Uw nieuwe koninkrijk kome II Intermezzo

door MN op 04/02/2010

in Haagse vierkante kilometer

Post image for Uw nieuwe koninkrijk kome II Intermezzo

De planning voor mijn serie over de hervorming van het koninkrijk is omgegooid. De aanleiding daarvoor zijn de recente ontwikkelingen op Bonaire.

In de zomer van 2009 is op Bonaire een nieuw Bestuurscollege aangetreden nadat het vorige college het vertrouwen van de eilandsraad had verloren. In deze nieuwe politieke constellatie bleken de eerder gemaakte afspraken over de toekomst van Bonaire op weerstand te stuiten. In een volgende aflevering meer over wat die afspraken inhouden. In september 2009 sprak de eilandsraad zich met de kleinst mogelijke meerderheid bij motie uit voor een (tweede) referendum. De staatssecretaris en de Kamer waren not amused met deze terugtrekkende bewegingen. De staatssecretaris gaf Bonaire te kennen dat referenda prachtig zijn, maar dat nu geldt pacta sunt servanda. Op Bonaire nam men deze mededelingen voor kennisgeving aan en de voorbereidingen voor de volksstemming ter hand.

Afgelopen maandag 2 februari stemde de eilandsraad met opnieuw de kleinst mogelijke meerderheid in met een referendumverordening. De verordening wijkt op vrijwel alle fronten af van het advies dat de commissie die met de voorbereiding van de verordening was belast, in september 2009 had afgegeven.
In de considerans van de verordening wordt een resolutie van de Algemene Vergadering van de VN uit 1960 van stal gehaald om aannemelijk te maken dat, ongeacht eerdere afspraken met Nederland, het laatste woord aan het Bonairiaanse electoraat behoort te zijn. Het referendum zal dan ook bindend zijn: de inzet van Bonairiaanse bestuurderen bij toekomstige onderhandelingen met het voormalig moederland wordt bepaald door de uitkomst van het referendum (zie over referenda en het zelfbeschikkingsrecht de heldere notitie van toenmalig staatssecretaris De Vries). Daarnaast valt in de verordening op dat er een categorie inwoners die bij reguliere verkiezingen stemgerechtigd zou zijn, van deelname aan het referendum wordt uitgesloten.

De gezaghebber van Bonaire, de strafrechtjurist Thodé, heeft zich tijdens de vergadering van de eilandsraad verzet tegen de verordening. Hij meent dat de verordening toetsing aan het internationale recht niet kan doorstaan. Zijn verzet weerhield de eilandsraad er niet van de verordening vast te stellen. Thodé laat het er echter niet bij zitten: op grond van art. 98 van de Eilandenregeling van de Nederlandse Antillen (de Antilliaanse Gemeentewet) heeft hij de afkondiging van de verordening geschorst en de regeling voorgedragen voor vernietiging bij de gouverneur. De keuze van de gezaghebber om zijn voordracht te baseren op art. 98 van de Eilandenregeling maakt duidelijk dat hij meent dat verordening in strijd is met koninkrijksbelangen (strijd met het volkenrecht, het koninkrijksrecht of het algemeen koninkrijksbelang).
De gouverneur is nu aan zet: hij moet binnen dertig dagen (of, na verlenging, zestig dagen) beslissen of hij daadwerkelijk overgaat tot vernietiging. Als vernietiging achterwege blijft, dan moet de gezaghebber de verordening alsnog afkondigen. Mogelijk moet de verordening dan worden aangepast, aangezien de gefixeerde referendumdatum van 26 maart 2010 kan passeren terwijl de gouverneur nog zit te broeden op het vernietigingsvraagstuk.

Het bestuurscollege (voorgezeten door de gezaghebber) kan tegen een vernietigingsbesluit van de gouverneur beroep in stellen op de kroon. In dat geval hebben we te maken met een heerlijk ouderwetsch Kroonberoep (ja, dat bestaat nog!). De Raad van State van het Koninkrijk (voor de gelegenheid in uitgebreide samenstelling) brengt ten behoeve van de afdoening van het beroep advies uit.

Staat uiteindelijk beroep op de gewone rechter open? Een koninkrijksorgaan dat zijn competenties ontleent aan Antilliaanse wetgeving valt niet onder de Awb, aldus de (koninkrijks)regering in 1993. Toepassing van de Antilliaanse Awb is niet aannemelijk, nu het Antilliaanse recht een afzonderlijke rechtsgang in het leven roept. De Hoge Raad is weliswaar civiele cassatierechter in Antilliaanse zaken, maar kan dat uitsluitend doen op grond van de Cassatieregeling voor de Nederlandse Antillen en Aruba. Er moet, met andere woorden, een rechterlijke beslissing aan het cassatieberoep voorafgaan. Bepalend lijkt me uiteindelijk de vraag of de Antilliaanse civiele rechter bevoegd is kennis te nemen van een geschil waarin een beslissing van de koninkrijksregering wordt aangevochten. Kan dat? Reacties zijn welkom!

{ 5 reacties… read them below or add one }

1 Henk 04/02/2010 om 11:26

Eerst even een domme vraag: waarom niet gewoon (eventueel: ook) de Nederlandse rechter?

2 FJJ 04/02/2010 om 12:09

Omdat rechtspraak een aangelegenheid van de landen zelf is. (Geen Koninkrijksaangelegenheid, dus heeft Nederland er in principe niks mee van doen)

De Antillen en Aruba hebben er (vrijwillig) voor gekozen de Hoge Raad te 'lenen' om cassatierechtspraak te verrichten.
(Aangezien men onvoldoende juristen van het benodigde niveau in de eigen landen had)

Voor de rest is de rechtspraak iets voor de landen. Ze hebben daarvoor een gemeenschappelijk hof ingesteld. Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie v.d. Ned. Antillen en Aruba. En ook een gerecht van Eerste Aanleg.

3 Henk 04/02/2010 om 12:38

@ FJJ: dank. Maar kunnen we hier de Staat niet aanspreken op de daden van de koninkrijksregering?

4 MN 04/02/2010 om 13:07

Waarom zou dat wel kunnen? De Staat heeft rechtspersoonlijkheid naar het privaatrecht van het land Nederland, net zoals het Land de Nederlandse Antillen rechtspersoonlijkheid heeft naar het burgerlijk recht van het Land de Nederlandse Antillen. De koninkrijksregering is orgaan van het openbaar lichaam "Het Koninkrijk", dat echter geen privaatrechtelijke rechtspersoonlijkheid heeft.

5 Henk 04/02/2010 om 14:28

Als 'Staat' in artikel 2:1 BW verwijst naar de Staat der Nederlanden, dan zou – iig volgens spraakgebruik/maatschappelijk verkeer (zie Wikipedia over de Staat der Nederlanden) – ook het 'openbaar lichaam Koninkrijk' private rechtspersoonlijkheid naar Nederlands recht hebben gekregen.

De overheid van het land Nederland zou anders wel makkelijk onder aansprakelijkheid uit kunnen komen door de zaak als koninkrijksaangelegenheid te duiden en op rijksniveau af te doen.

Vroeg of laat loop ik altijd vast in dit soort koninkrijksdingen.

Reactie achterlaten

{ 2 trackbacks }

Vorige post:

Volgende post: