‘Weigeren eed levert strafbaar feit op’

door Ingezonden op 04/04/2013

in Haagse vierkante kilometer

Post image for ‘Weigeren eed levert strafbaar feit op’

De afgelopen weken zijn er vele discussies in de nieuwsmedia gevoerd over de zgn. eed die leden van de Staten-Generaal afleggen bij de zgn. inhuldiging van de nieuwe Vorst op 30-4-2013. Sommige scribenten hebben, in op zichzelf doorwrochte pennenvruchten, op m.i. ondeugdelijke gronden aangevoerd dat hier geen sprake zou zijn van een wettelijke verplichting. Anderen hebben betoogd dat weliswaar sprake is van een verplichting ex lege, maar dat van enig rechtsgevolg bij weigering van de eed geen sprake kan zijn. Dit heeft onder andere zijne excellentie, de heer M. Rutte, minister-president, minister van Algemene Zaken gesteld in antwoord op kamervragen van staatsrechtprofessor en senator Johannes Engels en voorzitter van de Eerste Kamer Thom de Graaf, die de plechtigheid op 30-4-2013 zal leiden. Deze opvatting nu, als zou eedweigering zonder gevolgen zijn, acht ik onjuist. Een Kamerlid dat de eed weigert, pleegt m.i. een strafbaar feit.

In de Wet beëdiging en inhuldiging van de Koning is hetgeen verlangd wordt van Vorst en Volksvertegenwoordigers tot in de puntjes uitgewerkt. De Vorst zweert een eed, waarop de voorzitter van de plechtigheid op plechtige wijze namens de aanwezige Volksvertegenwoordigers een plechtige verklaring voorleest. Het gebruik van het woord ‘plechtig’ impliceert al dat sprake is van meer dan een aardig verzetje.

En dat klopt, want deze plechtige verklaring wordt door elk der leden, hoofd voor hoofd, beëdigd of bevestigd, zo leert ons art. 3 van genoemde wet. Dit voorschrift nu, is niet voor tweeërlei uitleg vatbaar. Als er gezworen wordt – en dat wordt er – dan zweren allen tezamen. Het koekoeksjong dat wenst te zwijgen of een ander liedje wenst te zingen, dient een ander nest uit te kiezen.

Nu kan ik mij goed voorstellen dat Volksvertegenwoordigers met zekere republikeinse sympathieën grote moeite zullen hebben met een eed jegens een instituut dat zij verachten (to put it mildly). Wie als dubbeltje geboren is, wordt immers zelden monarchist. Echter, de gevolgen van het ontduiken van een klip en klaar wettelijk voorschrift als art. 3 der genoemde wet heeft in casu bijzonder ernstige gevolgen. Stellig zal deze handelwijze de aanwezigen in de Nieuwe Kerk, in het bijzonder de nieuwe Vorst, diep schokken en onthutsen. En in dat laatste zit hem de kneep. Ik kan in elk geval dit affront, dit openlijk tegenover de Vorst weigeren van de nakoming van een verplichting ex lege, een verplichting die ziet op persoon en ambt van de Vorst, niet anders kwalificeren dan als majesteitsschennis. Dit nu is door art. 111 van ons Wetboek van Strafrecht als delict strafbaar gesteld. Genoemd artikel luidt: “Opzettelijke belediging van de Koning wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vijf jaren of geldboete van de vierde categorie”. De belediging is evident en de opzet zit bij de weigerachtige ingebakken, want culpoos weigeren is m.i. stellig uitgesloten.

Niet alleen wacht de weigerachtige Volksvertegenwoordiger vijf jaar water en droog brood, jegens hem kan ingevolge art. 114 van ons Wetboek van Strafrecht eveneens ontzetting uit bepaalde rechten worden uitgesproken. Hieronder bevindt zich “het recht de leden van algemeen vertegenwoordigende organen te verkiezen en tot lid van deze organen te worden verkozen”. Ontzetting uit het zgn. passief kiesrecht dreigt dus, en het verlies van deze rechten brengt onherroepelijk onmiddellijk verlies van het lidmaatschap van de Staten-Generaal met zich mede. Wie zijn billen brandt, heeft dan geen Kamerzetel meer om op te zitten.

Dus Volksvertegenwoordigers, bedenkt wat er op het spel staat op 30-4! Bezint eer ge begint.

Bert van der Linde
Emeritus beleidsambtenaar handhaving

{ 8 reacties… read them below or add one }

1 JH 04/04/2013 om 11:40

Een originele insteek, die wel uitgaat van een erg snel geschokkeerde vorst. Maar aan de vraag naar de schennis hoeven we misschien toch niet toe te komen. De beëdiging vindt immer plaats in een openbare vergadering van de volksvertegenwoordiging, waarvoor de parlementaire onschendbaarheid van artikel 71 geldt. Ik zou toch stellen dat een uitdrukkelijk niet spreken gelijk gesteld moet worden met spreken.

2 Mark Speelman 04/04/2013 om 11:58

Origineel of niet, dit is een grap toch?

3 Super De Boer 04/04/2013 om 20:57

Gelukkig zijn er ook nog zaken als gezond verstand, het opportuniteitsbeginsel, artikel 9a Sr en Maarten van Rossem.

8) En daarnaast heeft een beetje monarch meer respect voor een parlementariër die zijn positie als gelijkwaardig gesprekspartner met hand en tand verdedigt, dan voor het voetvolk dat eeuwige trouw en onschendbaarheid belooft, als ware het een Mozambikaanse volksmilitie.

Voor het overige ben ik van mening dat de door de aanstaande koning af te leggen navolgende eed

‘Ik zweer (beloof) dat Ik de onafhankelijkheid en het grondgebied van het Koninkrijk met al Mijn vermogen zal verdedigen en bewaren; dat Ik de vrijheid en de rechten van alle Nederlanders en alle ingezetenen zal beschermen, en tot instandhouding en bevordering van de welvaart alle middelen zal aanwenden welke de wetten Mij ter beschikking stellen, zoals een goed en getrouw Koning schuldig is te doen.’

qua hoofdlettergebruik gevaarlijk dicht langs de randen van het nog altijd van kracht zijnde verbod op godslastering scheert en de toekomstige koning daarnaast verbiedt wetten te tekenen die bevoegdheidsoverdracht aan Brussel met zich brengen.

4 Super De Boer 04/04/2013 om 21:08

Als ik het goed begrijp zal hij inmenging van de EU in Nederlandsche aangelegenheden zelfs op eigen kosten moeten bestrijden.

5 Super De Boer 09/04/2013 om 23:49

Dus godslastering gaat eruit als strafbaar feit, maar majesteitsschennis blijft vooralsnog, realiseer ik mij opeens.

8) Merkwaardig.

6 Martin Holterman 10/04/2013 om 01:50

De theorie schijnt te zijn dat de majesteit zich niet met tegenspraak kan verweren.

7 Super De Boer 10/04/2013 om 09:39

🙂 En het Opperwezen wel, lees ik dan maar in.

Mooie en houdbare theorie, maar ik vrees dat in de praktijk er gewoon simpelweg meer mensen in de koning geloven dan in God. Zonder dat daar veel theorie onder zit.

8 Super De Boer 11/04/2013 om 23:02

8) Thom de Graaf voorzitter van de Eerste Kamer, dat is volgens de Planning toch pas later aan de orde? Is hier sprake van een collectief in stelling brengen van artikel 339 lid 2 Sv door de groepsblog? Hoe veelzeggend is het dat de Senaat liefst 4 leden telt, waarvan de achternaam een verbastering is van het het woord ‘graf’? En dat er daarnaast ook nog sprake is van een Putters, een Roukema, een Nagel, een Schouwenaar, een Van Kappen en een Vliegenthart? Vermeldt de website van de EK daarom zelf dat de leden ‘hieronder op alfabet gesorteerd staan’? Als personen gesorteerd worden, is dat meestal een…….ehm……slecht teken, toch?

Toch??

🙄 Al die vragen…het zijn verwarrende tijden.

Reactie achterlaten

Vorige post:

Volgende post: