The Federalist Papers No. 7: Concerning Dangers from Dissensions Between the States

door JAdB op 18/08/2009

in Varia

Het zevende paper is van de hand van Alexander Hamilton. Hij borduurt verder op hetgeen in het zesde paper aan de orde kwam. Daarin kwam al naar voren dat een federale overheid nodig is om oorlogen tussen de staten onderling te voorkomen.
Maar waarom zouden de staten van onafhankelijk Amerika met elkaar strijden? Hamilton antwoordt: om dezelfde redenen die staten altijd al hebben aangezet tot oorlog. Het paper gaat door met een weergave van mogelijke oorzaken van conflict, en probeert daarbij ‘zo dicht mogelijk bij de mensen’ te blijven door vaak te verwijzen naar de recente geschiedenis. Territoriale conflicten, handelsconflicten, de schuldenlast van de Union, en de wat obscure categorie van wat “laws in violation of contracts” worden genoemd.

Geen grote constitutioneelrechtelijke inzichten dus. Grappig is wel dat de hoofdmoot van dit paper zo kan worden gebruikt om de EU te promoten. Al vanaf de basisschool heb ik moeten aanhoren dat de EU oorlog in Europa heeft helpen voorkomen. Ook aan volwassenen wordt een standpunt met dergelijke inhoud nog steeds voorgehouden.

Op dat standpunt valt best wat af te dingen. Naar mijn mening is de pacificerende rol van de EU beperkter dan de EU zelf wil doen voorkomen. Dat er in de afgelopen zestig jaar geen oorlogen tussen EU-lidstaten hebben plaatsgehad, is eerder te danken aan de politieke wil van de individuele lidstaten. De EU is een uiting van die politieke wil, niet de grondslag. Maar dat terzijde.

Hamilton had, anders dan de EU, veel betere redenen om te denken dat zijn staatsvorm, zoals vastgelegd in de constitutie, oorlog zou voorkomen. De constitutie zorgde er immers voor dat de macht en bevoegdheden van de individuele staten veel meer werd ingeperkt. Conflictsituaties spelen zich derhalve niet af op het niveau tussen de staten, maar op het niveau waar oplossingen voor het conflict kunnen worden geboden. Dus het federale niveau.

Zoals FTG eerder al schreef, heeft de federale staatsvorm desondanks de burgeroorlog in 1861 niet kunnen voorkomen. Juist niet, zou je bijna zeggen. Immers, Abraham Lincoln was degene die in zijn verkiezingscampagne had betoogd dat, tot ergernis van de zuidelijke staten, slavernij in nieuw te koloniseren gebieden zou moeten worden verboden. De verkiezing van Lincoln als president van de Verenigde Staten was voor de zuidelijke staten de druppel: van een natie met zo een president wilden zij geen deel uitmaken. De Confederacy werd opgericht en de oorlog brak uit.

Over een burgeroorlog heeft Hamilton het niet in zijn paper. Ik vind het een groot gemis dat Hamilton wel problemen en risico’s signaleert, maar vervolgens niet ingaat op de oplossing (de constitutie) en de risico’s die daaraan kleven. Op dat gat zijn andere schrijvers overigens handig ingesprongen. Wat dacht u van mijn naamgenoot “A Farmer” die op 7 maart 1788 het volgende gepubliceerd schijnt te hebben:

In a national government, unless cautiously and fortunately administered, the disputes will be the deep-rooted differences of interest, where part of the empire must be injured by the operation of general law; and then should the sword of government be once drawn (which Heaven avert) I fear it will not be sheathed, until we have waded through that series of desolation, which France, Spain, and the other great kingdoms of the world have suffered, in order to bring so many separate States into uniformity, of government and law; in which event the legislative power can only be entrusted to one man (as it is with them) who can have no local attachments, partial interests, or private views to gratify.

Daar heeft A Farmer dan toch maar gelijk in gekregen.

{ 0 reacties… add one now }

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: