Update ministerraad 23 december 2011 en wekelijkse Eerste Kamer watch

door Redactie op 27/12/2011

in Haagse vierkante kilometer, Uitgelicht

Post image for Update ministerraad 23 december 2011 en wekelijkse Eerste Kamer watch

Tijdens de laatste ministerraad van het jaar kwam de benoeming van drie raadsheren voor de Hoge Raad rond. Hun benoeming werd overschaduwd door het nieuws dat de PVV kandidaten kan torpederen met de dreiging te gaan schelden. Dat is voor een kamermeerderheid die zich onbespied waant, en voor een Hoge Raad die zich verstandig denkt op te stellen, anno 2011 voldoende reden om een naam zo stil mogelijk af te voeren. Dat is treurig voor de kandidaat die het betreft – Aben – maar vooral een groot verlies voor de rechtsstaat. De reden waarom Aben in geblondeerde ongenade is gevallen, betreft namelijk een uitermate technische notitie over de redenering van de wrakingskamer, destijds in het Wildersproces. Waar de rechterlijke benoemingen in vergelijking met de Verenigde Staten hier altijd relatief rimpelloos verliepen, halen we het Amerikaanse spektakel nu op een zeer bedenkelijk niveau in. Zelfs de lichtste suggestie dat er iets juridisch niet zou deugen aan Aben blijft achterwege. Het simpele feit dat de uitkomst van een juridische redenering niet bevalt is voldoende om de toorn op te wekken, en het enkele dreigen met die toorn is voldoende voor de rest. Het is de vraag wat eigenlijk erger is.

Deze actie werpt een futiel licht op de gebruikelijke Aptroot-botheid waarmee dit kabinet rechtsstatelijke waarden behandelt. Wat zullen wij nog wenen over het gemak (‘quick wins’) waarmee de Crisis- en Herstelwet permanent gemaakt wordt? Waarom zullen we ons nog opwinden over een minister-president die een glad persbericht terugbrengt tot zijn politieke kern: verdachten alvast financieel uitkleden omdat dit kabinet voor het slachtoffer kiest, boven de dader? Waarom zullen we ons nog afvragen wat voor Staat we eigenlijk aan het optuigen zijn, bij het zoveelste infantiele persbericht waarin de wereld blij kond wordt gedaan van het inzicht dat vernietigen van kentekengegevens eigenlijk heel slecht is voor de criminaliteitsbestrijding? Wat zijn waarborgen waard als een stiekeme kamermeerderheid en de Hoge Raad zelf de rechtsstatelijke waarden zo makkelijk verraden?

Maar misschien is het niet zo dramatisch. En was dit een verlate reactie op de wel heel plotselinge consternatie rondom de benoeming van Buruma. Onder de kerstboom hebben de betrokkenen wellicht bedacht dat het allemaal niet zo fraai was en dat het ook niet te verbergen is voor Folkert Jensma. Daarmee ontstaat het goede voornemen dat het volgende keer anders moet. Daar houden we dan maar aan vast.

Terwijl we hier staatsrechtelijke tanden kunnen zetten in de eerste contouren van de juridische begrotingsdicipline. Het wordt, zoals al in de reactiepanelen geconstateerd, een verbouwde versie van de oorspronkelijke Wet TREM (Tekortreductie Rijk en Medeoverheden, namelijk de Wet HOF (Houdbare Overheidsfinancien). Dus geen grondwetswijziging. De verbindendheid van de begrotingsregels wordt daarmee minder, omdat begrotingen zelf ook bij wet worden vastgesteld. De vraag is dan of de latere begrotingswet met een fors tekort moet worden opgevat als een (kennelijke) wijziging van de Wet HOF of als een schending ervan. In ieder geval lijkt het kabinet het niet al te juridisch te willen insteken: ‘De wettelijke verankering van de Europese afspraken werkt disciplinerend en laat zien dat Nederland overtuigd is van de noodzaak om de economische en monetaire unie op orde te brengen.’ Het wachten is op de eerste brokjes uitgelekte wettekst. Misschien wordt dan ook duidelijk wat de koning van het zomerreces, Joop Atsma, te maken heeft met dit wetsvoorstel.

De Eerste Kamer publiceerde het jaarverslag op de site. Naast de restanten uit de periode waarin Van der Linden de hamer hanteerde (gloedvolle verslagen over de aangehaalde banden met Azerbeidzjan gelardeerd met glunderende foto’s), ook veel informatie waaruit blijkt dat de Senaat nog altijd op scherp staat. Het aantal ingediende moties, bijvoorbeeld, is gelijk gebleven. Terwijl het aantal aangenomen moties scherp is gestegen. Ook op andere punten schrijft de Eerste Kamer nog eens overzichtelijk op dat ze niet snel van plan zijn in te binden. Ministers die klagen over de publicatie van uitgelekte stukken op de site van de Eerste Kamer kunnen hun dreiging met de inbreukprocedure door de Europse Commissie beter op zak houden; de Commissie heeft het document pas weggehaald nadat het zijn betekenis voor de Eerste Kamer verloren had. En als de Kamer om een geconsolideerde versie van de wijziging van Boek 2 van het BW vraagt, dan kan die maar beter gelijk komen. Met enig genoegen constateert het jaarverslag dat ze er een jaar wachten en een paar brieven tegenaan hebben moeten gooien, maar dat het uiteindelijk toch gelukt is. Hetzelfde geldt voor een reactie op het stantpunt van de Senatoren dat er eigenlijk geen regelgeving mag worden voorgehangen als dat gebeurt op basis van wetgeving die de Eerste Kamer nog niet gepasseerd is. Ook dat dacht het kabinet dood te zwijgen. Ook dat is niet gelukt. En zo voort.

De Eerst Kamer neemt zichzelf onverminderd serieus, ook in politieke zin.

{ 0 reacties… add one now }

Reactie achterlaten

{ 1 trackback }

Vorige post:

Volgende post: