extent of Territory Answered

door GB op 02/11/2009

in Varia

In deze paper hinkt Hamilton op twee gedachten. Enerzijds wil hij uitleggen dat de bezwaren tegen de omvang van de Unie afstuiten op het vernieuwende idee van de representatieve democratie. Anderzijds probeert hij koudwatervrees voor vernieuwende ideeën tegen te gaan. Hamilton lost het uiteindelijk op met een inspirerend verhaal waarbij alle yes-we-can-registers open getrokken worden die Obama het Witte Huis bezorgd hebben.

Wat was het probleem. ‘The People of the State of New York’ verstonden, in navolging van Aristoteles’ indeling van staatsvormen, onder ‘democratie’ een staatsvorm waarin de macht bij het volk (althans, ‘velen’) ligt, die deze macht ook direct uitoefent. Zo’n staatsvorm werkt niet meer als een staat te groot wordt, simpelweg omdat het niet mogelijk is om vaak met veel van ver bij elkaar te komen. Dat was dan ook een belangrijk bezwaar tegen de voorgestelde Grondwet: het ging niet werken in een grote unie.

Maar de Founding Fathers hadden het over iets anders. Zij stelden inderdaad een zuivere staatsvorm voor waarbij alleen het volk de macht toekwam, een ‘popular government’. Het was dus geen ‘gemengde constitutie’ zoals Polybius die roemde en die destijds in Europa veel gebruikt werd. In een ‘gemengde constitutie’ is volksinvloed één van de elementen waaruit een staatsinrichting is opgebouwd, naast soms een monarchistisch en een aristocratisch element. De staatsinrichting van onze Republiek bijvoorbeeld, werd door Hugo de Groot gepresenteerd als een gemengde constitutie bestaande uit een aristocratisch element (de Staten) en een monarchaal element (de Stadhouder). Dat was overigens in 1610 (Over de oudheid van de Bataafse republiek). Maar Thorbecke doet in 1869 (Narede) niet veel anders.

In de door de Founding Fathers voorgestelde democratie zou de macht echter niet rechtstreeks door het volk worden uitgeoefend. Dat zou indirect gebeuren, via volksvertegenwoordigers. Daarmee bestaat het probleem van de omvang van de staat ook niet meer. Althans, de territoriale grenzen van een representatieve democratie zijn pas bereikt wanneer een volksvertegenwoordiger niet meer fatsoenlijk met zijn kiezers kan spreken. Dat is allemaal al eerder in paper 10 aan de orde geweest.

Het probleem van paper 14 is dus dat er wel een ‘regering door het volk’ wordt voorgesteld, maar dan zonder dat deel van de definitie van Aristoteles dat het volk deze regering ook direct ter hand neemt. Hamilton verweert zich dan ook vooral tegen bezwaren die eigenlijk gericht zijn tegen het klassieke idee van de democratie, en niet tegen wat de Conventie eigenlijk voorstelt. Om zich los te maken van de klassieke connotaties framen de toch al founding Fathers zelfs een nieuwe term: ‘republicanism’.

Daarmee ontstaat wel een nieuw probleem, namelijk koudwatervrees voor al te vernieuwende concepten. Dat moet de kop worden ingedrukt, waarvoor Hamilton niet schroomt om zijn tegenstanders min of meer moreel te diskwalificeren:

Hearken not to the voice which petulantly tells you that the form of government recommended for your adoption is a novelty in the political world; that it has never yet had a place in the theories of the wildest projectors; that it rashly attempts what it is impossible to accomplish. No, my countrymen, shut your ears against this unhallowed language. Shut your hearts against the poison which it conveys; the kindred blood which flows in the veins of American citizens, the mingled blood which they have shed in defense of their sacred rights, consecrate their Union, and excite horror at the idea of their becoming aliens, rivals, enemies.

Niet direct de meest frisse toon om aan te slaan in een politieke campagne. Maar zelfs al zou het nieuw zijn, gaat Hamilton verder, volgt het Amerikaanse volk niet sowieso een ‘unprecedented course’? Eigenlijk al sinds de Revolutie banen de Amerikanen hun unieke weg door de geschiedenis, waarvan zelfs de hele mensheid meeprofiteert. Ongeveer op die toon sluit Hamilton af. Het is een nogal gezwollen en hoogdravend slotakkoord dat ik voor de volledigheid in zijn geheel overneem:

Had no important step been taken by the leaders of the Revolution for which a precedent could not be discovered, no government established of which an exact model did not present itself, the people of the United States might, at this moment have been numbered among the melancholy victims of misguided councils, must at best have been laboring under the weight of some of those forms which have crushed the liberties of the rest of mankind. Happily for America, happily, we trust, for the whole human race, they pursued a new and more noble course. They accomplished a revolution which has no parallel in the annals of human society. They reared the fabrics of governments which have no model on the face of the globe. They formed the design of a great Confederacy, which it is incumbent on their successors to improve and perpetuate. If their works betray imperfections, we wonder at the fewness of them. If they erred most in the structure of the Union, this was the work most difficult to be executed; this is the work which has been new modelled by the act of your convention, and it is that act on which you are now to deliberate and to decide.

{ 0 reacties… add one now }

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: