EHRM veroordeelt Nederland voor vreemdelingenpesten

door GB op 19/01/2012

in Rechtspraak, Uitgelicht

Post image for EHRM veroordeelt Nederland voor vreemdelingenpesten

Terwijl de karavaan die de griffierechten wil verhogen zich niets gelegen laat liggen aan blaffende honden, rokeert het Hof in Straatsburg alvast wat stukken om de rechtsbescherming te verstevigen. In een klacht onder artikel 8 EVRM ziet het EHRM eigenlijk een klacht onder artikel 13 EVRM, waarmee de bescherming van artikel 6 EVRM wordt uitgebreid.

Het ging om een Afghaanse asielzoeker die hier al een tijdje is. Zijn vrouw en drie kinderen zijn reeds Nederlanders geworden, maar hij geldt als een zogenaamde ‘1f-er.’ Men vermoedt dat hij geen onschuldige schapenboer was. Hoe dan ook: in Nederland wil hij graag bij zijn gezin blijven, en dus verzoekt hij om een verblijfsvergunning. Dat betekende: 830 euro aftikken. Hij had het geld niet, en hij vindt dat hij vanwege artikel 8 EVRM niet hoeft te betalen. Daar bestaat ook wel een regeling voor, maar die acht de minister hier niet van toepassing omdat er onvoldoende papieren zijn overgelegd. Een verzoek om een voorlopige voorziening bij de rechter loopt vervolgens ook op niets uit.

En zo arriveert de zaak in Straatsburg, alwaar zijn klacht onder artikel 8 ontvankelijk wordt verklaard. Dat betekent ook dat er sprake is van een ‘arguable claim’ in de zin van artikel 13 EVRM, dat recht geeft op een ‘effective remedy’ als er verdragsrechten in het geding zijn. Uit eigen beweging veroordeelt het EHRM Nederland voor een schending van dit artikel.

Iemand die van een bijstandsinkomen moet rondkomen 830 euro laten betalen voor een verblijfsvergunning, en hem dan niet in aanmerking te laten komen voor vrijstelling omdat hij meer papieren moet overleggen dan de bijstandspapieren, is onnodig pesten. En dus een schending van artikel 13 EVRM omdat er in dit geval ook een recht op familieleven mee gemoeid was. Daar worden kwesties die niet onmiddelijk onder artikel 6 EVRM vallen, toch van een vergelijkbare bescherming voorzien.

Helemaal aan het einde veegt het Hof Nederland ook nog even de mantel uit:

In the circumstances of the present case, characterised as they are moreover by the disproportion between the administrative charge in issue and the actual income of the applicant’s family, the Court therefore finds that the extremely formalistic attitude of the Minister – which, endorsed by the Regional Court, also deprived the applicant of access to the competent administrative tribunal – unjustifiably hindered the applicant’s use of an otherwise effective domestic remedy. There has therefore been a violation of Article 13 of the Convention.

{ 16 reacties… read them below or add one }

1 JADB 19/01/2012 om 11:28

Oei, dat mag de rechtbank Den Haag zich wel aantrekken!

2 ROVE (niet Karl) 19/01/2012 om 13:23

“On 4 August 2005 the Administrative Jurisdiction Division of the Council of State (Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State) confirmed the decision of the Regional Court at final instance.”

3 EMP 19/01/2012 om 13:54

De uitspraak gelezen hebbende maak ik mij ernstig zorgen over de formalistische houding van onze rechterlijke macht. Zoals het EHRM in overwegingen 54 en 55 terecht uiteenzet valt niet te begrijpen waarom het bewijs (waarschijnlijk de beschikking van de bijstandsuitkering) dat de vreemdeling alleen van een bijstandsinkomen rondkomt niet voldoende is.

De WWB biedt het college van B&W namelijk de mogelijkheid om te onderzoeken of de aanvrager geen andere inkomsten heeft die afdoende zijn om in zijn bestaan te voorzien. Kennelijk had de vreemdeling geen andere inkomsten en aldus is hem een bijstanduitkering toegekend.

Dan hoeft de IND niet nogmaals de afweging te maken die het college van B&W al heeft gemaakt. Dat is inderdaad een staaltje formalisme waar de honden geen brood van lusten. Het EHRM bevestigt deze lezing als zodanig ook in overweging 55.

Merkwaardig alleen is dat de rechtbank een dergelijke afweging niet had gemaakt. De huidige wetgeving biedt genoeg mogelijkheden om tot een dergelijke afweging te komen, zonder daarbij op de stoel van het bestuur te zitten. Het had de vreemdeling een gang naar Straatsburg kunnen besparen, als de rechtbank gewoon haar werk had gedaan.

4 Martin Holterman 19/01/2012 om 14:02

Het is onrecht, OK, maar is dit een mensenrechtenschending? Ik begin me de laatste tijd steeds meer zorgen te maken over de neiging om van alles en nog wat tot mensenrechtenschending te bombarderen. Vorige maand waren de afvalproblemen in Zuid-Italië ook al een schending van artikel 8 (!). Het is zeker niet zo dat ik de rol van het EHRM wil beperken; dit baart me zorgen ongeacht welke rechter er schuldig aan is. Door iets tot mensenrechtenschending te promoveren gaat de rechter op de stoel van het bestuur of de wetgever zitten, beveelt hij een oplossing die vervolgens nooit meer veranderd kan worden en ondermijnt hij de status van de “echte” mensenrechten. Deze zaak lijkt me een grensgevalletje.

5 Martin Holterman 19/01/2012 om 15:10

P.S. Vandaag heeft Advocaat-Generaal Bot bij het Hof van Justitie van de Europese Unie ook een opinie gepubliceerd over deze kwestie. Hij concludeert dat – draagkracht nog daargelaten – de leges in kwestie dusdanig hoog zijn dat ze strijd met richtlijn 2003/109 opleveren. Dat lijkt me een veel betere manier om op hetzelfde punt uit te komen.

http://eur-lex.europa.eu/LexUriServ/LexUriServ.do?uri=CELEX:62010CC0508:NL:HTML

6 ROVE (niet Karl) 19/01/2012 om 15:18

Heeft iemand de LJN’s paraat van de uitspraken van de Rb en de RvS? Ik ben inmiddels toch zeer benieuwd naar de rechterlijke motivering.

7 JADB 19/01/2012 om 15:23

ROVE: ja, ik vroeg me ook al af waarom het EHRM wel “the regional court” afstraft maar niet de Raad van State.

8 ROVE (niet Karl) 19/01/2012 om 15:27

Je zou het eerder andersom verwachten…!

9 Martin Holterman 19/01/2012 om 15:45

Omdat alleen de rechtbank hier uitspraak heeft gedaan.

14. On 27 March 2007 the Regional Court rejected the request for a provisional measure and at the same time dismissed the objection. It considered that the applicant had failed to submit sufficient proof of his lack of resources to pay the required fees; it had therefore not been unreasonable for the Minister to decide not to process the applicant’s request for a residence permit.
15. No appeal lay against the judgment of the Regional Court.

Te laag bedrag voor een beroep bij de RvS?

10 EMP 19/01/2012 om 15:49

@ Holterman

Dank voor je verwijzing naar de conclusie van Bot. Als je punt 78 van die conclusie leest, dan kan een traantje toch echt niet onderdrukt worden.

11 EMP 19/01/2012 om 16:01

Waarschijnlijk heeft de rechtbank art. 78 Vw toegepast, dan staat er ingevolge art. 84 Vw geen hoger beroep open bij de Afdeling. De Afdeling heeft zich dus ook niet kunnen uitspreken over de vraag of de aanvraag verblijfsvergunning in verband met gezinshereniging terecht buiten behandeling is gesteld door de IND.

12 GB 19/01/2012 om 16:03

Er is sprake van meerdere procedures, volgens mij. Ook over het asielverzoek enzo. Het EHRM haalt alleen uit naar degene waarbij het om de 830 euro leges ging.

13 Reinier Bakels 20/01/2012 om 04:24

De PVVD-ers die menen dat het EHRM de politiek hinderlijk voor de voeten loopt wijs ik er graag op dat het EHRM in 1950 tot stand kwam toen er nog een vers “dit nooit weer” gevoel was na de nazi-tijd. Daarom zijn de Duitsers doorgaans ook strikter in de handhaving van mensenrechten, o.a. met een eigen Bundesverfassungsgericht: ze zijn daar nog steeds bang voor herhaling. Wat dus een zegen is. En laten wij ook niet vergeten dat het karige asielbeleid van Nederland (en veel andere landen) in de jaren ’30 van de vorige eeuw veel joden de dood in heeft gedreven.

Als het aantal asielzoekers omlaag moet dan moet dat gebeuren aan de bron: dan moet er internationale politiek worden bedreven om onmenselijke regimes aan te pakken. Maar zoals Rutte zegt: voor de PVV gaat buitenlandse politiek niet verder dan Vlaanderen en Israël!

14 Martin Holterman 20/01/2012 om 13:23

@Reinier: Ik weet niet of je mij in gedachten had, maar mijn bezwaar gaat niet over welke rechter het doet, maar hoe. Door iets in het raamwerk van mensenrechten te gieten wordt de gekozen oplossing vrijwel onmogelijk te amenderen. Zoals AG Bot het doet, op basis van een richtlijn, is veel flexibeler: de richtlijn kan veranderd worden als de omstandigheden veranderen.

Wat mij betreft wordt het EVRM (en andere mensenrechtencatalogi, zoals het EU Handvest) teveel toegepast op situaties die geen mensenrechtenissue zijn, maar sociale politiek. Het kiesrecht – zoals in Hirst – is onbetwist een burgerrechten issue. Maar verzekeringspremies? Toegang tot het internet? Vuilnisophaling?

Wat betreft Duitsland ben ik het compleet met je eens. Gisteren heb ik nog ergens geschreven dat de Duitsers het geweten van Europa zijn. Maar daarom schrok ik des te meer van deze: http://verfassungsblog.de/schulgebeturteil-des-bverwg-ein-staatsbankrott-ganz-eigener-art/. (Al moet die nog naar het BVerfG.)

15 JU 20/01/2012 om 14:47

@ Martin Holterman

Je bent niet de enige die zich daar zorgen over maakt. Er is al jaren debat over de vraag of alles maar mensenrecht moet heten. En dan heb ik het inderdaad niet over de Courtbashers. Ook de Nederlandse rechter in Straatsburg bijvoorbeeld, vond bij zijn aantreden in 2004 dat het EHRM er niet ‘voor zweetvoeten’ zat.

Hoewel ik je zorg dus wel begrijp, deel ik haar niet. Ja, het begrip mensenrecht is enorm opgerekt. Maar net zoals mensenrechten in de tijd kunnen evolueren, kan het concept ‘mensenrechten’ dat ook. In de West-Europese context hebben we denk ik meer behoefte aan iets dat ervoor zorgt dat de belangen van burgers in de bureaucratische molen worden meegenomen, dan aan een beschermingsmuur tegen dictaturen. Er wordt de afgelopen jaren enorm veel geschreven over ‘good governance’ e.d.: ik zou zeggen dat het EHRM al een tijdje precies op dat punt een rol vervult.

Zorgt mensenrechtentoetsing er dan niet voor dat de, door de rechter voorgestelde oplossing niet te amenderen is? Soms wel, maar dan gaat het vaak juist om ‘harde’ mensenrechten. Bij ‘mensenrechten light’ laat het EHRM de lidstaten vaak nogal wat ruimte voor het kiezen tussen diverse EVRM-conforme oplossingen.

Neem bijvoorbeeld – een van mijn favorieten – de keer dat het EHRM een schending van 8 EVRM aannam omdat mevrouw Ternovszky niet thuis kon bevallen. Eigenlijk constateerde het Hof alleen dat Hongarije in de eigen (grond)wetgeving zo’n recht garandeerde, maar dat het dat recht ten onrechte op lager niveau frustreerde. Wat het deed, was het identificeren van een nationaal probleem. Kon Hongarije er dús niet meer onder uit om alle vrouwen thuis te laten bevallen als zij dat wensten? Nee, men kon ook stoppen met scheppen van verwachtingen op dat punt. Zo gaat het volgens mij vaker.

Het EHRM is dus, en dat is al wel vaker gesignaleerd, soepel bij accepteren dat iets onder de reikwijdte van een mensenrecht valt. Maar daarmee is niet gezegd dat dat steeds tot een schending leidt, en ook niet dat het Hof lidstaten dus geen ruimte meer laat voor anderssoortige oplossingen. In díe zin zie ik een uitbreiding van mensenrechten dus niet als problematisch.

Jeetje, dit wordt bijna een aparte post…

16 Martin Holterman 20/01/2012 om 15:32

@JU: Dat is dan juist weer een voordeel van het EHRM. Veel van de zaken die mij storen spelen zich af voor het HvJEU of voor de nationale rechter. (Volgens mij hebben we het er hier al eens over gehad wat de Nederlandse rechter met de “margin of appreciation” moet doen.) Als op dat niveau een wet of besluit wordt vernietigd, is dat gewoon het einde van het verhaal.

Dat verhaal over auto-verzekeringen is een goed voorbeeld (zie mijn blog hier voor meer details). De verschillende Europese Instellingen waren het er tijdens de wetgevingsprocedure over oneens of discriminatie tussen man en vrouw op dit gebied legitiem was. Uiteindelijk hebben ze een compromis in de wet geschreven, waarbij ze willens en wetens een grote mate van omzichtigheid hebben betracht om zoveel mogelijk ruimte te bieden voor flexibiliteit. En dat is vervolgens allemaal door het Hof van tafel geveegd, waarbij het Hof eigenlijk gewoon het oorspronkelijke voorstel van de Commissie tot wet heeft verklaard, zij het met “an appropriate transition period”, door het Hof zelf vastgesteld op ruim 1½ jaar. En dat alles onder verwijzing naar het Handvestartikel over non-discriminatie tussen mannen en vrouwen.

Dat had het EHRM inderdaad waarschijnlijk niet zo gedaan, nog afgezien van het feit dat die normaliter niet aan non-discriminatie doen. Een meer EHRM-achtige oplossing – zoals die ook in de Richtlijn zelf stond – was wat mij betreft te prefereren geweest.

Reactie achterlaten

{ 1 trackback }

Vorige post:

Volgende post: