Thee

door GB op 09/04/2009

in Rechtspraak

De kopjes thee van Job Cohen zijn vermaard, maar de kopjes thee van de Santo Daime kerk ook. De eerste omdat Job Cohen burgemeester is, de tweede omdat er drugs in die thee zit. Alleen in het tweede geval levert dat met enige regelmaat conflicten met Justitie op.

Onlangs was het weer raak. Iemand uit de Amsterdamse Santo Daime kerk arriveerde op Schiphol met 40 liter ayahuasca thee in de bagage. Bestemd voor gebruik in de eredienst, verklaarde de leidster van deze kerk ter zitting.

Uiteraard voert de verdediging de godsdienstvrijheid aan. De vraag is in hoeverre dat beroep moet slagen. De stand van de jurisprudentie tot nu toe: een uitgebreid maar weinig juridisch oordeel van de Rechtbank Amsterdam waarin het drinken van de thee beschermwaardig was en uitspraken van Hof en Hoge Raad waarin deze min of meer misbruik maakten van de terloopse opmerking van verdachte dat zij haar religie ook zonder de thee kon beleven. Misschien dachten Hof en Hoge Raad op die manier handig om de hete brij heen te draaien, maar een bijdrage aan efficiënte geschilbeslechting was het in ieder geval niet. De Rechtbank Haarlem draait makkelijk weg onder de uitspraak van de Hoge Raad: ‘De opmerking van verdachte ter terechtzitting dat het gebruik van de ayahuasca thee niet noodzakelijk is voor het belijden van haar godsdienst en het niet gebruiken niet aan het belijden in de weg staat, maakt de in dat arrest voorliggende casus geheel anders dan de onderhavige.’

Lees verder

Overigens ging het bij de Hoge Raad toch wel om een leidster van deze kerk. Die wordt door de Rechtbank Haarlem in ieder geval geen op katholiek leest geschoeid leergezag toegekend. Logisch, maar wel opvallend, gezien het belang dat de rechtbank in de rest van het vonnis aan haar uitspraken toekent.

Over de vraag of we hier te maken hebben met een religie doet de rechtbank eigenlijk heel vanzelfsprekend. Al meteen bij de beschrijving van de feiten duidt hij het geheel al aan als ‘religie’ en als ‘godsdienst’. De rechtbank geeft eerst een korte historische introductie, gevolgd door een scheikundige (of biologische?) analyse van de thee. Blijft toch geinig om de rechtbank te zien spreken over ‘Banisteripsis Caapi, een liaan bevattende DMT en Psychotria Viridis, bevattende een zogenaamde Mao-remmer.’ Zegt mij niets, en waarschijnlijk ook de rechtbank niet. Maar men wil uitgebreidere motiveringen in vonnissen, men krijgt uitgebreidere motiveringen. (Promis maakt schuld.)

Vervolgens sluit Haarlem zich aan bij Amsterdam. Heel verhelderend is de motivering daarbij niet: ‘De Santo Daime kerk moet daadwerkelijk worden beschouwd als kerkgenootschap. De aangehangen leer moet worden aangemerkt als een geloofsovertuiging en het gebruik van de thee ayahuasca, oftewel Daime, moet als het meest belangrijke sacrament binnen de erediensten van de Santo Daime kerk worden beschouwd, als een essentieel onderdeel van de religieuze beleving van de gelovigen.’ (curs. GB) Waarom dat allemaal moet staat er niet echt bij. Wat ‘geloofsovertuiging’ is ook niet. Art. 9 EVRM kent alleen ‘godsdienst’ en ‘overtuiging’. Later heet het bij de Rechtbank Haarlem ook nog ‘religieuze overtuiging’, zodat het er allemaal niet helderder op wordt.

In ieder geval is Santo Daime een kerk, het gedachtegoed een godsdienst en het drinken van de thee een essentieel onderdeel van het belijden van die godsdienst. Het valt binnen het bereik van art. 9 EVRM derhalve. Dan volgt de vraag of sprake is van een toegestane beperking.

Destijds, bij de Rechtbank Amsterdam, kwam groot gewicht toe aan de analyse dat de thee in het religieuze verband werd genuttigd. Daarmee was voorzien in voorlichting, nazorg en beperkt gebruik. De Rechtbank Haarlem is ook wel gecharmeerd van die benadering, omdat die past bij het vereiste om in concreto te onderzoeken of sprake is van een toelaatbare beperking.

De analyse van een deskundige levert op dat ‘mede gezien de beperkte omvang van de Santo Daime kerk, het volgens de huidige stand van de wetenschap niet aannemelijk is dat ayahuasca-gebruik een gevaar voor de volksgezondheid met zich brengt.’ Die laatste opmerking is aardig. De gezondheid van het volk komt niet in gevaar zo lang er maar weinig belijdende leden van de Santo Daime kerk zijn?

De rechtbank is in ieder geval overtuigd. ‘Weliswaar kan in individuele gevallen de in de Daime aanwezige stof DMT een mogelijk gezondheidsrisico vormen, doch de daarover verstrekte informatie en het gecontroleerde gebruik binnen de geloofsgemeenschap vormen naar het oordeel van de rechtbank een voldoende waarborg tegen onaanvaardbare gezondheidsrisico’s in die gevallen waarin het gebruik van de thee moet worden ontraden.’ In de kern komt deze redenering erop dat pas mag worden ingegrepen wanneer de eigen waarborgen voor de volksgezondheid onvoldoende blijken. Dat klinkt allemaal heel redelijk, maar de wettelijke norm is dat het bezit van drugs al strafbaar is. Wellicht omdat de norm die alleen ‘beperkt, verantwoord en goed voorgelicht’ gebruik toestaat niet te handhaven is. Nu duikt er een club op die zegt wel beperkt en verantwoord te gebruiken. En de rechter gaat daar meteen in mee. Maar wat zijn precies de garanties die de Santo Daime kerk biedt, anders dan de beste bedoelingen en blauwe ogen? Ik bedoel: ruimte voor zelf-interpretatie ten aanzien van de vraag wanneer van ‘godsdienst’ sprake is, is één ding. Meteen alles overnemen, toch iets anders.

Dat klemt te meer, omdat gelovigen hier toch een substantiele voorsprong krijgen. Want waarom zou eigenlijk niet elke willekeurige groep ‘beperkt, verantwoord en goed voorgelicht’ drugs mogen gebruiken, als ze beloven dat echt te doen?

Dan is er nog iets. Het consumeren van die thee zal best onderdeel van een zeldzame godsdienst zijn. Als ik ooit nog eens een godsdienst ga stichten dan stop ik er ook allemaal fijne dingen in. Maar het gaat hier om iemand die met 40 liter van dat spul het vliegtuig uit komt zetten. En dat is toch maar moeilijk onder artikel 9 EVRM te brengen? De rechtbank accepteert, voor het oog weinig kritisch, het betoog van de leidster van de Santo Daime kerk dat de thee alleen in Brazilië op de juiste manier kan worden gefabriceerd. En ook hier moeten we het doen met de waarborgen van het genootschap zelf. Als de theetransporteur zich in Brazilië meldt, dan belt de religieuze fabrikant op naar de leidster in Amsterdam. Wanneer deze bevestigt, kan de thee worden meegenomen.

De rechtbank stelt dat ‘het invoeren van de ayahuasca thee vanuit Brazilië is voor de leden Amsterdamse kerk Santo Daime kerk derhalve essentieel om hun godsdienst te kunnen belijden.’ Ik weet het niet, of de bescherming van artikel 9 EVRM wel zo ver gaat. What’s next? Wegens toenemend ledenaantal moet de hoeveelheid liters per transport omhoog?

Over de samenstelling van de rechtbank – een nieuwe hobby – valt niet veel te zeggen. Wel te suggereren. Mr. P.P.J. van der Meij was buiten staat om het vonnis mede te ondertekenen. Om welke reden wordt niet vermeld. Waar de thee naar smaakt, ook niet.

{ 0 reacties… add one now }

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: