Tweede gebiedsverbod pedofiel ook weer door rechter geschorst

door FTG op 04/12/2009

in Rechtspraak

Gisteren, drie december 2009, heeft de voorzieningenrechter te Utrecht uitspraak gedaan in een spoedprocedure die aanhangig gemaakt was door een pedofiel ten aanzien van wie de burgemeester van Utrechtse Heuvelrug een gebiedsverbod had uitgevaardigd, gebruikmakend van de bevoegdheid van artikel 172, derde lid, Gemeentewet. Dat artikel is, in de woorden van de Utrechtse rechter, bedoeld om in een situatie waarin direct ingrijpen noodzakelijk moet worden geacht, de burgemeester in staat te stellen passende maatregelen te nemen om ordeverstoringen te beëindigen of te voorkomen.

Het gebiedsverbod was opgelegd aan de zelfde persoon die eerder in Eindhoven met een gebiedsverbod werd geconfronteerd. De oplegging van die maatregel werd door de voorzieningenrechter te Den Bosch geschorst. De reden hiervoor was dat de maatregel alleen opgelegd kan worden in geval van een concrete dreiging van de verstoring van de openbare orde, terwijl die concrete dreiging in feite niet aanwezig was.

Ook de Utrechtse rechter schorst het besluit. Ik tel zo’n zeven punten waarop hij het besluit onrechtmatig acht. De burgemeester had de maatregel opgelegd, omdat hij vreesde voor recidive en ordeverstoringen door verontruste burgers. Een eventuele, maar niet zekere recidive is volgens de rechter weliswaar zeer ernstig, maar niet op één lijn te stellen met een actueel en concreet dreigend gevaar voor de openbare orde. Daarom kan dat gegeven de maatregel niet rechtvaardigen. Met betrekking tot een dreigende ordeverstoring door burgers zijn geen concrete aanwijzingen overgelegd. Dat kan dus evenmin de maatregel rechtvaardigen. Het besluit moet dus geschorst worden.

Ten overvloede zet de voorzieningrechter daarna nog eens uiteen wat de overige bezwaren zijn tegen het opleggen van de maatregel. Ik noem er een paar. Zo is de maatregel opgelegd voor de duur tot de Hoge Raad uitspraak heeft gedaan op het cassatieberoep. Dat gaat wel meer dan een jaar duren. Dat is te lang, omdat artikel 172 Gemeentewet bedoeld is om een actuele inbreuk op de openbare orde tegen te gaan. Het verbod is bovendien opgelegd voor het gehele gemeentegebied. Dat is veel te ruim en schiet het doel voorbij.

Op zich is het wel begrijpelijk dat burgemeesters in dit soort situaties willen ingrijpen, zeker gezien de niet geringe kans op recidive en de onrust die dit bij de bevolking kan veroorzaken. Maar dat leidt niet tot de conclusie dat een gebiedsverbod kan worden opgelegd: artikel 172, derde lid Gemeentewet is niet bedoeld voor dit type situaties, maar voor situaties waarin een directe dreiging bestaat van relletjes, opstootjes, plunderingen, enzovoorts. Wellicht dat sommigen een dergelijke redenering beschouwen als typisch juridische letterknechterij, maar dat is het niet. Het gaat hier om een zware inbreuk op grondrechten. De rechter dient er dan ook op toe te zien dat die inbreuk alleen plaats vindt als de wet dat toe staat. En in dit geval stond de wet dat niet toe.

Artikel 172, derde lid Gemeentewet is ook niet het meest geëigende middel om dit type probleem op te lossen. Want, zoals de rechter ook opmerkt, dan kan in iedere gemeente een gebiedsverbod worden uitgevaardigd en kan een dergelijk persoon uit iedere gemeente worden verwijderd. Dat komt in feite neer op verbanning. Een straf die het Nederlandse strafrecht niet kent, zou dan opgelegd kunnen worden door burgemeesters.

Het eigenlijke probleem is hier dat de door de strafrechter opgelegde ondertoezichtstelling opgeschort wordt door het instellen van het cassatieberoep, waardoor de pedofiel zich aan die ondertoezichtstelling kan ontrekken. Een wetswijziging zou dat probleem kunnen oplossen. Dat is beter dan het oneigenlijk toepassen van artikel 172 gemeentewet. Dus niet de burgemeesters, maar de wetgever is aan zet.

{ 2 reacties… read them below or add one }

1 FJJ 04/12/2009 om 14:20

Het vermogen om te mishagen is gelukkig nog bij onze rechterlijke macht aanwezig.

Burgemeesters die besluiten nemen die zo manifest onrechtmatig zijn als deze zijn niet goed bezig. Ze proberen maatschappelijke problemen af te wentelen op de rechterlijke macht. Als ze vervolgens het deksel op de neus krijgen huilen ze krokodillentranen.

Een wetswijziging lijkt inderdaad de juiste weg om dit op te lossen. Maar dat roept natuurlijk wel vragen op. Gaat dit alleen voor zedendelinquenten gelden en wat is daar dan de rechtvaardiging voor?

2 JAdB 06/12/2009 om 11:58

Burgemeesters die zich maar enigszins laten adviseren weten natuurlijk ook wel dat een dergelijk gebiedsverbod onrechtmatig is en dat het dus geen enkele zin heeft om het op te leggen. Het houdt de achterban echter wel tevreden. Mocht deze pedofiel nog eens de fout in gaan, dan kan de burgemeester in ieder geval zijn handen in onschuld wassen.

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: